De organisatie is in 1999 opgericht na een conferentie in Frankrijk in 1997. In december bestond Member Care tien jaar. „We willen ook verschillen tussen gevestigde kerken en de evangelische beweging overbruggen, aldus Haasnoot.
De achterban van Member Care bevindt zich vooral in de Evangelische Zendingsalliantie en de oecumenische Nederlandse Zendingsraad. Een organisatie als Zending Gereformeerde Gemeenten is zijdelings betrokken door onder meer het bezoeken van bezinningsdagen. „Hulpvragen komen vooral vanuit de evangelische hoek. Daar bevinden zich ook de meeste missionaire werkers. Bovendien is in sommige protestantse kerken pionierszending minder gebruikelijk geworden en ondersteunen zij vooral de lokale kerk in het zendingsgebied.”
De neutrale naam Member Care (ledenondersteuning) is gekozen om ook in gesloten landen toegang te krijgen. „Met de komst van internet is die reden vervallen. De website windt er geen doekjes om dat het onze bedoeling is het zendingswerk te steunen.”
Behalve aan ondersteuning van zendingswerkers werkt Member Care aan bewustwording bij kerken, zendingsorganisaties en andere betrokkenen. Een thuisfrontcommissie bijvoorbeeld doet meer dan een uitzending financieel mogelijk maken, stelt Haasnoot. Zij ondersteunt ook door gebed en is een klankbord voor de zendingswerker.
Toch heeft de zendingswerker soms behoefte aan professionele ondersteuning. „De werker kan om allerlei redenen falen in zijn taak. Niet de gehele gemeente hoeft dat te weten. Hij moet dan wel een vertrouwenspersoon hebben bij wie hij zijn teleurstellingen kwijt kan.”
In het uiterste geval kan Member Care bemiddelen als de visie van de uitzendende gemeente of zendingsorganisatie en de zendingswerker uiteenloopt.
De organisatie loopt volgens Haasnoot voor de troepen uit door trends te signaleren. „Vorig jaar hebben we seksverslaving via internet aan de orde gesteld, nadat we merkten dat dit probleem ook op het veld kan spelen. Dit jaar willen we het debriefen van zendingskinderen bespreekbaar maken. Ook zij hebben een onafhankelijk contactpersoon nodig om hun verhaal kwijt te kunnen.”
Worden zendingswerkers niet te veel gepamperd? Haasnoot meent dat de visie op zending in de loop der jaren is veranderd. De werkers stellen zich voor een bepaalde tijd ter beschikking. „Waar zijn de Hudson Taylors? Waar zijn de zendelingen die hun spullen in een doodskist inpakken en definitief afreizen?”
Toen na de Tweede Wereldoorlog Nederlandse kerken oog kregen voor zending en de eerste zendelingen eropuit trokken, was de wereld veel harder. „Er ging ook heel veel fout door ziekte, stress of slechte voorbereiding. Niet iedereen was als Hudson Taylor. De steeds sterker gevoelde noodzaak van ondersteuning van zendingswerkers is geen overbodige luxe.”
Haasnoot verwijst naar een Duits onderzoek uit 2008. „Daaruit blijkt dat zendingswerkers binnen korte tijd afhaken als ze te weinig hulp krijgen. Maar dat kan ook gebeuren als ze te veel bijstand ervaren. De goede balans wordt gevonden als de zendingswerker zo’n 5 tot 10 procent van alle zorg uit handen wordt genomen.”
Het Duitse onderzoek noemt twee pijlers bij de hulpverlening: persoonlijke en pastorale hulp voor de werker en zijn gezin en praktische en financiële hulp voor hem en zijn werk. Daarbij halen de auteurs 1 Timotheüs 4:16 aan: „Heb acht op uzelven en op de leer.”
Het boek ”Zending zonder Zorgen” kwam onlangs in tweede druk uit en geeft advies hoe „de zendeling zich kan richten op zijn of haar eigenlijke taak, zonder zich zorgen te hoeven maken om alle bijkomende rompslomp.” Zorg voor de „rompslomp” voorziet in een leemte, aldus Natasja van der Laan, directeur van adviesbureau Gabriël Financiële Bescherming.
In het bijna honderd pagina’s tellende boek gaat Van der Laan in op de financiële en fiscale mogelijkheden bij de uitzending van zendingswerkers. „Ik krijg positieve reacties op het boek. Mensen die het vertrouwen in het financiële systeem verloren hebben, krijgen dat weer terug. Een zendingsechtpaar zei eens dat goede financiële planning hun huwelijk had gered.”
De meeste zendingsorganisaties hebben wel accountants in dienst die de financiële producten kunnen leveren, zegt Van der Laan. „Maar een totaalinzicht, een persoonlijk financieel plan van het begin van de uitzending tot aan pensioen en overlijden, ontbreekt. Financiële planning is echt een ander werkveld”, aldus de directeur.
Zeven jaar geleden is Gabriël Financiële Bescherming begonnen als eenmansbedrijf. Na een halfjaar werd de eerste medewerker in dienst genomen en nu heeft het kantoor 21 werknemers.
Van der Laan is opgegroeid in evangelische kring als dochter van een hoogleraar (pinkster)theologie. „De naam Gabriël ligt niet gevoelig in de evangelische gezindte. Net als Gabriël willen wij bescherming bieden. In ons geval op financieel vlak. Ook is de engel een boodschapper. Dat is het onderliggende doel van dit bedrijf. Gesprekken met klanten gaan niet alleen over cijfertjes.”
Christelijke bedrijfsvoering legt Van der Laan uit als een integere manier van werken. Zo gaat de organisatie met een beperkt aantal verzekeraars in zee. „De belangen van de klant staan voorop.” Verder wordt geen geld gespendeerd aan grote reclamecampagnes. En de winst wordt overgemaakt aan goede doelen, die door de klanten zelf zijn geselecteerd. „Tot vorig jaar konden we jaarlijks een ton overmaken.”
Van der Laan wilde in haar kindertijd de zending in. „Later moest ik die droom bijstellen. Ik heb niet de gave om een taal aan te leren en me diepgravend in een cultuur te verdiepen.”
De directeur merkte op een EO-dag dat „bezoekers betrouwbaar advies zochten over verzekeringen of hypotheken.” Het bedrijf verbindt advies aan de ene groep aan de vraag van de andere groep. Van der Laan werkt ook voor particulieren, bedrijven en verzekert evenementen als de Opwekkingsconferenties.
Zou het Evangelie niet meer aan kracht winnen als de zendingswerker vertrouwt op zijn roeping van God en zich aanpast aan het welvaartsniveau van de bevolking door zich rijkdom en financiële zekerheid te ontzeggen?
„Ik heb klanten die aangeven zich niet of minimaal te willen verzekeren, omdat ze geloven dat Jezus spoedig terug zal komen. Anderen zeggen dat God voorziet in hun noden. Maar dat ontslaat ons niet van de plicht om ons verstandig voor te bereiden. De keuze is aan de mensen zelf, maar mijn doel is vooral dat ze erover gaan nadenken en de vragen over verzekeringen, belastingen en financiële planning niet uit gemakzucht of onkunde voor zich uitschuiven. ”
Tien vuistregels
Member Care heeft op zijn website tien tips geplaatst om als missionair werker „in balans te blijven in het vaak uitdagende en soms zware werk.”
1. Je weet je geroepen. Je hebt een sterke visie, maar je staat ook open voor de mening van anderen.
2. Je hebt voldoende tools voor geestelijke groei en je blijft daaraan werken.
3. a. Je beseft dat single-zijn een gave én een opgave is. Je investeert in vriendschappen.
b. Tijd en aandacht voor je partner en je kinderen zijn topprioriteiten.
4. Je kent je sterke kanten en je valkuilen en je leert steeds beter hoe je met beide om moet gaan.
5. Je bent een teamspeler.
6. Je hebt een ondersteunend netwerk (in Nederland) waarmee je regelmatig en open communiceert.
7. Je denkt regelmatig na over jezelf en over je functioneren, alleen en met de hulp van een ander. Je hebt vooraf vastgelegd bij wie je verantwoording aflegt en voor wie en wat je verantwoordelijk bent.
8. Je hebt iemand bij wie je onbekommerd je hart kunt uitstorten.
9. Je neemt regelmatig tijd voor ontspanning, vakantie en verlof.
10. Je beseft dat remigratie na je zendingstijd vaak moeilijker is dan emigratie.
Reacties kerken
APELDOORN – Kerken organiseren de uitzending op verschillende manieren. Wat bindt is het pastoraal, werkinhoudelijk en financieel begeleiden van de zendeling zodat hij zijn roeping op het zendingsveld kan vervullen. Directeur P. Eikelboom van Zending Gereformeerde Gemeenten: „Een kerk die haar zendingsroeping verstaat, zorgt ook voor de middelen.”
GEREFORMEERDE ZENDINGSBOND: De hervormde zendingsorganisatie GZB binnen de Protestantse Kerk in Nederland kent twee soorten zendingswerkers. Degenen die volledig onder verantwoordelijkheid van de GZB vallen en degenen die ook uitgezonden zijn namens andere organisaties zoals Wycliffe Bijbelvertalers of zendingsorganisatie OMF International. „Bij de tweede categorie zendingswerkers speelt in de praktijk vaak de plaatselijke gemeente een grotere rol in pastorale en financiele ondersteuning”, aldus mr. A. van der Poel, regiocoördinator van de GZB. Alle zendingswerkers worden wel uitgezonden vanuit een plaatselijke gemeente.
De GZB is geen lid van Member Care, maar maakt wel gebruik van haar „gewaardeerde diensten. Ook hebben we hele goede ervaringen met InTransit in Amersfoort, een psychologenpraktijk, die psychologische en crossculturele ervaring en kennis combineert.”
HERSTELD HERVORMDE KERK: De uitzending van zendingswerkers loopt in de Hersteld Hervormde Kerk via de landelijke kerk, de commissie zending, aldus commissievoorzitter ds. K. Klopstra. „Mensen die bijvoorbeeld voor Wycliffe Bijbelvertalers worden uitgezonden, regelen de zorg eromheen via de plaatselijke gemeente maar vallen primair onder verantwoordelijkheid van de zendende organisatie. Een gecombineerde uitzending via de kerk en andere organisaties kennen we niet.”
De zorg rondom de eigen zendingswerkers wordt geregeld via de commissie zending. Verschillende keuringen worden door de commissie geregeld met behulp van andere daartoe op zending gespecialiseerde organisaties. „We zijn ook maar klein.” De Hersteld Hervormde Kerk heeft momenteel één zendingsterrein in Malawi en is bezig zendingswerk op te starten in Suriname.
GEREFORMEERDE GEMEENTEN: Zending Gereformeerde Gemeenten (ZGG) regelt de organisatorische en inhoudelijke kant van uitzending en houdt ook contact met de zendingswerker. „Dat neemt niet weg dat de zendingswerker de uitzendende gemeenten op de hoogte houdt door rondzendbrieven”, zegt P. Eikelboom, directeur van ZGG.
De zendingsorganisatie van de Gereformeerde Gemeenten werkt „in principe zelfstandig”. ZGG is geen lid van Member Care of de Nederlandse Zendingsraad. Wel steekt de organisatie haar licht op bij externe organisaties. „We bieden onze zendingswerkers een eigen opleiding aan maar we stimuleren zendingswerkers voor, tijdens of na de uitzending ook om elders een cursus te volgen als dat van pas komt. Dat kan bijvoorbeeld bij Member Care of bij de psychologen van InTransit. Zelf steken we er ook energie in. Zo is begeleiding bij het invoegen in de Nederlandse samenleving en de kerk na de uitzending belangrijk.”
ZGG steunt verder soms uitzendingen van de luchtvaartorganisatie MAF en Wycliffe Bijbelvertalers. Dan verzorgen zij de opleiding en zijn verantwoordelijk voor degenen die uitgaan.