Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

Manier van geloven EO-lid veranderd

 De ”kaft tot kaft” uitspraak staat bij EO-leden bovenaan.
 1 van 9  

De ”kaft tot kaft” uitspraak staat bij EO-leden bovenaan.

HILVERSUM - Voor bijna twee derde van de leden van de Evangelische Omroep (EO) geldt dat hun „manier van geloven” de laatste jaren is veranderd. Er is een trend zichtbaar van „minder leer en regels naar meer beleving en ervaring.” Kerk en kerkdiensten scoren echter nog altijd hoog.
Dat blijkt uit het rapport ”De verlegenheid voorbij”, dat woensdag in congrescentrum De Pijler in Lelystad werd gepresenteerd. Het rapport bevat de resultaten van een groot onderzoek onder EO-leden en predikanten, in het kader van het veertigjarig bestaan van de omroep. Het onderzoek stond onder leiding van drs. W. H. Dekker en drs. W. Vollbehr van de Christelijke Hogeschool Ede.

De onderzoekers benaderden 3000 EO-leden en daarnaast 1216 predikanten en voorgangers. Van de leden reageerden er ruim 1000 (een respons van ongeveer 35 procent), van de predikanten en voorgangers 317 (een respons van 26 procent; vooral predikanten reageerden).

De onderzoekers stellen vast dat de achterban van de EO zich anno 2007 presenteert als „zelfbewust en met een levend en vrijmoedig geloof. Niet verlegen met zijn God.” Zij voegen eraan toe: „Misschien wordt het tijd om de verlegenheid ook maatschappelijk af te leggen en de buitenwereld met eenzelfde vrijmoedigheid tegemoet te treden.”

Bijna alle respondenten (98 procent) gaven aan dat het geloof van grote betekenis voor hen is. Voor 65 procent van hen blijkt de „manier van geloven” de laatste jaren echter wel veranderd. „Het gaat dan om verschuivingen van weten naar vertrouwen, van moeten naar mogen en van opvattingen en regels naar de persoonlijke relatie met Christus.” Ook de aandacht voor het werk van de Heilige Geest nam aanzienlijk toe.

Het godsbeeld van nogal wat respondenten blijkt eveneens een verandering te hebben ondergaan. Weliswaar wordt nog altijd grote waarde gehecht aan beelden van God als liefdevolle Vader en een trouwe vriend; tegelijkertijd krijgt de klassiek gereformeerde notie dat God met het lijden een bedoeling heeft en dat het lijden uit Zijn hand komt, nadrukkelijk minder instemming dan eerder.

Op een aantal punten lijkt de EO-achterban orthodoxer te zijn geworden. Zo gelooft 42 procent dat de Bijbel van kaft tot kaft Gods onfeilbaar Woord is; in 1997 lag dit percentage nog op 33. Ook het percentage EO-leden dat gelooft dat God de aarde in zes dagen van 24 uur heeft geschapen, is volgens het onderzoek toegenomen, van 53 procent naar 61 procent. Ongeveer een derde gelooft dat God de aarde wel heeft geschapen, maar niet in zes dagen van 24 uur.

De uniciteit van het christelijk geloof staat binnen de evangelische beweging niet ter discussie, constateren de auteurs van het EO-rapport ”De verlegenheid voorbij”: 95 procent van de respondenten gaf aan dat er (absoluut) maar één Weg tot behoud is, Jezus Christus.

Ondanks dit gegeven lijkt echter minstens 15 procent de Allah van de Koran en de God van de Bijbel op één lijn te stellen; 10 procent aarzelt hier. Verder is niet meer dan 44 procent van de EO-leden er „absoluut” van overtuigd dat je „zonder vergeving in de hel komt.”

Lofprijzing en dankzegging spelen een belangrijke rol binnen de EO-achterban, meer dan schuldbelijdenis en boete doen. De Opwekkingsbundel neemt een steeds belangrijker plaats in; 69 procent van de respondenten zingt graag uit deze bundel. Andere bundels, waaronder de psalmen (in oude en nieuwe berijming), scoren elk ongeveer 30 procent.

Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Meer uit deze rubriek