Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep
  Algemeen

Meer griepvaccin met hondenniercellen

 Griepprik Foto's Solvay Pharmaceuticals
 1 van 5  

Griepprik Foto's Solvay Pharmaceuticals

Fabrieken voor de productie van griepvaccins schieten als paddenstoelen uit de grond. In Nederland werken drie farmaceuten aan een nieuwe techniek op basis van cellen. De huidige methode die gebruikmaakt van bebroede kippeneieren werkt al zestig jaar uitstekend en is veilig. Waarom dan toch deze nieuwe ontwikkeling?
„Het groeien van virus in eieren is een buitengewoon oude, beproefde methode om vaccin te maken”, stelt dr. Bram Palache van Solvay Pharmaceuticals in Weesp. „Heel veel soorten vaccin worden hierin gemaakt en het werkt ook voor influenza.”

Solvay en andere farmaceuten maken ieder jaar een nieuw griepvaccin, omdat het virus snel verandert. Het afweersysteem van iemand die eerder griep heeft gehad, herkent het daardoor niet meer, zodat het virus opnieuw ziekte kan veroorzaken.

Voor gezonde mensen is dat niet zo’n probleem; die zijn meestal na een week weer op de been. Ouderen en mensen met een zwakke gezondheid kunnen echter in het ziekenhuis belanden en zelfs overlijden aan complicaties, zoals longontsteking. Voor deze laatste groepen is de griepprik dan ook bedoeld.

Het vaccin bevat delen van de griepvariant waarvan de Wereldgezondheidsorganisatie inschat dat die gedurende de komende winter ziekte zal veroorzaken (zie kader ”Race tegen de klok”). Na inenting maken mensen antistoffen tegen de toegediende dode virussen. Hiermee herkent hun lichaam het levende virus als het daarmee in aanraking komt en worden ze niet ziek -of niet zo ernstig- als wanneer ze niet ingeënt zouden zijn.

Ei-onafhankelijk

Een van de voordelen van vaccinproductie in niercellen -ten opzichte van kippeneieren- zou tijdwinst zijn. Toch kan een marge van een paar weken op een productieproces van zes maanden geen reden zijn om een nieuwe fabriek te bouwen.

Volgens Palache van Solvay biedt de maximale productiecapaciteit van een celkweekfabriek ook maar een betrekkelijk voordeel. „Nu bepaalt de toevoer van eieren onze capaciteit. Maar cellen hebben net zo goed een bepaalde capaciteit.” Wel biedt celkweek meer flexibiliteit. „Het is mogelijk een paar weken langer door te produceren en zo een paar miljoen doses extra te maken. Met de huidige legschema’s van kippenbedrijven kan dat niet.”

„Het echte voordeel zit ’m in ei-onafhankelijkheid”, stelt Palache. De uitbraak van vogelgriep in Nederland in 2003 is hier een goede illustratie. „Op een dag zaten onze eierleveranciers in een gebied met een vervoersverbod. De aanvoer dreigde droog te vallen. In overleg met het ministerie van Landbouw zijn toen maatregelen genomen, zodat we eieren naar de fabriek konden blijven brengen. Dit leerde ons wel hoe kwetsbaar je bent met eieren.”

Eenzelfde scenario kan zich in de toekomst voordoen met de griepvariant H5N1, die op dit moment ziekte veroorzaakt onder pluimvee in Zuidoost-Azië, Turkije, Afrika en Europese landen zoals Turkije en Italië. Gevreesd wordt dat het dodelijke virus zich onder mensen gaat verspreiden, met als gevolg een pandemie die miljoenen mensenlevens zou kunnen eisen. Palache: „Als kippen in Nederland de ziekte krijgen, worden ze geruimd. Hiermee kan de jaarlijkse vaccinproductie worden lamgelegd en ook dat van een pandemisch vaccin tegen H5N1.”

Addertje

De nieuwe celkweekfabriek van Solvay is over een paar maanden klaar voor gebruik. Nobilon, een dochteronderneming van Akzo-Nobel, en het biotechnologie bedrijf Crucell werken aan eenzelfde faciliteit.

Solvay wil kweek van hondenniercellen gebruiken om de huidige productiecapaciteit in kippeneieren uit te breiden. Palache: „Toen we aan deze ontwikkeling begonnen, wisten we dat de vraag naar de griepprik toe zou nemen. Je gaat geen nieuwe fabriek bouwen, alleen om voldoende vaccins voor een pandemie te maken die misschien komt, misschien ook niet. Dat zou jarenlang leiden tot overproductie van miljoenen doses.

Met een grotere vraag en daarmee de uitbreiding van de jaarlijkse vaccinproductie zijn we ook beter uitgerust om een pandemie het hoofd te bieden.” Bij uitbraak van een wereldwijde epidemie bepaalt de jaarlijkse capaciteit hoeveel pandemisch vaccin er valt te maken. Oorzaak is de korte bruikbaarheid van de entstof. „We kunnen de griepprik niet op de plank leggen en kijken dus wel uit om te veel te maken. In geval van een pandemie is het onmogelijk de productie zomaar te verdubbelen.”

Palache is er voorstander van om standaard 33 procent van de bevolking in te enten. Nu krijgt ongeveer 20 procent van de Nederlanders jaarlijks de griepprik. Het huidige vaccin bevat drie verschillende influenzavirussen. In geval van een pandemie hoeft het spuitje maar één type te bevatten; alleen dat virus dat de ernstige ziekte veroorzaakt. „Het moet dan mogelijk zijn drie keer zo veel doses te maken. Uitgaande van 33 procent gevaccineerden is dat dan genoeg voor de hele bevolking”, rekent Palache voor.

Hier schuilt echter een addertje onder het gras. Wanneer een compleet nieuwe variant van het griepvirus opduikt, heeft de bevolking niets aan de basisbescherming die ze opgebouwd heeft door eerdere besmettingen. Uit onderzoek blijkt dat een pandemisch vaccin in dit geval veel meer virus dan de jaarlijkse griepprik moet bevatten voordat een goede, beschermende afweerreactie optreedt. „Stel, er is twaalf keer zo veel nodig, dan hebben we een twaalf keer zo kleine capaciteit. Het maken van een vaccin met één, in plaats van drie typen levert drie keer zo veel op. Maar al met al produceren we dan nog vier keer zo weinig doses. En dat terwijl de vraag explosief toeneemt.”

Door het toevoegen van een stof die het afweersysteem prikkelt, een adjuvant, is de reactie op de entstof te verbeteren. „Fabrikanten doen daar nu proeven mee.” Ze hopen hiermee de hoeveelheid die nodig is voor een voor pandemisch vaccin terug te brengen tot de hoeveelheid die nodig is voor het jaarlijkse vaccin.

Palache: „Ik hoop dat de natuur ons voldoende tijd geeft om een pandemie voor te bereiden. Als het morgen gebeurt, ziet het er niet goed uit, want we zijn er nog lang niet. Als de uitbraak over een jaar of vijf komt, zijn we veel beter in staat het probleem redelijk aan te pakken.”


Lees ook: Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Gerelateerde artikelen