Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep
  Algemeen

Krediet als krentenbrood

Centrale banken hebben de financiële markten sinds vorige week aan een infuus gelegd van honderden miljarden euro’s om een ontluikende liquiditeitscrisis te bezweren. Wereldwijd reageerden aandelenmarkten heftig op de noodingrepen. In de financiële sector lijkt de rust weer enigszins hersteld, al blijken beleggers daar nog lang niet van overtuigd. „De ECB zal het toezicht op de markt verscherpen. Reken maar. Centrale bankiers zijn niet gek.”
In vier tranches pompte de Europese Centrale Bank (ECB) sinds vorige week ruim 200 miljard euro in de bankensector om te voorkomen dat banken een geldtekort zouden krijgen bij hun onderlinge transacties. Centrale bankiers in onder meer Azië en Amerika volgden dit voorbeeld.

Een succesvolle actie, zo verzekerde ECB-president Jean-Claude Trichet eerder deze week. De situatie op de financiële markten zou zich inmiddels weer „normaliseren.”

Toch steken er her en der verwijten de kop op als zou de ECB met zijn monetaire injectie de financiële instellingen een vrijbrief hebben gegeven voor toekomstig roekeloos gedrag. Banken en hedgefondsen, die de huidige crisissituatie hebben veroorzaakt, komen er nu wel heel gemakkelijk van af, luidt de gedachte. Wie zijn billen brandt, moet toch op de blaren zitten?

Een onzinredenering, stelt Sylvester Eijffinger, hoogleraar financiële economie aan de Universiteit van Tilburg. Centrale banken móésten volgens hem wel ingrijpen. Er dreigde een serieuze ontwrichting op de financiële markten. „De situatie was te riskant om uit te laten woeden. Banken raakten acuut in geldnood. De ECB moet dan gewoonweg hulp bieden. Dat staat zelfs in zijn statuten.”

Eijffinger, die zitting heeft in een door het Europese Parlement ingesteld panel dat driemaandelijks het beleid van de Europese Centrale Bank beoordeelt -„in feite ben ik de enige officiële ECB-watcher in Nederland”- noemt alle ophef die er is ontstaan over de noodingreep van de centrale bank overtrokken. „Wekelijks leent de ECB zo’n 100 miljard euro uit aan de bancaire sector. Banken staan permanent en collectief rood bij Trichet.”

Inmiddels lijkt de rust enigszins weergekeerd op de financiële markten, al woeden de problemen op de Amerikaanse hypotheekmarkt op de mondiale beurzen vooralsnog onverminderd door. Zo is in nauwelijks twee weken tijd de complete winst verdampt die de AEX-index sinds het begin van dit jaar heeft geboekt.

Maar hoewel er vast nog wel ergens een fonds zal omvallen of een bank in de problemen raakt, écht grote verrassingen verwacht de Tilburgse hoogleraar niet meer. „Centrale bankiers hebben het afgelopen weekeinde indringend met elkaar en met de financiële sector gesproken. De risico’s zijn nu, denk ik, aardig in kaart gebracht.”

Rendement
Wel verwacht Eijffinger dat centrale banken op korte termijn maatregelen zullen nemen om de oorzaak van de huidige crisis in de toekomst te vermijden. Want dat er iets grondig mis is in de wereld van het grote geld staat volgens hem wel vast.

Onder invloed van historisch lage rentestanden in vooral Amerika en een overvloed aan kapitaal uit opkomende economieën zoals China en Rusland vlogen risicovolle kredieten in de afgelopen jaren over de toonbank als krentenbrood bij de bakker.

Om almaar hogere rendementen te behalen, werd er met het schier onbegrensde geld steeds meer risico genomen. De problemen die nu zijn opgedoken met ”slechte” Amerikaanse hypotheken zijn hier slechts een voorbeeld van.

Hedgefondsen en banken ontplooiden in toenemende mate activiteiten die op papier weliswaar losstonden van de bancaire sector, maar waarvoor wel een open kredietlijn was overeengekomen met de banken, weet Eijffinger. „Banken moesten vorige week plotsklaps geld bijpassen omdat deze zogeheten derivaten door de malaise met Amerikaanse hypotheken in problemen geraakten.” Daardoor moest ook de ECB interveniëren.

Volgens de Tilburgse hoogleraar waren centrale banken duidelijk niet op de hoogte van de open kredietlijnen van banken met de dubieuze fondsen. „Reken maar dat de huidige gebeurtenissen nog een staartje zullen krijgen. De ECB zal het toezicht op de sector flink verscherpen. Centrale bankiers zijn niet gek.”

Volgens Eijffinger dachten banken en hedgefondsen alle risico’s netjes te hebben ingecalculeerd, aan de hand van ingenieuze rekenmodellen. „Maar modellen kunnen de economische rede natuurlijk nooit vervangen. En dat is ook wel gebleken. In een weerzinwekkend tempo bleken risico’s niet meer te waarderen.”


Waar is de ECB mee bezig?

Marcel ten Broeke

Voor het eerst sinds de terreuraanslagen in de Verenigde Staten in 2001 intervenieerde de Europese Centrale Bank (ECB) sinds vorige week diverse keren in de financiële markten. Wat is er aan de hand?

Waarom injecteert de ECB plotseling zo veel geld in de bancaire sector?
De centrale bank wilde hiermee voorkomen dat er op de financiële markten een acuut tekort aan krediet zou ontstaan, een zogenoemde credit crunch. Banken zijn plotsklaps weigerachtig om elkaar kredieten te verlenen om de dagelijkse tekorten aan te vullen.

Vorige week donderdag nam hierdoor de kredietvergoeding die de banken onderling in rekening brengen in nauwelijks een uur tijd toe met een halve procentpunt, wat leidde tot een paniekstemming op de financiële markten. Toen greep de ECB in, voor het eerst sinds de terreuraanslagen in de Verenigde Staten van 11 september 2001.

Waarom lenen banken elkaar dan niet meer zo graag geld?
Het lijkt erop dat banken elkaar niet meer vertrouwen. Ze zijn niet langer overtuigd van elkaars kredietwaardigheid. Door een sneeuwbaleffect van de problemen op de Amerikaanse markt voor hypotheken worden steeds meer financiële instellingen geconfronteerd met onverwachte verliezen. Door de complexiteit van de materie is onduidelijk wie er nog meer getroffen kan worden en in welke mate.

Omdat niemand weet wie het volgende slachtoffer is, durven banken elkaar eigenlijk niets meer te lenen, uit angst dat ze vervolgens naar hun geld kunnen fluiten.

Wat was de aanleiding voor deze crisis?
In de VS zijn de afgelopen jaren hypotheken verstrekt aan mensen die nauwelijks kredietwaardig zijn, zogeheten subprimeleningen. Banken durfden dit risico wel aan omdat de rente laag was en de huizenprijzen in Amerika al jaren in de lift zaten. Door een oplopende rente raakt een toenemend aantal Amerikanen echter in de problemen met de maandelijkse aflossing. Ze zadelen daardoor financiële instellingen -die het onderpand van de hypotheken al zagen verdampen door een plotseling dalende woningprijs- op met tekorten. Verschillende kleinere Amerikaanse hypotheekbanken zijn hierdoor al omgevallen. De problemen met Amerikaanse hypotheken zijn inmiddels ook overgeslagen naar Europa doordat banken hun uitstaande hypotheken hebben gebundeld en samengevoegd met andere leningen (bijvoorbeeld creditcardschulden) in zogeheten mandjes doorverkochten aan schuldbeleggers, zoals hedgefondsen.

Ondervinden ook Nederlandse instellingen problemen?
Ook in Nederland hebben banken, pensioenfondsen en verzekeraars via complexe beleggingsproducten geld gestoken in ’slechte’ Amerikaanse hypotheken. Maar als we deze instellingen zelf mogen geloven, zijn de gevolgen hiervan verwaarloosbaar.

Overigens, ook De Nederlandse Bank (DNB) schatte de risico’s voor Nederlandse financiële instellingen onlangs nog als „beperkt” in. Verder verwacht DNB geen betalingsproblemen met Nederlandse hypotheken, onder meer omdat hypotheekvormen zoals op de Amerikaanse subprimemarkt hier eigenlijk niet voorkomen en de acceptatievoorwaarden in Nederland strenger zijn.

Kan de malaise op de kredietmarkt leiden tot een economische crisis?
In theorie kan de kredietzeepbel die in de afgelopen jaren door een ongebreidelde schuldverlening is ontstaan, knappen. Wanneer de schuldverlening op de financiële markten door de problemen met de Amerikaanse hypotheken (gedeeltelijk) stil komt te liggen, stijgt de rente snel, waardoor consumenten en bedrijven hun bestedingen en investeringen zullen uitstellen. Dit kan de economische groei remmen.

Het lijkt er vooralsnog op dat de wereldeconomie echter wel tegen een stootje kan. De vooruitzichten voor de toekomstige economische groei zijn onverminderd goed. Ook presenteren veel bedrijven fraaie winsten.

Wie zijn er, afgezien van schuldbeleggers, nu al wel de dupe?
Dat zijn vooral private-equityfondsen, instellingen die de laatste jaren met voornamelijk geleend geld bedrijven opkochten om ze vervolgens, al dan niet in onderdelen, door te verkopen met een fraai rendement. Omdat banken en schuldbeleggers nu terughoudend zijn geworden met het verstrekken van leningen, zijn zowel nieuwe als lopende overnames door private-equityfondsen moeilijker te financieren. Deze instellingen zullen op zijn minst genoegen moeten nemen met lagere rendementen nu schuldbeleggers een hogere risicopremie eisen.


Trichet waakt over ons geld

Drs. A. A. C. de Rooij

In één keer bracht hij vorige week bijna 100 miljard (!) euro in omloop; zomaar uit het niet. Hoe dat precies werkt, is razend ingewikkeld. Het resultaat gaat elke burger aan. Jean-Claude Trichet moet ervoor zorgen dat ons geld zijn waarde houdt. Hij bewaakt de stabiliteit van het financiële stelsel.

Wat er in de wereld van de grote kapitaalstromen allemaal gebeurt, valt voor buitenstaanders moeilijk te doorgronden. Mensen achter beeldschermen letten scherp op bewegingen in de grafieken en op signalen die vanuit de cijferbrij opdoemen. Snel reageren, luidt voor hen het motto. De bedragen die dagelijks in de dealingrooms worden verhandeld, zijn van duizelingwekkende omvang.

Trichet, de president van de Europese Centrale Bank (ECB), speelt een belangrijke rol in dat complexe circuit. Hij opereert als de hoeder van de euro. Hij weet zich bij die taak gesteund door de man en de vrouw in de straat, want die rekenen erop dat munten, biljetten en banktegoeden rijkdom verschaffen en dat je er zonder problemen van alles mee kunt kopen. Vertrouwen is in dat verband een sleutelbegrip. Degene die genoemde post bekleedt, dient daarom onkreukbaar, solide, geloofwaardig en gezaghebbend te zijn, een persoonlijkheid die zich door niets en niemand van de wijs laat brengen.

De directie van de ECB telt zes personen. Eenmaal per maand zitten zij aan tafel met de hoogste bazen van de nationale centrale banken in het eurogebied, dat tot dusver dertien landen telt. Met z’n allen nemen zij een beslissing over de rente: omhoog, omlaag of geen wijziging. Als team, dat wel, maar topman Trichet geeft de in Frankfurt gevestigde instelling en het door haar gevoerde beleid naar buiten toe een gezicht.

De 64-jarige Fransman trad aan in november 2003. Hij volgde Nederlander Wim Duisenberg op. In de VS zwaait Ben Bernanke sinds anderhalf jaar de scepter over de monetaire politiek. Misschien bekender is diens bijna legendarische voorganger Alan Greenspan, die gedurende ruim achttien jaar de Federal Reserve (Fed), zoals de Amerikaanse evenknie van de ECB heet, onder zijn hoede had.

Gewoontegetrouw belegt Trichet na afloop van het maandelijkse renteoverleg, op donderdagmiddag om halfdrie, een persconferentie voor een uiteenzetting over de financiële en de economische situatie en een toelichting op een eventuele aanpassing in de tarieven, waartegen commerciële banken, zoals in Nederland onder andere ABN AMRO, ING en Rabo, bij de ECB kunnen lenen. Met de uitstraling van een echte autoriteit, door zijn soms strenge blik, puntige spreken en priemende gebaren, voert hij zelf de regie over die bijeenkomst.

Hij kiest zijn formuleringen met grote zorgvuldigheid, want hij weet dat analisten en handelaren op de markten, die via internet meeluisteren, elk woord en elke zin nauwkeurig wegen, op zoek naar aanwijzingen voor zijn bedoelingen in de toekomst. Inmiddels heeft hij in dat verkeer een soort codetaal ontwikkeld. Hanteert hij bijvoorbeeld de uitdrukking „sterke waakzaamheid”, dan weet iedereen dat bij de volgende vergadering waarschijnlijk een renteverhoging uit de bus rolt, al zal hij ook benadrukken dat hij en zijn medebestuurders zich vooraf nergens op laten vastpinnen.

De ECB bezit een onafhankelijke positie. De politiek heeft geen enkele zeggenschap over zijn besluiten. Dat zou veel te riskant zijn, want mensen die aangewezen zijn op de kiezersgunst denken vooral aan electorale belangen. De rente verlagen is vanuit dat oogpunt aantrekkelijk, maar het kan op den duur ongunstig uitpakken voor de economie. In Europa hebben met name Duitsland en Nederland altijd sterk gehamerd op een autonome status voor de centrale bank.

De Fransen hechten daar veel minder aan. Integendeel, zij proberen telkens weer te morrelen aan de macht van het instituut. De nieuwe president, Sarkozy, doet daar volop aan mee. Pas op met het verhogen van de rente, dat schaadt groei en werkgelegenheid; laat de koers van de euro niet te ver stijgen, want dat belemmert de export - dergelijke geluiden zijn van Franse zijde niet vreemd.

Geen wonder dat er, gelet op zijn nationaliteit, hier en daar aarzelingen bestonden bij de benoeming van Trichet. Maar op dit moment hoeft niemand meer te twijfelen aan zijn intenties. Alleen al het feit dat hij als Fransman op zijn persconferenties in hoofdzaak Engels praat, zegt veel. Hij ’regeert’ niet conform de Franse traditie, maar in de stijl van de Duitse Bundesbank: geen compromissen als het gaat om inflatiebestrijding en handhaving van een harde euro. Hij verdedigt de onafhankelijkheid van de ECB te vuur en te zwaard.

De recente injecties op de geldmarkt vielen fors uit. Ze waren omvangrijker dan die van de Fed. Wie weet, misschien wel mede om tegenover critici te tonen dat de ECB met daadkracht ingrijpt als de omstandigheden daartoe nopen, om te illustreren dat zij zelfstandig handelt, zonder bemoeienis vanuit de politiek.


Rentestand

Marktpartij n voeren momenteel de druk op bij ECB-president Trichet om de rente in september niet met een kwart procentpunt te verhogen tot 4,25 procent, waar de centrale bank onlangs op zinspeelde. Door de huidige malaise op de financiële markten en de afnemende economische groei in Europa zou dit niet het geschikte moment zijn om de prijs van geld in de eurozone te verhogen. Ook de Franse president Sarkozy hamert al tijdenlang op een verlaging van de rente.

Maar de ECB zal zich in zijn beleid niet laten verleiden tot kortetermijnpolitiek, voorspelt Eijffinger, hoogleraar economie aan de Universiteit van Tilburg. „De ECB heeft een mandaat voor het handhaven van prijsstabiliteit en kijkt daarom bij het bepalen van de rentestand hoofdzakelijk naar het toekomstige gevaar van inflatie.”

De ECB intervenieert daarom alleen bij schokken op de markt, zoals vorige week het geval was. „Dat is verstandig beleid. Mensen zoals Sarkozy begrijpen niets van de geldmarkt.”


Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels