Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

Piet-Jan Veenendaal, de dubbele kerkverlater

Stellig had hij zich voorgenomen om het in de wereld ver te schoppen. Tot tweemaal toe nam hij rigoureus afstand van de kerk en van zijn christelijke opvoeding. Er was een periode dat hij zijn ouders drie jaar lang niet zag. „Maar de Heere heeft op een ontzagwekkende wijze naar mij omgezien.”

Piet-Jan Veenendaal werd in 1973 geboren als zoon van „Godvrezende ouders.” Zijn vader was ds. J. Veenendaal, aanvankelijk christelijk gereformeerd predikant, later predikant van de Gereformeerde Gemeenten.

„In mijn kinderjaren heb ik veel indrukken gehad van Gods geoefende volk, ook vanuit het gezelschapsleven in Driebergen. Al in mijn kindse jaren heeft de Heere mij geleid en onderricht. Dat zie ik nu pas, bij terugleidend licht.”

Als 7-jarige maakte hij in Driebergen het overlijden mee van ds. J. van der Vlies, christelijk gereformeerd predikant. „Het was voor mij de eerste begrafenis die ik meemaakte. Sindsdien heeft de dood een enorme schrik op mij geworpen. Ik was bang om te 
sterven, niet in de zin van: te moeten sterven en niet te kunnen sterven, maar gewoon, bang voor de dood.”

Toen zijn vader in Barendrecht stond, was Piet-Jan in de puberteit. „Ik kreeg een vriend. Die had al een auto. En samen zijn we de wereld gaan verkennen. In de grote stad Rotterdam ging ik als jong mens op zoek naar de uitdagingen van het leven. Het slechtste van het slechtste heb ik gezien. Zo probeerde ik van de schrik des doods verlost te worden. Ik was nog maar een jaar of 15.”

Het verhaal van zijn jeugd zit vol ontsporingen en lange zwerftochten. Toen het ouderlijk gezin verhuisde naar Katwijk aan Zee ging het echt mis. „In die tijd ben ik heel bewust ontspoord. Ik had me voorgenomen me voorgoed te ontworstelen aan het juk dat mij was opgelegd. Het was in de kerk toch maar moeite en ellende.”

Op 18-jarige leeftijd verliet Piet-Jan het ouderlijk gezin. „Ik had nog wel wat contact met mijn vader en moeder, maar de verwijdering werd steeds groter. Eerst ging ik nog eenmaal per zondag naar de kerk, maar algauw helemaal niet meer. Naar catechisatie was ik al lang niet meer geweest. Heel bewust koos ik voor een baantje in een discotheek. Dat kon er best mee door, want ik had tóch met alles gebroken.”

Eén ding kon hij maar niet kwijtraken: het gebed. „De Heere heeft mij al jong een gebedsleven gegeven, en dat heeft altijd stand gehouden. Ik bad zelfs voordat ik ’s avonds ging stappen, of de Heere mij toch maar wilde bewaren. Dat gebedsleven heb ik overgehouden uit de opvoeding in de leer die naar de Godzaligheid is.”

Er waren tijden waarin Veenendaal op zwart zaad zat, want de zonde is een duur ding. Soms echter verdiende hij ook bakken met geld. „Daarmee worden de verleidingen nog veel groter. En vanuit Katwijk was Amsterdam niet ver. Toen heb ik mensen ontmoet die ik beter niet had kunnen ontmoeten.”

Lang kijkt hij in de verte. „Je verlegt steeds weer grenzen. Je ziet op ’t laatst niet eens meer wat wel en wat niet zonde is.”

Toen zijn ouders in Elburg woonden, klopte er op een goede dag een zwerver aan de pastoriedeur. Piet-Jan. Of hij nog binnen mocht komen. „Ik had mijn ouders meer dan drie jaar niet gezien. Ze hadden me lang gezocht, maar wisten ook niet waar ze me zoeken moesten. Hoe konden mijn vader en moeder ook weten dat ik zelfs nog in Canada heb rondgezworven?”

Hij wilde het weer proberen met de kerk. Het leek goed te gaan. Samen met Anita, die nu zijn vrouw is, ging hij op belijdeniscatechisatie. „Toen ik werd geconfronteerd met de vragen waarop ik zou moeten antwoorden, raakte ik in enorme gewetensnood. Mijn leven liet niet toe dat ik op zulke grote vragen ja zou zeggen.”

Zo verliet hij de belijdeniscatechisatie. En opnieuw raakte hij los van de kerk. „Voor de tweede maal voelde ik mij van een last bevrijd, maar ik was tegelijkertijd opnieuw bang voor de dood.”

Een glansrijke internationale carrière als darter bleek zomaar in het verschiet te liggen. „Er waren weer mensen die tegen mij opkeken, en daar hield ik van. Maar ondertussen keerde mijn gebedsleven terug. Dagen en nachten heb ik de Heere gesmeekt of Hij naar me wilde omzien. Het werd zo erg dat ik een keer heel bruut heb gezegd: God, als U mij toch niet wilt bekeren, maakt het ook niet uit hoe ik leef.”

Dat duurde nogal. Totdat de hemel hem tegen kwam: tot hiertoe en niet verder. „Op maandag 5 november 2007, halfzes in de middag, was het over en uit. In de dadelijkheid ben ik voor Gods recht gedaagd. Ik dacht het leven te moeten laten, de laatste adem te zullen uitblazen, totdat er een stem met kracht in mijn ziel sprak: „Kiest heden wie ge dienen zult.” Toen was het afgelopen met deze jongen. Liever met het volk van God kwalijk behandeld te worden, dan nog langer de genieting der zonde te hebben. De Heere had mij met recht van de aarde kunnen wegdoen, want ik had de weg goed geweten, maar nooit willen bewandelen. Al mijn zonden zijn me ordentelijk voor ogen gesteld. Maar de Heere had geen lust in de dood van de zondaar, maar wel daarin dat ik mij zou bekeren en leven.”

Ondertussen keerde zijn vrouw Anita het huis met bezemen. „Alles wat te maken had met mijn verleden was binnen een dag verdwenen. Er stonden opeens vijf televisies bij het grof vuil.”

Inmiddels hebben Piet-Jan en Anita beiden belijdenis gedaan, en zijn hun drie kinderen gedoopt.

Hoe wil Piet-Jan dit alles samenvatten? „Ik ben als een vuurbrand uit het vuur gerukt. Nu hoop ik Zijn voetstappen te mogen drukken, mijn leven lang. Ik heb de les geleerd. Als er nog heil te verwachten is, dan moet ik in de kerk zijn.”

Ds. Veenendaal (begin 2010 overleden) heeft al die tijd geweten dat zijn zoon Piet-Jan uit de wereld terug zou keren. „De Heere had het hem geopenbaard dat ik als Manasse uit de diepte van de ongerechtigheid zou worden weggehaald. Hij heeft daar altijd naar uitgezien, maar het is wel zwaar beproefd. Het heeft twaalf lange jaren geduurd.”


Citaten

De kerkredactie deed onderzoek naar het thema kerkverlating. Een selectie citaten uit de toelichtingen bij de antwoorden zoals kerkenraden die invulden.

„We hebben als kerkenraad een tijdje gericht actie gevoerd om jongeren die nog wel in de ledenlijst stonden maar niet meer kwamen, te traceren en met hen in gesprek te komen. Vrijwel zonder uitzondering leidde dit tot de stap om de kerk definitief te verlaten.”

„Wij schrijven leden alleen uit op uitdrukkelijk en schriftelijk verzoek van het lid zelf, nadat er eerst nog een gesprek heeft plaatsgevonden.”

„Als predikant wil ik de jongeren meer gaan toerusten om hun christen-zijn te beleven en in de praktijk vorm te geven.”

„Zie liefdevol toe op de jongeren en betrek hen in de preek. En op catechisatie een persoonlijk gesprek met hen voeren kan bindend zijn.”

„God weet ervan!”

„Nog kerkelijk meelevende jongeren rond de betrokkene kunnen vaak een gunstige invloed uitoefenen.”

„Vooral jongeren met een wereldse levenstijl willen geen predikant die zweverig doet, maar een die de realiteit van huidige leefwereld kent. Recht op de man af vinden ze daarbij prima.”

„We moeten vermanen in liefde, en wijzen op noodzakelijkheid van bekering en de kortheid van onze voorbereidingstijd.”

„Wij gaan binnenkort de belijdende leden van de laatste tien jaar in kaart brengen en gaan hen die niet trouw in de kerkgang zijn benaderen en hen proberen weer binnen de kerk te krijgen.”

„We proberen biddend om onze jongeren heen te staan, biddend of de Heere God in Christus de belofte, bij hun doop gegeven, wil vervullen aan hun hart en leven, tot Zijn eer en hun zaligheid.”

„We voeren gesprekken met alle catechisanten om hen beter te leren kennen en ook hun leefwereld.”

„Het zijn zielen voor de eeuwigheid. Blijf ze bezoeken.”

„Vaak wordt laagdrempeligheid geadviseerd, maar dan ga je jongeren trekken met een niet-Bijbelse uitleg en wordt het een vrijblijvende bijeenkomst.”

Dit is de vierde aflevering in een serie over kerkverlating onder jongeren.



Veenendaal

Piet-Jan Veenendaal (38) is gehuwd met Anita van de Pol. Ze kregen vijf kinderen, van wie er twee jong zijn overleden.

Veenendaal had twaalf ambachten en dertien ongelukken. Inmiddels is de storm in zijn leven geluwd. „Er is veel waarvoor ik mij diep schaam. Ik hoop de tijd die mij gegeven is, te mogen gebruiken om God groot te maken.” Veenendaal is op dit moment magazijnbeheerder en woont met zijn gezin te Elburg. Het gezin is lid van de Christelijke Gereformeerde Kerken.


Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
 
Reacties
RESPECT
E. Koerhuis | IJsselmuiden | 8 nov 2011 - 13:23
 
Beste Djk.
Probeer is naast iemand te gaan zitten,en dan moet je niks zeggen.
Dat is in u geval het besten.
Allie | Krimpen | 11 okt 2011 - 12:33
 
Het artikel gaat over kerkverlating. Het is dus GEEN persoonlijk getuigenis en ook GEEN bekeringsverhaal. Laten we aub niet zo oordelen en veroordelen. Beste DJK en anderen, weet u waar ik aan moet denken:

Gelijk de benden der straatschenders op iemand wachten, alzo is het gezelschap der priesters; zij moorden op den weg naar Sichem; waarlijk, zij doen schandelijke daden.

Hosea 6. Lieve vrienden, ga maar eens opzoeken wat dat betekend. Van wijlen ds. Cabaret is een kostelijke preek over deze tekst beschikbaar. DJK als je deze nog niet hebt voor je websitetje kun je 'm wel krijgen hoor. Jij citeert de meeste predikanten veel te eenzijdig.

Tevens zou het RD reacties op zulke artikelen moeten verbieden.
GT | Ridderkerk | 10 okt 2011 - 20:53
 
In de reacties waarin mensen kanttekeningen plaatsen bij het verhaal en bepaalde citaten, zitten helemaal geen oordelen, maar vermaningen vanuit de liefde.

Eén van de redenen waarom veel kerken zo verziekt zijn, is dat men elkaar niet meer vermaant en vooral niet meer vermaand wil worden, zoals dat in 1 Thessalonicensen 5:11 staat.
In plaats daarvan is men met dat misselijkmakende "je moet elkaars voeten wassen" en "je mag niet oordelen" begonnen.
En degene die nog iets vanuit het gezonde zegt, wordt met die verleugening tot zwijgen gebracht en geïntimideerd met het woord "opstandig".

De kerken en bepaald kerkvolk maken het er zelf naar dat de jongeren weglopen.
J. Teunis | Zuid-Holland | 10 okt 2011 - 20:08
 
Lukas 15:7 Ik zeg ulieden, dat er alzo blijdschap zal zijn in den hemel over een zondaar, die zich bekeert,
Dit citaat laat aan geen duidelijkheid over. Hijzelf (de Heere Jezus) zegt niets over blijdschap op aarde daaromtrent. Na 2000 jaar is daar geen verandering in gekomen. En in de toekomst zal dat ook niet anders zijn.
JdR | Stolwijk | 10 okt 2011 - 20:06
 
Geen bekering is hetzelfde , daarom de Christenreis en de Christinnereis.
Blijf van Gods rechterstoel af, Hij beslist hoe Hij de zondaar trekt.
Erskines las eens over een persoon, die meemaakte dat satan hem zei, gij moet God maar niet meer dienen, gij zult toch nooit in de hemel komen. De man shrok hier heel erg van, maar antwoorde daarna, Als ik dan niet in de hemel mag komen, zal ik Hem hier op de aarde nog meer dienen, kijk , en dat is nu de liefde in Christus, zijn dit niet de vruchten van een uitverkorenen ?

U kunt het ontkennen, maar ik vind enkele berichten reiken naar een oordeel.
Natuurlijk zal die genen weer reageren in de gemeende veronderstelling dat hij dit uit de liefde doet.
Bidt uit liefde zeg ik u!
Te vaak word een mens die pas bekeerd is in elkaar gebeukt met stellingen en vergelijkingen, laat de Heere zijn werk doen, en als wij in ons hart oprecht menen dat een persoon zichzelf te snel gered voelt, laten WIJ dan in onze binnekamers de Heere zoeken.
Wie dan voor Hem verschijnt , zal moeten zeggen, ik arme zondaar, wie ben ik ?

Ik sluit me volledig aan bij A, de bekering verloopt in stappen, ook de liefde zal groeien, zoals in een huwelijk, maar zeker ook een besef dat de mens nooit uit zichzelve wat kan toedoen aan de Godzaligheid.

En als de Heere komt, dan komt Hij met alles, en zal het de zondaar alleen gaan om de eer van Hem.

mvg
Willem | Noord Holland | 10 okt 2011 - 18:48
 
Helaas wordt vaak vergeten dat een bekering vaak in stappen verloopt, als God de mens zijn zonden vergeeft dan wordt Christus niet gelijk aan de ziel geopenbaard. Is Christus niet de meest verborgen Persoon van de Goddelijke Drieenheid? Laten we dankbaar zijn voor het feit dat God nog steeds werkt in het hart van verloren zondaren.
A | HIA | 10 okt 2011 - 17:12
 
Citaat Piet-Jan: "Dat duurde nogal. Totdat de hemel hem tegen kwam: tot hiertoe en niet verder. „Op maandag 5 november 2007, halfzes in de middag, was het over en uit. In de dadelijkheid ben ik voor Gods recht gedaagd. Ik dacht het leven te moeten laten, de laatste adem te zullen uitblazen, totdat er een stem met kracht in mijn ziel sprak: „Kiest heden wie ge dienen zult.” Toen was het afgelopen met deze jongen. Liever met het volk van God kwalijk behandeld te worden, dan nog langer de genieting der zonde te hebben. De Heere had mij met recht van de aarde kunnen wegdoen, want ik had de weg goed geweten, maar nooit willen bewandelen. Al mijn zonden zijn me ordentelijk voor ogen gesteld. Maar de Heere had geen lust in de dood van de zondaar, maar wel daarin dat ik mij zou bekeren en leven.”

Het ging mij met name om dit zelfgeschreven citaat van Piet-Jan. Dit is misschien beter bedoeld dan omschreven. Maar zoals het hier omschreven is vat ik dit op als een citaat van een stervende zondaar, maar helaas nog niet van een gestorven zondaar, Rom. 6:7. Waar God een zondaar in Zijn hemels gericht daagt daar eist Hij door Zijn heilige wet het beeld van heiligheid en rechtvaardigheid in hem op waarin Hij die zondaar geschapen heeft. Waar dit geschiedt verdrinkt een verkoren/verloren zondaar in zijn ongerechtigheden voor God. De tollenaar ging gerechtvaardigd naar zijn huis, nadat hij eerst met een hartverscheurend berouw verloren was gegaan. Dat betekent dat hij in een gericht was geweest. God eist van de zondaar wat hij niet betalen kan, om hem vatbaar te maken (door ontkleding en doding der wet) voor een vreemde Gerechtigheid die buiten hem is. Dat heb ik uit dit stuk niet op kunnen maken. In het hemels gericht is een wettisch berouw door wettische ontdekking, waarop altijd een evangelisch berouw volgt door evangelische bedekking van schuld en zonden. Het wettisch berouw beweent de bedreven zonden, het evangelisch berouw beweent de vergeven zonden. Misschien had Piet-Jan derhalve beter niet van een gericht, maar van een wettische ontdekking moeten spreken. Nogmaals, wanneer je Christus door geestelijke afsnijding en inlijving toch wel hebt mogen omhelzen middels een zaligmakend geloof, vergeef me dan broeder. Maar dan heb je je oudste Broeder toch te weinig geprezen in dit getuigenis.
DJK | Katwijk | 10 okt 2011 - 16:42
 
Laten we vooropstellen dat dit een artikelenserie is over kerkverlating/terugkeer naar de kerk. Het is geen artikelenserie over hoe iemand tot bekering is gekomen.
Met dat in je achterhoofd mogen we wel dankbaar zijn dat deze jongen tot inkeer is gekomen en hem in het gebed opdragen of de Heere hem verder wil leiden op zijn levensweg.
En dan kunnen hier allerlei verhandelingen worden geplaatst wat er allemaal in de bekering van deze jongen gemist wordt, maar daar gaat dit artikel niet over. Wie weet waar deze jongen zelf nog mee loopt en worstelt, laten we daar van afblijven. Als de Heere het is die in hem begonnen is, zal Hij het ook voleindigen.
Eén ding is Piet-Jan duidelijk: als er heil te verwachten is, dan moet hij in de kerk zijn. Niet om (zoals hier ergens gesuggereerd wordt) het van de kerk zelf te verwachten, maar van het Woord Gods wat daar gebracht wordt. Want de Heere werkt het geloof door het gehoor (Rom. 10:17)
L. | Zuid-Holland | 10 okt 2011 - 14:34
 
@Pieter,

De kerk die u zoekt (vol met vrienden), is er helaas niet. Dat is nu de zondeval. Als twee mensen het al vaak niet eens kunnen worden, dan al helemaal geen hele groep. Of je moet willen veinzen en vals willen spelen, natuurlijk.

Geestelijke volwassenheid houdt onder andere in dat je dat erkent en dat je dus, met Zijn hulp, op eigen benen moet staan.
Ik draag de Hersteld Hervormde Kerk en de leer een warm hart toe. Maar de omstandigheden zijn momenteel zo beroerd, dat je er als serieus meelevende niet meer zitten kunt. O.a. door een moderne predikant en omdat de, door opleiding, verlinkste jeugd er het voor het zeggen heeft.
Ook de dingen die @J.F. de Jong en @KE schrijven, zijn zeer herkenbaar.

Ik ben vervolgens niet op zoek gegaan naar een andere kerkgemeenschap, maar blijf gewoon heel vaak thuis en lees zelf iets. Zo nuchter moet je gewoon zijn.

De Heere is ook een Herder voor de schapen buiten kerkverband.
Ik ken zelfs veel mensen die bekeerd moesten worden van hun 'kerkisme' en kerkelijke hoogmoed.
Mvg.

J. Teunis | Zuid-Holland | 10 okt 2011 - 14:24
 
Verreweg de meeste reacties daar word je niet blij van ,
laten we het woord toch niet losmaken van onze bevindingen het woord zegt er is blijdschap in de hemel ,over een zondaar die zich bekeert .
Dat is en blijft het grootste wonder als een zondaar de weg terug vind naar de HEMELSE VADER DIE OP DE UITKIJK STAAT NU NOG MET UITGESTOKEN ARMEN ,niemand kan tot mij komen zegt christus tenzij de vader hem trekken.ga geen rekensommetjes maken hoe ver hoe diep een overtuigde zondaar al geleid is laat dat over aan de rekenmeesters van algebra en meetkunde er zijn twee werken nodig in het leven van de overtuigde zondaar dat is de openbaring in CHRISTUS en in welke mate of weg is niet aan rekenmeesters en het tweede is de openbaring van de HEILIGE GEEST PAULUS ZEI HET BEHAAGDE DE HEERE ZIJN ZOON IN MIJ TE OPENBAREN DAAROM WORD DE GEEST GENOEMD DE GEEST DER WIJSHEID EN DER OPENBARING DIE CHRISTUS DOET KENNEN WANNEER EN OP WELK MOMENT DAT IS OOK WEER NIET VOOR DE REKENMEESTERS MAAR DIT IS WEL DUIDELIJK INDIEN WIJ NIET WORDEN ALS EEN KIND DAN ZULLEN WIJ GODS KONINKRIJK NIET BEËRVEN EN EEN KIND HOOPT ALLES EN GELOOFD ALLES ALS ZN VADER HET GEZEGD HEEFT EN DE HEMELSE VADER ZEI TEGEN DE ZOON VAN DS VEENENDAAL DIE TOT MIJ KWAM ZAL IK NOOIT MEER UIT WERPEN DIE HEMELSE VADER REKEND EROP DAT ZONDAREN TOT HEM KOMEN
WANNER WAAR EN HOE DAT HEEFT HIJ BEPAALD
ZODAT ZE IN ZIJN HANDPALMEN GEGRAVEERD STAAN
EN NIEMAND HOE REKENKUNDIG OOK ZAL DAT KUNNEN UITWISSEN GODE AL DE EER ALS EEN ZONDAAR THUIS KOMT EN SATAN ER WEER EEN VERLOOR DIE GOD ZAL ZIJN WAARHEID NIMMER KRENKEN MAAR EEUWIG ZIJN VERBOND GE DENKEN WELKOM THUIS VEENENDAAL JUNIOR Aj-AKIEHAMEL@ZEELANDNET.NL
ARIE HAMELINK | ZIERIKZEE | 10 okt 2011 - 13:01
 
J. Teunis, je moet niet de kerk propaganderen, maar ik denk ook niet de scheiding tussen kerk en Jezus!

Ik vind het nogal Bijbels dat Jezus van invloed moet zijn op mensen en op groepen mensen (de kerk). Stukken minder "'t is niet anders" en zoveel "Jezus" als Hij maar wil ... Naar zo'n kerk, naar dat christendom ben ik op zoek, en anders hoeft het van mij niet.

Willen jongeren ook niet God aan het werk zien en niet kerkmensen met een theologie in hun hoofd, gescheiden van een leven als Jezus?
Pieter | Groningen | 10 okt 2011 - 11:29
 
@H. Leegwater,

De Bijbel leert ons om de geesten te beproeven.
Het is de plicht van een mens om de dingen te toetsen en om niet alles voor zoete koek te slikken.

De zin van dhr. Veenendaal: "Als er nog heil te verwachten is, dan moet ik in de kerk zijn.” is een regelrechte verheerlijking van de kerk in plaats van de Heere Jezus.
Ik weet niet of hij dit zelf gezegd heeft of dat de journalist dit verdraaid heeft, maar het is pure kerk-propaganda. Er zit in dit verhaal een manipulatie.

Als je jongeren voor de Heere Jezus wilt winnen, zul je toch echt de waarheid moeten erkennen, nl. dat het vaak helemaal niet zo'n pretje is in de kerk.
Ze wel op de gezonde leer wijzen (dus geen PKN bijv.), maar van harte instemmen als ze de fouten van het kerkleven aanwijzen.

@Jaap van Meer,
Laat u niet intimideren. Er was niets mis met uw bescheiden reactie.
J. Teunis | Zuid-Holland | 10 okt 2011 - 09:14
 
Jaap, bedankt voor je toelichting. Uiteraard begreep ik in eerste lezing jouw insteek.

Mijn reactie was weer meer een projectie van mijn eigen, meer emotionele, sociale en psychische factoren die een rol spelen bij het weer naar de kerk gaan. De "zuivere waarheid" zoals "een meisje" het verwoordt, en waar jij naar mijn gevoel ook op wees, speelt daarbij voor mij, op dit moment(!), geen enkele rol.

Ik ben vooral op zoek naar "fellowship". Een gemeente van vrienden. Onvoorwaardelijke liefde. Opnieuw mogen beginnen. Vergeving. Christenen die mij over de drempel sleuren en een paar jaar ondersteunen. Er is teveel pijn.

Ds. Groeneveld: zo onzaligmakend hoeft een onderlinge confrontatie niet altijd te zijn ...
Pieter | Groningen | 10 okt 2011 - 09:07
 
Het spijt me dat de redactie de mogelijkheid heeft gegeven om op het getuigenis van de hr. Veenendaal te reageren. Hij stelt zich heel kwetsbaar op. Onbedoeld kunnen reacties dan verkeerd overkomen. Bovendien gaat de één reageren op de ander. Het ene woord haalt het andere uit en uiteindelijk worden mensen beschadigd.
Er zal op het verhaal van Veenendaal best wat aan te merken zijn. Maar ik denk aan twee dingen. 1. Wat een dankbaarheid zal er in het hart van zijn ouders zijn geweest toen hun zoon de weg terug vond en hun gebeden bleken verhoord te zijn. 2. De jonge man en zijn vrouw hebben geen nood aan briefschrijvers die via de krant laten weten wat ze missen in zijn betoog. Maar ze hebben voorbidders nodig die hen opdragen aan Gods genadetroon, die bidden dat ze verder geleid mogen worden. Dan zijn we ook geen hindernis op de weg voor de Pieter.
Overigens wens ik u allen een gezegende zondag.
Ds.Kommer Groeneveld
Antwerpen
Ds.K.Groeneveld | Antwerpen | 8 okt 2011 - 21:38
 
Beste Pieter uit Groningen,

Het spijt me dat mijn reactie zuur en onnodig rechtzinnig is overgekomen. Ik kan me voorstellen dat dit als een dichtslaande deur op je overkomt en ik had er niet over nagedacht dat mensen die zich langzaam weer naar de kerk aan het toeworstelen zijn ook dit artikel en mijn reactie zouden lezen. In mijn kritiek had ik vooral de weergave en dus de verantwoordelijke journalist van het verhaal op het oog die het verhaal beter had moeten weergeven of indien dit te lastig zou zijn het verhaal naar mijn mening had moeten schrappen.

Waar mijn insteek zuur en onnodig rechtzinnig overkwam had ik juist het andere uiterste willen tegengaan waardoor mensen de weg naar de kerk niet meer vinden, namelijk een gebrek aan authenticiteit (wat in dit geval aan de stijl van het artikel te wijten is en misschien niet aan het verhaal van de persoon zelf), taal die in de kerk anders is dan in het normale leven en het weglaten van waar het echt om gaat, namelijk Christus. Door deze dingen verliest de kerk haar aantrekkingskracht en wordt tegengewerkt dat mensen tot Christus komen.

Bovendien vond ik het onjuist dat door de weergave van het verhaal het getuigenis van Piet-Jan Veenendaal twijfels opriep wat bij een goede weergave voorkomen had kunnen worden.

Alles bij elkaar opgeteld wekte het artikel bij mij een bepaalde aversie op en voelde ik me gedwongen om te reageren (niet reageren was mijns inziens ook niet goed geweest). Ik wil nogmaals benadrukken dat mijn reactie vooral op de weergave van het verhaal gericht was. Ook nogmaals mijn excuses voor dat ik in mijn reactie bepaalde dingen anders of duidelijker had moeten verwoorden en dat ik te weinig rekening had gehouden met mensen die de weg naar de kerk weer wat aan het terugvinden zijn.
Jaap van Meer | Harderwijk | 8 okt 2011 - 20:01
 
Wie zijn wij om dit beoordelen,alleen God is de hartenkenner en de nierenproever,ieder mens gaat persoonlijk,als het waar is is het gewoon een groot wonder.Haleluja zou de penta costa zeggen,en zo is het.
H.Leegwater | urk | 8 okt 2011 - 19:56
 
Ik ben blij met de reactie van DJK. Het gaat er niet om welke kerkmuren je om je heen hebt, wat de mensen die bij een bepaalde kerk horen zeggen en van je vinden, het gaat om de zuivere waarheid. Omdat ik verkering heb met een jongen van een ander kerkverband vind ik het ook lastig: wat is nu die zuivere waarheid. Ik ben toen boeken gaan lezen van oude schrijvers, van de tijd dat er nog niet zoveel verschillende kerkverbanden waren. Dat is de zuivere waarheid en daar gaat het om! Als we straks in de eeuwigheid zijn gaat het er niet meer om wat anderen van ons vinden en ook niet wat ik van mezelf vind. Dan gaat het er om of het waarheid is.
Een meisje | Zuid-Holland | 8 okt 2011 - 19:02
 
Ik ga al enkele jaren niet meer naar de kerk. Ik was predikant. De verhalen van Piet-Jan Veenendaal en anderen uit deze serie gaan dus ook over mij! Nog worstelend met heel veel dingen. Zo kunnen eenvoudig de paar laatste woorden van Geert Bos 'Zeg nooit nooit' veel losmaken.

Daarom vind ik de reacties van DJK en Jaap van Meer verschrikkelijk. Zure en onnodig rechtzinnige kanttekeningen bij een intiem getuigenis.

Mij gooien ze de kerkdeuren in mijn gezicht dicht terwijl ik op weg ben naar binnen. En ik ben bang vele anderen. Hier ben ook ik niet naar op zoek.
Pieter | Groningen | 8 okt 2011 - 16:24
 
Het artikel over dhr. Veenendaal is een concrete en actuele illustratie dat God almachtig is en er geen zondaar te veel gezondigd heeft. Hij redt en Hij brengt verloren zonen en dochters terug: terug bij Hem. Wat een wonder is dat!
Het stoort me overigens enorm dat ‘KE’ zich heel negatief uitlaat over de ‘hele GerGem cultuur’. Waarom dit generaliseren, terwijl dhr. De Jong spreekt over –laakbaar- gedrag van leden in zijn plaatselijke gemeente? KE heeft een punt als hij schrijft over het druk maken om dingen die er niet wezenlijk toe doen. (Iets wat helaas in elk kerkverband voorkomt, lijkt me.) Maar ik zou zeggen: kijk eens in de spiegel. Klaagt je eigen leven je dan niet het hardste aan? Laten we dan proberen een goed voorbeeld te geven om bezig te zijn ‘met het ene nodige’. Augustinus zou zeggen: Laten we getuigen, desnoods met woorden.
PDB | Hardinxveld-Giessendam | 8 okt 2011 - 15:03
 
Inderdaad vind ik de schets van dhr De Jong een goede illustratie, men maakt zich tegenwoordig meer druk om zaken die er wezenlijk niet toe doen, zeker de Ger Gem scoort hoog, vooral op de Veluwe. En je mond opendoen wordt gezien als opstand. Dit geldt voor de hele Ger Gem cultuur, in kerkverband, in werkverband etc. Wat bindt er wel dan ? De waarheid? Ik denk dat een mooie auto bindt, de kleding ( besteld via een webshop uit de "kring"), het hoedje, het schooltje, het refoforum. Heeft de refo kring eigenlijk wel een identiteit? Zonder identiteit geen binding. Dus, open deur naar de wereld.
KE | Ede | 8 okt 2011 - 12:09
 
Wie als `buitenstaander`mee gaat leven in een behoudend kerkgenootschap komt al snel tot de ontdekking dat er op elkaar (dus ook op mij) gelet wordt. Ook van roddel en achterklap tot tijdens de kerkdiensten (nee, niet tijdens de preek) schijnt in deze kringen heel normaal te zijn.
In mijn Nederlandse woonplaats ging ik vaak naar de kerkdiensten van de Ger. Gemeente, vanwege de inhoud van de verkondiging. Maar na de kerkdiensten....
over alles en nog wat. Maar niet overde verkondiging. Ik heb daar publiekelijk eens iets over gezegd. Men keek mij aan.....Zeer verbaasd. Helaas heb ik toen het bezoeken aan die kerkdiensten be-eindigd.
Ik denk dat dit soort dingen zoals ik hierboven schetste ook een oorzaak is van kerkverlating onder de jeugd.
J.F.de Jong | Barcarena (Brasil) | 7 okt 2011 - 23:56
 
De reactie van @DJK kan ik begrijpen.
Mij stoorde vooral de kop van het artikel. Het is vooral een verhaal om de kerk te promoten. Om jongeren er op te wijzen dat de kerkgang zaligmakend is.

Ik ben van huis uit (Ned. Hervormd op GG, nu Herst. Hervormd) gelukkig opgevoed met een nuchtere visie op het kerkleven. Wel de gezonde leer van harte onderschrijvend, maar dat het natuurlijk niet de kerkgang en de kerkcultuur is die een mens redt.

Er zijn in deze slechte tijd, waarin veel kerken als buurthuis en gezelligheidscentrum fungeren en nogal wat dominees psychologie van het Evangelie maken, juist vaak meer redenen om thuis te blijven en zelf iets te lezen.



J. Teunis | Zuid-Holland | 7 okt 2011 - 23:14
 
Het verhaal doet mij wat vreemd aan. Er wordt hele vreemde taal gebruikt (wat misschien te maken heeft met de taal die bij de kerkelijke achtergrond van Piet-Jan Veenendaal hoort) en er blijven erg veel zaken in de lucht hangen. Zoals reeds in een eerdere reactie staat mis ik ook het belangrijkste in het verhaal, namelijk Christus. Ik kan natuurlijk heel moeilijk beoordelen of dit verhaal waarachtig is aangezien ik Piet-Jan Veenendaal niet ken, maar het is kwalijk dat het op zo'n manier door het Reformatorisch Dagblad wordt geplaatst dat er twijfel over kan bestaan. De verantwoordelijke journalist had wat dieper en concreter op de zaken moeten ingaan of het stuk niet moeten plaatsen, want op deze wijze levert het artikel mijns inziens schade op. Mijn excuses als ik de zaken verkeerd beoordeel, maar uit de voorgaande reacties blijkt dat anderen ook bepaalde dingen wat onduidelijk vinden.
Jaap van Meer | Harderwijk | 7 okt 2011 - 22:51
 
Wat ik nu schrijf, is oprecht bedoeld. Allereerst wil ik je zeggen dat ook ik in mijn eertijds als een groot zondaar heb geleefd. Dus wat dit betreft kom ik naast je zitten. Maar Gods genade en het reinigende bloed van Christus was vele malen groter en meer dan mijn hemelhoge schuld van zonden. Het is moeilijk iemands bekering vanuit zo'n verhaal in te schatten. Maar ik lees veel over de christen en werkelijk niets over Christus. Ik lees van een wonderlijk bekering zonder het wonderlijkste daaruit te kunnen opluisteren, namelijk de vrede met God en de vergeving van zonden door het bloed van Christus. Als Christus je bekering geworden is, kan ik me niet voorstellen dat dit vergeten wordt te vermelden. Toen Paulus en de Samaritaanse vrouw tot bekering kwamen preekten zij terstond de Christus. Wanneer een moeder haar kind door barensweeën heeft gebaard, door nood en dood, en het kind op haar borst wordt gelegd, is ze haarzelf even kwijt vanwege die uitzinnige vreugde. Dan wil ze over haarzelf niet meer spreken, alleen over haar kind die haar verlossing is. In dit beeld is het kind niet de wedergeboren zondaar, maar Christus in het hart van die verloren/geredde zondaar. Dan heeft God de dood over het diensthuis gebracht (tiende plaag), en zijn ze behouden door het gestreken bloed en het eten van het vlees van het geslachte paaslam tot vereniging. Dan wordt er een geestelijke bevrijdingsdag gevierd. Dit is het begin van het geestelijk nieuwjaar (Ex. 12:1-2) bij het geestelijk verkoren Israël. Die geestelijke geboorte door het badwater der wedergeboorte, het verdrinken en opkomen door een waar geschonken geloof, waarop die bevrijdingsdag onlosmakelijk verbonden is wens ik Piet-Jan van harte toe. Het geloof in Gods heilige wet ten dode, en het geloof in het Evangelie ten eeuwige leven. Als hij hier wel kennis aan mag hebben, vergeef me dan. Dan besluit ik alleen met deze vraag in liefde bedoeld: als Christus jouw bekering en Zaligmaker geworden is, waarom ben je dit allergrootste wonder dan vergeten te vertellen?

Hartelijke groet,
dkleenp@kliksafe.nl
DJK | Katwijk | 7 okt 2011 - 20:50
 
In mijn jeugd hoorde ik legio van dit soort verhalen, die ook meestal met "eind goed , al goed" eindigden en terugkeer van de diepgezonken zondaar in het milieu van herkomst. Maar waar de "zonde" van Piet-Jan nu uit bestond blijft voor mij onduidelijk. Een wat uitdagend, avontuurlijk en voor mijn part hedonistisch zwerversleven is toch niet persé zondig? Als hij schrijverstalent had gehad had hij er misschien een boek over kunnen schrijven en was bij muzikaliteit nu wellicht een begenadigd instrumentalist of zanger in een band. Met talent voor filosofie doorgrondde hij het bestaan nu misschien op een hoger niveau, maar om nu voetstoots terug te vallen in een kant en klaar sjabloon lijkt mij weinig creatief.
lucas bouwman | haren gn. | 7 okt 2011 - 20:41
 
Plaats een reactie
Naam
Woonplaats
E-mail
Bericht
 
Captcha
Verificatiecode

Hiermee wordt voorkomen dat via geautomatiseerde programma's reacties worden gemaakt en spam wordt verstuurd.

Door te reageren gaat u akkoord met de algemene voorwaarden.

 
Knipsels
    Meer uit deze rubriek