Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep
  Algemeen

Luchtig ritje

 Rijden op lucht. Het prototype van MDI International rijdt over het industrieterrein in La Gaude, onder de rook van Nice.
 1 van 10  

Rijden op lucht. Het prototype van MDI International rijdt over het industrieterrein in La Gaude, onder de rook van Nice.

„Steek je neus in de uitlaat en adem diep in.” Even snel ruiken. Niets. Iets langer nu. Geen spoor van uitlaatgassen bij dit busje. Alleen maar lucht, gewoon frisse lucht.
Op het gezicht van Allan Zaire verschijnt een brede grijns. „Lekker hè? Net zo schoon als de lucht die erin ging. Stap maar in, want rijden doet-ie er ook op.” Met een brommobielachtig geluid zet de bus zich in beweging. Het is duidelijk dat dit geen gewone auto is. Onder de motorkap is een wat vreemd geplof te horen. We rijden op lucht.

„Let niet op de draadjes, knoppen of het harde geluid”, aldus Zaire, woordvoerder van MDI International, een Frans bedrijf dat een luchtaangedreven motor ontwikkelt. „Dit is een prototype. De auto’s die straks in productie gaan, voldoen allemaal aan de Europese normen.”

Normen of niet, het busje rijdt. De acceleratie is behoorlijk, te vergelijken met de eerste generatie smart. Op een fabrieksterrein vlak bij Nice durft de techneut achter het stuur niet harder dan 40 kilometer per uur. Toch is het duidelijk merkbaar dat het busje harder kan. Ondertussen pruttelt de motor er vrolijk op los.

De testauto is eigendom van het Franse ingenieursbedrijf. Sinds 1991 probeert eigenaar en oprichter Guy Negre een luchtaangedreven auto op de markt te brengen. Nu, anno 2008, lijkt het ervan te komen. „Aan het einde van dit jaar gaan we productie draaien. Een vierpersoonsluchtauto zal zo’n 3500 euro kosten.”

Begin deze maand maakte Negre een flinke stap, toen Tata Motors een contract tekende voor de afzet van de MDI-motor in India. Tata beheerst een belangrijke afzetmarkt in het land en maakte in januari dit jaar furore met de presentatie van de Tata Nano, ’s werelds goedkoopste auto.

Het contract met deze Indiase grootmacht vormt de afsluiting van een aantal moeilijke jaren, aldus Zaire. „Tussen 2002 en 2006 heeft MDI het heel zwaar gehad. Van de zestig werknemers die er begin 2000 werkten, bleven er vier of vijf over.” De oorzaak? „Er ontstond een sterke lobby tegen ons. Die kwam wonderlijk genoeg niet uit de oliesector.” Waar dit tegengas dan wel vandaan kwam, wil hij niet zeggen. „Geen bewijs”, is zijn simpele verklaring. De auto-industrie misschien? „Wie weet. Feit is dat we de afgelopen jaren hebben overleefd. Nu lopen hier weer meer dan veertig mensen rond.”

De lobby tegen het bedrijf is volgens Zaire de enige reden waarom het allemaal zo lang duurde. „Met Tata achter ons ziet het er zowel financieel als op het gebied van acceptatie een stuk beter uit. Overigens is het opvallend dat de overheid nog steeds niets van zich heeft laten horen. Pas toen Tata het contract tekende, heeft een minister toegegeven dat het misschien slimmer was geweest zich iets meer met ons te bemoeien.”

Verwarmd
Eind dit jaar wil MDI productie gaan draaien met de zogeheten OneCats. Dit is een vierzitspersonenauto, uiteraard voorzien van een luchtmotor. De toevoeging Cat komt van Compressed Air Technologie. Het draait in de motor dan ook allemaal om samengeperste lucht (zie kader).

De basis van de motor is relatief eenvoudig. Perslucht wordt via een inlaatklep ingebracht in een kleine cilinder. Door de druk maakt de zuiger een slag; op en neer. Deze kleine zuiger zet een groter exemplaar in werking die door de neerwaartse slag extra veel lucht kan aanzuigen. Wanneer de zuiger naar boven komt, gaat de inlaatklep dicht en de uitlaatklep open.

„Dit eenvoudigste model gebruiken we voor auto’s die niet harder rijden dan 50 kilometer per uur”, legt Zaire uit. „Ze kunnen wel harder, maar dan is de perslucht eerder op. De actieradius is onder normale omstandigheden zo’n 100 kilometer.”

Om meer pk’s te krijgen, monteerde MDI tussen de persluchttank en de zuiger een verwarmingselement. Verwarmde lucht heeft meer volume, waardoor de druk bij inspuiting in de cilinder flink hoger is. Hierdoor is de slag krachtiger en de motor dus sterker.

Voorwaarde is dat er voldoende perslucht in de tank is opgeslagen. Deze afhankelijkheid heeft MDI weten te ondervangen door in de motor een luchtpomp te plaatsen die zuurstof uit de buitenlucht haalt en samenperst. Zaire: „De lucht die over is, wordt in de tank opgeslagen. De uitgebreidste motor heeft bij normaal gebruik een actieradius van ongeveer 200 kilometer.”

Compressor
In de fabriekshal staat een aantal modellen. Opvallend is dat de carrosserie uit één geheel bestaat. Het gebruikte materiaal is een soort carbonfiber: een bijzonder hard soort kunststof dat vooral in de racewereld en voor motorfietsen wordt gebruikt. Een groot voordeel hiervan is het geringe gewicht. Een OneCats zal dan ook niet meer dan 380 kilo wegen, wat gunstig is voor het op snelheid brengen van de auto.

Tanken kan op twee manieren: bij een speciaal pompstation of thuis via het elektriciteitsnet. „Bij de pomp kost het drie minuten”, legt Zaire uit. „Je tankt namelijk samengeperste lucht. Thuis kun je de auto via de stekker aan het elektriciteitsnet leggen. Een compressor in de auto zorgt ervoor dat de tank in drie tot vier uur weer vol zit.”

Helemaal onafhankelijk van fossiele brandstoffen is de luchtauto niet. Het verwarmingselement vraagt om diesel of benzine. „Of ethanol, dat maakt niet uit”, voegt Zaire eraan toe. Na een rekensommetje blijkt dat een rit van 200 kilometer ongeveer 1,50 euro kost, puur afgaand op de brandstofkosten. „Doe daar nog wat kosten bij voor elektriciteit of tanken aan de pomp en je komt in theorie uit op ongeveer één cent per kilometer.”


„Productieketen zo schoon mogelijk”
Zet een grote fabriek neer, haal overal je onderdelen vandaan, maak ter plekke elke minuut een auto en transporteer die weer over de hele wereld. Dat is de traditionele manier van auto’s maken. MDI wil niet alleen onderscheidend zijn qua aandrijving, het hele concept van autofabricage gaat op de schop.

Het idee is te vergelijken met McDonald’s. In alle landen moeten straks kleine fabriekjes ontstaan, identiek aan het model in La Gaude, een stadje nabij Nice. Wanneer een ondernemer een MDI-licensie wil, moet hij een bepaald bedrag betalen. Voor dit bedrag wordt een complete fabriek, inclusief machines en andere benodigdheden, neergezet.

Allan Zaire, woordvoerder van MDI, legt uit: „We zorgen ervoor dat 80 procent van de onderdelen in de fabriek zelf gemaakt wordt. Dat scheelt heel veel logistieke rompslomp. Daarnaast is het zo dat de consument de auto niet bij een dealer, maar bij de fabriek zelf koopt.”

Ter verduidelijking beschrijft Zaire de gang van zaken bij de Franse Renaultfabriek. Daar worden eerst allerlei onderdelen van over de hele wereld naar Renault gebracht. Nadat de auto in elkaar is gezet, gaat het voertuig naar een distributiecentrum om verscheept te worden. „In de haven is een gigantisch terrein speciaal voor al die auto’s gereserveerd. Eenmaal aangekomen in het land, gaat de auto naar de dealer, die hem uiteindelijk aflevert bij de consument. Dat kan volgens ons veel slimmer.”

Door de meeste onderdelen zelf te produceren en meerdere kleine fabrieken in een land te zetten, wil MDI de slagkracht vergroten en de distributiekosten verkleinen. „Wij hoeven niet met onze auto’s te slepen. Dat scheelt niet alleen kosten, maar ook veel CO2-uitstoot. Onze auto’s zijn milieuvriendelijk, maar we proberen de productieketen ook zo schoon mogelijk te maken.”

Renault levert elk jaar 375.000 auto’s af. Bij een vermogen van 7500 auto’s per jaar per fabriek, zou MDI vijftig fabrieken nodig hebben om deze capaciteit te halen. Omdat het identieke fabrieken zijn, liggen de investeringskosten per eenheid relatief laag, aldus Zaire. „Bij gewone autofabrieken is alles zo complex. Denk aan een ziekenhuis, een eigen brandweer, noem maar op. Dat hebben wij allemaal niet nodig.”

Een licensiehouder is zelfstandig ondernemer, maar krijgt ondersteuning van MDI, onder meer op het gebied van promotiecampagnes. Ongeveer 10 procent van de verkoopprijs gaat naar MDI. Zaire heeft de afgelopen weken een aantal contracten afgesloten. Europese landen zitten er nog niet bij, maar dat is volgens hem een kwestie van tijd. „We hebben al veel Europese aanvragen gekregen. Eerst gaan we hier in La Gaude productie draaien om de meeste kinderziektes eruit te halen. Daarna gaan we uitrollen. Als een ondernemer wil beginnen, staat binnen zes maanden de fabriek klaar.”

Behalve de OneCats zullen ook MiniCats en MultiCats van de band gaan rollen. De MiniCats is een stadsautootje…tje, terwijl de MultiCats als bus en als vrachtwagen kan worden ingezet. MDI heeft zelfs aspiraties voor een vliegtuigmotor en industriële toepassingen, zoals motoren in machines en heftrucks.

Het eerste en belangrijkste doel is echter de auto-industrie. „We willen in elk land in ieder geval één procent van de markt in handen krijgen. Dan zijn we meer dan tevreden.”

Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    13-05-2010 Basismotor
    Werking van de basismotor. Samengeperste lucht gaat vanaf de tank naar de cilinder en wordt ingespoten. Hierdoor gaat de zuiger naar beneden en zet de grote zuiger in werking.