Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep
  Algemeen

Moeilijke momenten bij afscheid

 Anita, haar moeder en haar zusje. Foto’s Frans Andringa en Sjaak Verboom

Anita, haar moeder en haar zusje. Foto’s Frans Andringa en Sjaak Verboom

„Home sweet home.” Anita zwaait de deur van de woonkamer open, jaagt de hond van de bank, geeft de kat een aai en neemt plaats. Na een verblijf van tien maanden in een behandelcentrum van Jeugdhulp Friesland is ze weer thuis bij haar moeder, broer en zusje.
Met een glas ice tea in de hand blikt Anita (15) terug op de laatste periode dat ze bij Jeugdhulp verbleef. Een paar maanden geleden verrichte ze nog een taakstraf bij een kringloopwinkel, omdat ze een meisje had toegetakeld en in het bezit bleek van een boksbeugel. Dat is achter de rug. Of ze er iets van heeft geleerd? Anita knikt. „Ik ga niet weer iemand in elkaar slaan, want ik heb geen zin nog een keer ergens te moeten werken zonder dat ik er geld voor krijg.”

Het op een goede manier leren omgaan met haar agressie was een van de doelen waaraan Anita, bij wie de gedragsstoornissen ADHD en ODD werden vastgesteld, bij Jeugdhulp moest werken. Daarvoor volgde ze onder meer een Rots en Watertraining. „Daarvan heb ik niet veel geleerd. De therapie was bedoeld om m’n agressie te leren beheersen, maar het waren vooral lessen zelfverdediging. En mezelf verdedigen, dat kon ik al.”

Naarmate ze langer bij Jeugdhulp verbleef, stond Anita meer open voor de begeleiding die ze er kreeg. „Als de leiding iets tegen me zei, dacht ik eerst: Zeur niet, ik ben nu eenmaal zo. Later dacht ik: Als ik weer thuis wil wonen, moet ik me wel anders gaan gedragen.”

Anita herinnert zich een gesprek dat haar hielp de knop om te zetten. „Er was iets gebeurd waardoor ik niet lekker in mijn vel zat. Ik had een gesprek met Jeroen, een van de leiders, en mijn moeder. Jeroen zei: „Je hebt een muur om je heen gebouwd. Die moet steentje voor steentje worden afgebroken.” Dat gesprek was voor mij heel belangrijk. Vanaf dat moment dacht ik: Nu ga ik echt mijn best doen.”

Anita probeerde zaken die haar dwarszaten niet langer op te kroppen, maar er met anderen over te praten. „Elke keer als ik dat deed, zei Jeroen: Kijk, daar gaat weer een steentje.” Dat stimuleerde me. Ik dacht: Als ik zo doorga, mag ik weer naar huis. Uiteindelijk heb ik zelfs twee maanden korter bij Jeugdhulp gezeten dan eerst de bedoeling was. In mijn laatste week hadden we met de groep een kamp in Valkenburg, met als hoogtepunt een bezoek aan de Efteling. Dat was heel geslaagd. Na het kamp mocht ik naar huis.”

Taart

Afgelopen maand ging Anita nog een keer terug naar het behandelcentrum in Broeksterwoude voor een officiële afscheidsbijeenkomst. „We hebben met z’n allen taart gegeten. De groepsleden en de leiders vertelden wat ze het leukste moment met mij hadden gevonden. Jeroen zei: Je kwam binnen als een lief, klein schattig meisje dat sloeg als een kerel. Dat vond ik grappig. Veel mensen denken inderdaad dat ik lief en schattig ben, maar als het erop aankomt kan ik heel fel zijn.”

Anita vond het afscheid „gezellig, maar op sommige momenten ook even moeilijk. Annet, mijn mentor, zei dat ze me zou missen. Toen ik dat hoorde, dacht ik: Ja, ik zal deze mensen ook best missen. Ik heb toch tien maanden met hen doorgebracht. Het was niet altijd gemakkelijk, maar ik heb de hulpverlening wel nodig gehad om nu weer thuis te kunnen wonen.”


Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels