Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

Computerprogramma helpt bladmuziek terugvinden

 Speeltafel van het Schnitger/Freytagorgel (1797) in de Magnuskerk van Bellingwolde.

Speeltafel van het Schnitger/Freytagorgel (1797) in de Magnuskerk van Bellingwolde.

Voor veel kerkorganisten is er werk aan de winkel nadat de koster het psalmbriefje heeft doorgegeven. De stapel bladmuziek thuis is tegelijk uitnodigend en ontmoedigend. Want wie componeerde dat fraaie voorspel bij Psalm 125 ook alweer? Jacob Blanke­stijn uit Veenendaal ontwikkelde het computerprogramma ”Muziekboeken”, dat spelers moet helpen door de bomen het bos te blijven zien.

Het programma is gratis te downloaden van zijn site www.jbb-v.nl/software. Voor liefhebbers zijn hier ook programma’s voor onder meer audioregistratie en clubadministratie te vinden. Een organist kan tegenwoordig kiezen uit honderden bruikbare psalmvoorspelen in allerlei stijlen. Het gevaar dat gemeenteleden bijna wekelijks dezelfde noten krijgen voorgeschoteld, is verleden tijd. Als de speler zijn taak tenminste serieus neemt.

Het ruime aanbod kent ook een keerzijde. Aansprekende en daardoor vaker gebruikte inleidingen op bekende psalmen blijven meestal wel op het netvlies staan. Bij voorspelen van onbekende psalmen ligt dat anders. Zulke composities worden na de aankoop enkele keren doorgenomen, belanden op de plank en raken –hoe fraai ze soms ook zijn– in de vergetelheid. Het is jammer als tijdens de voorbereiding op de kerkdienst veel tijd verloren gaat met het zoeken naar dergelijke werken. Dit probleem doet zich niet voor bij bundels van componisten die alle psalmen in volgorde behandelen. Toch kan het raadzaam zijn bijzondere voorspelen uit zo’n reeks te noteren.

Blankestijns computerprogramma biedt handvatten om stapels bladmuziek te beheren. Na het downloaden van het programma blijkt Access van Microsoft Office nodig om echt aan de slag te kunnen, maar de programmamaker legt uit hoe dit in z’n werk gaat. Een nadere toelichting bij het eigenlijke programma ontbreekt. Blankestijn gaat er blijkbaar van uit dat dit een eitje voor iedereen is. Toch zullen niet-doorgewinterde computeraars zich af en toe achter de oren krabben. Een enthousiaste beginneling loopt vast als hij andere dan de door Blankestijn vermelde componisten wil invoeren. Dan blijkt terugkeer naar het beginscherm noodzakelijk. Daar staan velden om nieuwe componisten, uitgevers of instrumenten toe te voegen.

Het is sowieso aan te raden zich niet direct op het invoeren van nieuwe muziekboeken te storten. Eerst moet een logische strategie herkend worden. Onder meer voor de benaming van de bladmuziek en de bijbehorende omschrijving. En, wat is zinvol om in het veld ”bijzonderheden” te vermelden?

Het handmatig invoeren van alle muziek vraag veel tijd. Alleen organisten met de nodige zelfdiscipline zullen deze monnikenklus tot een goed eind brengen. Wie volhoudt, zal veel gemak van Blankestijns software hebben. Dankzij de zoekfunctie op items als psalm, componist, instrument en uitgever verschijnen met enkele muisklikken alle benodigde gegevens op het scherm.

www.jbb-v.nl/software

Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
 
Reacties
Natuurlijk, improviseren in diverse stijlen dat leer je wel ff op een rustige zaterdagmiddag !
hendrik | Leiden | 16 nov 2011 - 21:34
 
Aanbevelenswaarig programma. Ik werkte voorheen met Excel voor het opzoeken van psalmbewerkingen. Maar heb dit programma gedownload en het werkt top! Kost wel even tijd om alles in te voeren (ben er nog wel ff mee bezig), maar dan heb je ook wat.

@ Erik: met alleen improviseren wordt het zonder gedegen ondericht ook maar saai en hetzelfde in de eredienst (wat je dan vaak ziet). Kies ook is bewerkingen van anderen! Er is zoveel moois waar je zelf gewoon niet op komt en waar je ook nog is veel van leert!

Kortom dit programma moet z'n weg vinden onder orgelliefhebbers tot hulp bij het uitzoeken van psalmbewerkingen en -voorspelen van je wekelijkse psalmbriefje en voor het ordelijk bijhouden van de inhoud van je muziekkast!
Coen | Arnemuiden | 14 nov 2011 - 22:14
 
Als organist kun je je er beter op toeleggen om zelf te leren improviseren en de schetsen hiervan te bewaren. Deze improvisaties zijn immers nooit gelijk en dat geeft een mooie variatie in de eredienst. Improviseer in verschillende stijlen: romantisch afgewisseld met barok, een modern uitstapje. Op die manier wijk je als organist af van de welgebaande wegen en ontwikkel je een eigen stijl. Luister veel naar anderen in zoveel mogelijk verschillende stijlen. En voor die organisten die zeggen dat ze niet kunnen improviseren: alles is te leren!
Erik Meinten | Zwolle | 14 nov 2011 - 20:38
 
Plaats een reactie
Naam
Woonplaats
E-mail
Bericht
 
Captcha
Verificatiecode

Hiermee wordt voorkomen dat via geautomatiseerde programma's reacties worden gemaakt en spam wordt verstuurd.

Door te reageren gaat u akkoord met de algemene voorwaarden.

 
Knipsels
    Meer uit deze rubriek