Volgens de predikant werkt het filter waardoor de Bijbel gelezen wordt ook door in de liturgie. „De psalmen komen er bekaaid af. Opwekkingsliederen worden daarentegen veel en graag gezongen. In het gebedsleven lijkt de notie van schuldbelijdenis wel aanwezig te zijn, maar die zie ik in de liturgie niet echt terug.”
Ds. Van der Meij bestrijdt ook sommige conclusies die de onderzoekers zelf trekken. „De EO rekent zich volgens mij rijker dan ze is. Ik ben de verlegenheid in ieder geval nog niet voorbij.”
Dr. W. van Vlastuin, predikant van de hersteld hervormde gemeente van Katwijk aan Zee, noemt de uitkomsten uit het onderzoek „verbijsterend.” „Ik schrik ervan zoals allerlei orthodoxe overtuigingen aan het wankelen zijn. Velen twijfelen eraan of Christus wel de exclusieve weg tot God is. Er zijn er velen die de Bijbel wel betrouwbaar noemen, maar die de Bijbel tegelijkertijd niet onfeilbaar vinden. Ja, het valt mij echt tegen.”
Volgens de Katwijkse predikant geven de resultaten van het EO-onderzoek een trend aan. „Er is meer aandacht voor de Geest en voor de gaven van de Geest bijvoorbeeld. Maar als die aandacht samengaat met het loslaten van de orthodoxie, dan vind ik het een ongezonde ontwikkeling. Twee eeuwen geleden gingen in het Reveil orthodoxie en geestelijk leven samen. Er kwam meer aandacht voor de klassieke geloofsitems. Maar in dit onderzoek zie je juist dat die orthodoxie meer en meer wordt losgelaten. En dat is bepaald geen teken dat we een tijd van opwekking beleven. Wat ons betreft, zie ik in de uitkomsten van dit onderzoek een appel om ons niet te schamen voor orthodoxie.”
L. M. P. Scholten, diaken in de gereformeerde gemeente in Nederland van Nieuwerkerk aan den IJssel, zegt dat hij al lezend steeds meer afstand voelde tot de onderzochte groep mensen. Als centrale oorzaak van zijn vervreemding noemt hij het godsbeeld zoals dat naar voren komt. „Ik mis bij de respondenten de vreze des Heeren, in die zin dat er zo weinig notie lijkt te zijn van Gods heiligheid en majesteit. Voor 92 procent is God een trouwe vriend, maar de Schrift spreekt zo niet. De vreze des Heeren is zeker niet bedoeld als een slaafse vrees, maar er blijft toch altijd distantie, ontzag en diepe ootmoed. Ik mis dat in het geheel. Veel ondervraagden menen dat er geen eeuwige straf is en dat het lijden niet uit Gods hand komt. Dat heeft natuurlijk alles met dit godsbeeld te maken.”
Scholten vraagt zich af wat hij, gezien deze uitkomsten uit het onderzoek, moet met het feit dat het aantal respondenten dat de Bijbel van kaft tot kaft beschouwt als Gods Woord, ten opzichte van eerdere onderzoeken is gegroeid. „Ik wil er direct bijzeggen dat de resultaten ook te maken kunnen hebben met de manier waarop de vragen zijn gesteld. Maar het geheel is voor mij wel tekenend. God is een trouwe vriend en toch leest een derde van de respondenten niet dagelijks in de Bijbel. Hoe kan dat? Uit alles spreekt een geest van niet meer beven voor het heilige. Daar schrik ik wel van.”
Ook de hervormde prof. dr. J. Hoek, die het algemene beeld in het onderzoek „behoorlijk positief” noemt, concludeert op grond van de resultaten dat de EO-achterban vooral het godsbeeld anders inkleurt dan voorheen. „Er is weinig aandacht voor eigenschappen van God als Zijn heiligheid en toorn. Het wordt allemaal zeer vriendelijk. Zijn daarom misschien de psalmen ook niet zo populair?”
Wat betreft de levensstijl ziet dr. Hoek, bijzonder hoogleraar gereformeerde spiritualiteit in Kampen, dat de EO-achterban zich steeds minder laat leiden door autoriteiten. „De mensen zijn mondig geworden. Dat hoeft niet verkeerd te zijn, al zie je wel blinde vlekken ontstaan. Het zegt iets dat zo velen bijvoorbeeld het gebruik van anticonceptie geen kwestie meer vinden waarover ze nadenken vanuit het geloof.”
Uit het feit dat veel respondenten zeggen de Bijbel „betrouwbaar” te vinden, wil dr. Hoek niet de conclusie trekken dat ze de Bijbel dus niet zien als het onfeilbare Woord van God. „Daar moet je erg voorzichtig mee zijn, denk ik. Waar gaat het deze mensen precies om? Hebben we hier te maken met een milde vorm van Bijbelkritiek? Dat wordt mij niet helemaal duidelijk. Wel denk ik dat de uitkomst dat velen twijfels hebben over het bestaan van de hel, alles te maken heeft met het vriendelijke godsbeeld dat de mensen voor zichzelf gecreëerd hebben.”