Op de conferentie moet geformuleerd worden „wat vanuit een gereformeerde Schriftvisie en in gebondenheid aan de gereformeerde belijdenis onopgeefbaar is inzake het denken en spreken over de schepping”, meldt Vergunst. „Hiermee is verbonden dat er ook zaken zijn die we in het licht van Schrift en confessie als open vragen mogen laten staan. Ook hierin kennen we immers ten dele.”
Op de studiedag zullen prof. dr. Van den Brink en ds. M. A. Kuijt hun visie geven over de vraag in hoeverre een gereformeerde Schriftvisie evolutionisme en/of creationisme uitsluit en of creationistisch denken een uitvloeisel is van een fundamentalistische Schriftopvatting. Vervolgens gaan prof. dr. E. Talstra en prof. dr. M. J. Paul na hoe Genesis 1 tot 11 over schepping, zondeval en zondvloed spreken.
Is de onenigheid in de Gereformeerde Bond zo groot dat dit initiatief nodig was?
Vergunst: „Het théma is zo belangrijk dat dit initiatief nodig was. Genesis 1 en 2 geven de geschiedenis van het scheppend handelen van God weer en dat raakt het heilshandelen van God. Ik spreek liever over onrust en verwarring dan over onenigheid, als we nog nauwelijks met elkaar in gesprek geweest zijn.”
Is de bijeenkomst bedoeld om alle neuzen weer dezelfde kant op te krijgen, of mag er over dit onderwerp enigszins verschillend gedacht worden?
„Er zijn zaken waarover níét verschillend gedacht kan worden als je belijdt een gereformeerd christen te zijn”, meent Vergunst. „Onze gehoorzaamheid aan het Woord van God is een onopgeefbaar uitgangspunt. Wetenschappelijke resultaten zijn niet het einde van alle tegenspraak. Als het gezag van de Schrift dreigt te verschuiven, ziet het hoofdbestuur van de Bond het als zijn roeping waakzaam te zijn en leiding te geven. Daarbij gaat het om het getuigenis van heel de Schrift. Dat betekent dat beweringen die met Gods Woord strijdig zijn, afgewezen zullen blijven worden.”