Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

Wezenlijk

Lukas 7:37

„…een vrouw in de stad, welke een zondares was…”
We hebben zo’n bekering ook gezien op de pinksterdag: „Wat zullen wij doen mannen broeders?” We hebben dat gezien bij de stokbewaarder die al bevende voor Paulus voeten neerviel. We hebben het ook gezien bij Paulus zelf op de weg naar Damascus.

Nu worden al de heftige aandoeningen door Gods Geest die we in deze zondares zagen, in allen die Hij bekeert niet gevonden. Het wezenlijke van de zaak echter moet in ons gevonden worden. En wat is dat? Dat is een ongeveinsd zondeberouw, zoals bij deze vrouw, haar kuise liefde tot Jezus, haar bijzondere hoogachting voor Hem.

Kom, avondmaalgangers, zetten wij ons daar eens bedaard bij neer en vergelijken wij ons eens bij deze vrouw. De liefde tot de Heiland drijft deze vrouw naar Hem toe, om Hem te ontmoeten, toen Hij in het huis van Simon aan de tafel zat. U denkt aan deze tafel te naderen, waar Jezus ook tegenwoordig zal zijn. Het is zo ontzaglijk, ja vreselijk, voor onboetvaardige zondaren, die zich daar een oordeel zullen eten. Maar het is er ook zo vriendelijk, zo goedertieren, voor ware boetvaardige zondaren, die Hij daar onthalen wil op Zijn vlees en bloed om hen te verkwikken.

Johannes Barueth, predikant te Dordrecht (”De boetvaardige zondares”, 1752)

Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Meer uit deze rubriek