Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep
  Algemeen

„Mijn dolfijnengroep is een kleuterklas”

 Trainster Kim Hoekstra heeft geen voorkeur voor een bepaalde dolfijn. Ze houdt wel rekening met de mogelijkheden van het individuele dier. Foto Ruben Schipper

Trainster Kim Hoekstra heeft geen voorkeur voor een bepaalde dolfijn. Ze houdt wel rekening met de mogelijkheden van het individuele dier. Foto Ruben Schipper

Als de dolfijnen ruzie hebben of er eentje slecht in zijn of haar vel zit, gaat Kim Hoekstra (28), trainster bij het Dolfinarium in Harderwijk, niet het water in. „Als Maaike een slechte bui heeft, doe ik dat echt niet. Stel dat ze ruzie krijgt met een soortgenoot, dan kan ik er zomaar tussen raken.”
„Toe maar, hier, goed zo, jongen.” Kim Hoekstra voert buiten haar dolfijnen. Op deze grauwe morgen zijn er nog weinig bezoekers, een enkele klas schoolkinderen uitgezonderd. Met zekere hand geeft ze de dieren hun voer: vis. Hier deelt ze een knuffel uit, daar roept ze iets bemoedigends. De dolfijnen -hun pientere oogjes lijken te lachen- richten zich helemaal op hun verzorgster, die sinds vier jaar in het Dolfinarium werkt. Na het voeren zwemmen de dieren nieuwsgierig naar de bezoekers op het platform. Alsof ze vragen willen: wie zijn jullie?

Kim kan zich na het voeren een uurtje vrijmaken voordat de volgende training op het programma staat. Ze volgde de hbo-studie dierenmanagement, die zich richt op het leiden van dierenparken, maar werd dolfijnentrainster. „Ik heb bijna alles van het team geleerd: hoe de dolfijnen heten, hoe ze zich gedragen, wie er dominant is in de groep, wat hun specifieke kenmerken zijn, maar vooral de specifieke kenmerken van het trainen: hoe je een dier iets nieuws leert bijvoorbeeld.”

De trainster werkt in het leefgebied OdieZee, het buitenverblijf van het Dolfinarium. „Daar verblijft een gemengde populatie: mannetjes en vrouwtjes, jong en oud. De dolfijn die daar zwemt, is Skinny. Zij is 45, de veronderstelde maximumleeftijd van dolfijnen. Dit verblijf is geschikt voor de voortplanting. Nu het weer warmer wordt, gaan de hormonen opspelen.” Met resultaat. De afgelopen twee jaar werden vier jongen geboren.

Ze doet de totale verzorging van een groep van negentien dolfijnen. „Veel mensen denken dat ik de dieren alleen maar wat vis geef. Wat zij niet beseffen is dat ook voeren een training is. De dieren moeten bijvoorbeeld leren wachten op hun beurt. Een van de belangrijkste trainingen is de gezondheidstraining. Zo leren we het stilliggen aan, waarbij we overal op hun lijf mogen kijken, de dieren overal mogen aanraken, ademmonsters mogen nemen. Ook moeten ze leren hun staart te geven, om bloed af te laten nemen of om zich te laten temperaturen.”

Het privilege van de verzorgers is dat zij als enigen met de dolfijnen het water in mogen. Daarvoor is een lange training nodig. „De eis is dat je de dieren goed kent, hun lichaamstaal kunt lezen en dat er wederzijds vertrouwen is. Het duurt soms wel een jaar voordat je alle dieren goed kent.”

Ook Kim en de dolfijnen moesten eerst aan elkaar wennen. „De eerste maand waren ze lief voor mij, maar daarna probeerden ze me uit: niet reageren, op de rug liggen als ze moeten zwemmen, vis afpakken, de emmer met vis omgooien. Het zijn net kleuters. Mijn dolfijnengroep is een kleuterklas.” Toch gaat ze niet altijd het water in. „Als Maaike een slechte bui heeft, doe ik dat echt niet. Stel dat ze ruzie krijgt met een ander, dan kan ik er zomaar tussen raken.”

Kim doet ook de trainingen voor de shows. „We oefenen de salto door met een rode stok door het water een rondje te maken. De dolfijn heeft geleerd deze target, zoals we die stok noemen, te volgen en zal na lang trainen de ronddraaiende beweging ook volgen. Dat stimuleren we door positief gedrag te belonen, met een knuffel of een visje, en ongewenst gedrag te negeren.”

Ze houdt rekening met de mogelijkheden van de individuele dolfijn. „Dolfijnen zijn net mensen. Beachie bijvoorbeeld is een hark. Die moet je geen salto laten doen, maar hij maakt het mooiste bommetje door zich met een klap op het water te laten vallen.”

Een favoriete dolfijn heeft Kim niet. „Maaike is een van de beste. Die kan alles in de shows. Thea lijkt op mij. Dat is een echt ADHD-dolfijntje”, zo zegt ze met enige zelfspot. „Ze vindt alles leuk.”

De trainster vindt het naar als een dolfijn ziek wordt. „Afgelopen winter hebben we dat nog meegemaakt. Dan doen we er alles aan om het dier weer beter te maken. En als er een doodgaat, raakt me dat.”

Voorlopig heeft Kim het prima naar haar zin als dolfijnenverzorger. Als ze iets anders zou gaan doen, wordt het iets met educatie. „Ik zou dan de principes van de training van de dolfijnen naar de opvoeding van kinderen willen overbrengen. Dat is een veel positiever benadering dan nu meestal het geval is.”

voetnoot (u17(Dit is het eerste deel in een serie over een bijzondere verhouding tussen mens en dier.

Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels