Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep
  Algemeen

Met voorkeur voor tragiek

 Berglandschap, door Caspar David Friedrich.
 1 van 4  

Berglandschap, door Caspar David Friedrich.

Met de tentoonstelling ”Kijk op Europa” is een stukje Duitsland naar Brussel verhuisd. De tentoonstelling is georganiseerd door drie grote Duitse musea in het kader van het Duitse voorzitterschap van de Europese Unie. Het biedt de toeschouwer de mogelijkheid in een enkel museumbezoek een beeld te vormen van de enorme diversiteit die de Duitse kunst uit de negentiende eeuw kenmerkt.
Een belangrijke reden voor deze diversiteit is de grote reislust van Duitse kunstenaars in de negentiende eeuw. Ze trekken naar allerlei landen en dwingen zichzelf internationaal georiënteerd te zijn. In hun schilderijen vindt men daardoor oneindig veel invloeden en thema’s die ontleend zijn aan de landen die bij de Europese Unie horen.

De tentoonstelling wordt ’gelezen’ als een boek en begint als hoofdstuk I met Griekenland als de basis van de westerse beschaving. Daarna komt in elk hoofdstuk een land of streek aan bod. De beroemde historieschilderkunst van de Belgen komt in hoofdstuk IX aan de orde. In het tiende hoofdstuk volgt de Nederlandse schilderkunst met haar idyllische taferelen. Tot slot heeft ook de mythische kunstenaar Caspar David Friedrich (1774-1870) een aandeel in dit boek met zijn twaalf hoofdstukken.

Hoofdstuk I: Griekenland

In overeenstemming met de meeste boeken over de westerse kunstgeschiedenis begint de tentoonstelling bij het oude Griekenland. De Griekse oudheid met haar architectuur, beeldhouwkunst, mythen en sagen speelt in de gehele negentiende eeuw een belangrijke rol in de Duitse kunst. Zowel kunsthistorici als kunstenaars zien de cultuur van de oude Grieken als de ideale beschaving, dat als voorbeeld kan dienen voor het eigen land. Een van de kunstenaars die zich intensief met de bestudering van de antieken bezighouden, is Leo von Klenze (1784-1864). Op het schilderij ”Ideaal aanzicht van de Akropolis en de Areopagus in Athene”, heeft hij gepoogd een betrouwbare reconstructie te geven van deze bekende plaats. De mensen op het plein dragen antieke kleding en de tempels zijn, net zoals in de antieke oudheid, in allerlei kleuren geschilderd. Over de juiste kleuren van deze oude gebouwen, discussieerde Leo von Klenze overigens eerst uitgebreid met zijn tijdgenoten.

Hoofdstuk IX: België

Terwijl een kunstenaar als Leo von Klenze zich stort op de antieke oudheid, is er in de historiestukken een voorkeur voor tragische en dramatische scènes te ontdekken. Op historiestukken zijn vanouds geschiedenissen uit de Bijbel en de antieke oudheid afgebeeld. Daarop zijn doorgaans verheven momenten te zien, zoals de verheerlijking van Christus op de berg of een triomftocht van de antieke vorst Alexander de Grote. Onder invloed van de Belgische historieschilders krijgen Duitse schilders juist een voorkeur voor de tragische momenten uit de levens van vorsten en andere hooggeplaatste lieden. Een voorbeeld hiervan is te zien op ”Esther voor Ahasveros”. Esther is naar koning Ahasveros gegaan om de redding van haar volk te vragen. We zien echter geen vorstin vol heldenmoed, maar een vrouw, die bijna bezwijkt en ondersteund moet worden.

Hoofdstuk X: Nederland

De dramatiek die de Duitse historiekunst kenmerkt, lijkt in Nederland niet voor te komen. De invloed die Nederland op Duitse kunstenaars uitoefent, is een steeds realistischer schilderen van het leven van alledag. Een van de belangrijkste kunstenaars die sterk door de Nederlandse kunst worden beïnvloed, is Max Liebermann (1847-1935). Deze schilder is gefascineerd door de eenvoudige levenswijze van bijvoorbeeld vissers en boeren. Hij heeft veel contact met de schilders van de Haagse School, die zich ook richten op thema’s uit het leven van alledag. Terwijl een historiestuk als ”Esther voor Ahasveros” in een gedetailleerde en gladde techniek is geschilderd, gebruikt Liebermann een veel grovere, schilderachtige toets. Van zijn hand is bijvoorbeeld het idyllische tafereel ”Amsterdamse weesmeisjes”. In Duitsland ontstaat in het laatste kwart van de negentiende eeuw een ware ’Hollandse mode’. Eenvoudige Hollandse meisjes met mooie, witte kapjes die in het zonnetje aan het werk zijn, zijn geliefde motieven voor deze ’realistische’ schilderkunst.

Epiloog

Voor wie tot nu toe alleen de schilderijen van de beroemde Duitse schilder Caspar David Friedrich kende, is de tentoonstelling ”Kijk op Europa” een nieuw verhaal. Met schilderijen als ”De monnik aan de zee” is ook hij vertegenwoordigd. Zijn mysterieuze en kale landschappen met eenzame mensen en verlaten ruïnes maken telkens opnieuw indruk. Op deze tentoonstelling is Friedrich niet de kunstenaar die boven alle tijdgenoten uitstijgt, maar krijgt hij zijn royale plek tussen de meesters van dramatische historiestukken, stormende landschappen, stemmige gotische gebouwen, geïdealiseerde Griekse taferelen en genoeglijke aanblikken van naaiende meisjes.

Juist doordat de tentoonstelling zich niet beperkt tot enkele wereldberoemde meesters, is het geheel complex. De 150 werken verschillen sterk van elkaar. Er zit een eeuw verschil tussen het oudste en het jongste schilderij en de werken beslaan een gebied dat in grote lijnen overeenkomt met de omvang van de Europese Unie. Het is duidelijk dat men een omvangrijk thema als dit nooit volledig weer kan geven. Dit betekent bijvoorbeeld dat de Duitse schilderijen waarop de Nederlandse kust het hoofdthema is niet aan bod komen. Ze beperken zich om het overzicht te bewaren tot schilderijen, waarop eenvoudige mensen het hoofdthema vormen.

Ondanks zulke beperkingen en de complexiteit van de Duitse kunst in de negentiende eeuw, is het een tentoonstelling waar een kunsthistoricus op het gebied van de negentiende eeuw niet omheen kan. Wie net als de Duitsers in de negentiende eeuw, een kijkje over de grens durft te nemen, moet zeker voor dit stukje Duitsland afreizen naar Brussel.

”Kijk op Europa” is tot en met 20 mei 2007 te zien het Paleis voor Schone Kunsten, Ravensteinstraat 23 te Brussel. Meer informatie: www.bozar.be en www.blicke-auf-europa.de. Voor tickets: 0031-25078200.

Duitse schilderkunst in het licht van de Europese eenwording

Het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel staat tot 20 mei in het teken van Duitsland en Europa. Vanwege het Duitse leiderschap van de Europese Unie in de eerste helft van 2007, wijdt men in de hofstad van de Europese Unie drie tentoonstellingen aan Duitse kunst. De eerste en belangrijkste tentoonstelling in deze reeks is ”Kijk op Europa”.

Het symbool van de tentoonstelling is een portret dat in 1802 is geschilderd door de Duitse kunstenaar Christian Gottlieb Schick (1776-1812). Een vrouw, gezeten op een antiek bankje, kijkt met een open blik in de richting van de toeschouwer. Achter haar is een ongerept landschap te zien en in haar handen houdt ze enkele veldbloemen.

Schick heeft zijn opleiding gevolgd bij de classicistische schilder Jacques-Louis David (1748-1825), vooral bekend als de hofschilder van Napoleon. De kleuren van de Franse vlag in de kleding van de vrouw en de Frygische muts, het symbool van de Franse revolutie, laten deze Franse invloeden duidelijk zien. Dit maakt deze vrouw, die vrijmoedig in de richting van de toeschouwer kijkt, tot een symbooldrager van deze tentoonstelling over de blik van de Duitser op Europa.

De vraag waarom men in het licht van de Europese eenwording uitgerekend de kunst van de negentiende eeuw gekozen heeft, komt al snel boven. Wie enigszins op de hoogte is van het kunstleven in deze periode, weet dat kunstenaars een ongekende reislust hebben. Duitse kunstenaars hebben er totaal geen moeite mee grenzen te overschrijden en maken studiereizen naar alle landen die nu tot de Europese Unie behoren. In hun werk komt dit tot uiting in de oneindig veel verschillende thema’s en stilistische invloeden.

Er is ook een historisch element dat de Duitse schilderkunst uit de negentiende eeuw tot een geschikt thema maakt. Zoals de Europeaan op zoek is naar de Europese identiteit, is de Duitser in de negentiende eeuw op zoek naar een nieuwe, nationale identiteit. Duitsland is nog niet de eenheid zoals het die nu is. Het land bestaat uit meer staten, die in het begin van de negentiende eeuw het hoofd moeten bieden aan de toenemende macht van Napoleon. De achtergrond van oorlogen en conflicten tussen de staten is terug te vinden in de thematiek van de schilderkunst. Dit is vooral te zien in de schilderijen die dramatische en tragische gebeurtenissen uit de geschiedenis van het eigen land verbeelden.

Toch benadrukken de organisatoren dat deze tentoonstelling geen politieke presentatie is. Hiermee bedoelen ze in de eerste plaats dat ze niet de politieke geschiedenis van Duitsland laten zien. Ze tonen de artistieke wortels van de Europese cultuur aan de hand van Duitse schilderijen. Aan de andere kant wil men ook niet koste wat het kost de bezoeker het idee geven dat Europa al in de negentiende eeuw een soort Europese Unie is. Voor een staaltje Europese propaganda zijn de lijnen die gelegd worden tussen de verschillende landen te bescheiden van karakter. Men lijkt Duitsland te zien als de spin midden in een web, opgebouwd uit 150 ragfijne, kunstige draden.

Catalogus

Bij de tentoonstelling ”Kijk op Europa” is een gelijknamige catalogus uitgegeven, die dieper ingaat op Europa en de rol van de Duitse schilderkunst in de negentiende eeuw. In de inleidende artikelen wordt ingegaan op het kunstonderwijs in Duitsland en op de internationale instelling van Duitse schilders. Daarna volgen de hoofdstukken I tot en met XII zoals ze op de tentoonstelling te vinden zijn. Per land of hoofdstuk volgt er eerst een essay waarin de verhouding van Duitsland tot de desbetreffende streek aan de orde komt. Daarna zijn de afbeeldingen te vinden van de kunstwerken die in dat hoofdstuk te zien zijn op de tentoonstelling. Achter in de catalogus zijn bij alle 150 schilderijen korte, informatieve teksten. De catalogus, omvang 416 pagina’s, kost € 38,00 en is in het Duits, Engels en Frans te verkrijgen. Bij de Engelse uitgave zit een Nederlandstalige bijlage. (ISBN 978 3 757 1940 7 (Duitse uitgave) en ISBN 987 3 7757 1941 4 (Engelse uitgave)).

Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels