Als er momenteel aan één ding „dringend behoefte” is, laat Donner daarin weten, is het „hervonden stoerheid.”
Calvijn heeft ons zeker nog iets te zeggen, aldus de minister, die aangeeft zijn C-factor niet te hebben laten vaststellen. „Met stereotypen doet men veel mensen onrecht.”
„Zoals Abraham Kuyper het calvinisme geschikt maakte voor de twintigste eeuw”, besluit Donner zijn statement, „zo moeten wij het geschikt maken voor de eenentwintigste eeuw. Doen we dat niet, dan kan men straks terecht zeggen: Ferme jongens, stoere knapen, fóéí, hoe suffend staat gij daar.”
Historicus prof. dr. G. Harinck is het tot op zekere hoogte met de minister eens. „Tweemaal in de geschiedenis van ons land heeft het calvinisme met zijn robuuste karakter ons verder geholpen. En vandaag staan we volgens menigeen opnieuw voor een overgang.”
Moet Nederland Calvijn daarom opnieuw ontdekken, geschikt maken voor de eenentwintigste eeuw? „Laten we niet vergeten”, zegt prof. Harinck, „dat Calvijn, dat Kuyper, begon met het ontwikkelen van een visie op de kerk. En wat is dan de taak van de kerk? Bruggen bouwen? Een sociaal gezicht tonen in het kader van de WMO?”
In elk geval niet in de eerste plaats, aldus de vrijgemaakte historicus. Hij pleit ervoor dat de kerk weer kerk wordt. „De kerk moet de drempel naar de wereld juist nu niet verlagen, maar eerder verhogen. De kerk moet haar geheim niet zomaar prijsgeven.”
Zijn stellingname roept bij de andere sprekers, SGP-leider Van der Vlies en schrijfster Agnes Amelink, toch wel wat vragen op. Van der Vlies: „U wekt de suggestie: Laat de wereld de wereld maar. Wat doet u dan met de opdracht van Jezus Christus Zelf om uit te gaan in de heggen en steggen? Is het niet: en, en?”
Prof. Harinck: „Waar ik bezorgd over ben, is dat de kerk vandaag vooral sociaal wil zijn. Koffieochtenden organiseren, activiteiten opzetten in het kader van de WMO – in de hoop nog relevant te zijn. Dan zeg ik: Laat de kerk zuinig zijn op haar geheim.”
Amelink: „Maar Mattheüs 25 dan? Hongerigen voeden, naakten kleden?”
Prof. Harinck: „En toch zeg ik: Pas op. Mattheüs 25 geldt mijns inziens in de eerste plaats voor de christenen in de samenleving. Maar ook voor de kerk?”
Tot heftige woordenwisselingen komt het deze avond niet, en misschien gaat het ook wel meer over Kuyper dan over (de stoere) Calvijn. Toch zijn er mooie momenten. Een vrouwelijke aanwezige wijst erop dat Groningen „het land is van Hendrik de Cock. Was hij niet iemand die toonde wat calvinistische stoerheid echt inhield?”
Van der Vlies, naar woorden zoekend: „Ik begrijp de vraag goed. Tegelijk: ik ben altijd maar een gewone hervormde jongen gebleven. Er is veel goeds gebeurd sinds de Afscheiding. Maar als je dan de sprong maakt naar 2009, en ik de verdeeldheid tussen en binnen de kerken zie, dan doet dat grote schade aan het heldere getuigenis van de Bijbel in de politiek. Daar ben ik bedroefd over. Laten we vooral niet trots zijn op al onze kerken. Als je in de Kamer soms op het scherp van de snede moet debatteren en iemand komt na afloop naar je toe en zegt: „Zeg Van der Vlies, namens welke christenen spreek jij eigenlijk?” dan doet je dat pijn. In dat opzicht zouden we misschien eens wat meer moeten bedenken dat Calvijn ook zeer oecumenisch was ingesteld.”