Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

„Hopelijk leidt dit boek tot herontdekking christendom”

 LEIDEN – Als premier Balkenende een hoofdstuk in de bundel ”Geleerd & Gelovig” had mogen schrijven, zou hij als titel ”Aan de werken herkent men het geloof”, de tekst uit Jakobus, hebben gekozen. Balkenende kreeg het boek dinsdag in Leiden overhandigd door prof. dr. Cees Dekker. Foto RD
 1 van 3  

LEIDEN – Als premier Balkenende een hoofdstuk in de bundel ”Geleerd & Gelovig” had mogen schrijven, zou hij als titel ”Aan de werken herkent men het geloof”, de tekst uit Jakobus, hebben gekozen. Balkenende kreeg het boek dinsdag in Leiden overhandigd door prof. dr. Cees Dekker. Foto RD

LEIDEN - „Hopelijk leidt dit boek tot een herontdekking van het christendom”, zo zei prof. dr. Cees Dekker, redacteur van de bundel ”Geleerd & Gelovig”, dinsdag tijdens de presentatie van de bundel in Leiden. In het boek beschrijven 22 christenwetenschappers wat de invloed van het geloof op hun leven en dagelijks werk is.
„Het christendom is de belangrijkste religieuze traditie in de westerse wereld en heeft ook geleid tot het volledig tot bloei komen van de wetenschap”, zo zei de hoogleraar moleculaire biologie in Delft. „De rode draad die door de bundel loopt is dat God een hoofdrol speelt in het leven van deze wetenschappers en dat Hij de wetenschap niet in de weg staat. Het boek laat zien dat geloof en wetenschap goed te combineren zijn, in plaats van in conflict met elkaar te zijn.”

Aan de overhandiging aan premier Balkenende gingen drie persoonlijke relazen van auteurs van de bundel vooraf. Prof. dr. James Kennedy, hoogleraar geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam, laat zich in zijn wetenschappelijk bezig zijn leiden door Psalm 8. Daarin komt de heerlijkheid van God aan de orde en het feit dat Hij belangrijke verantwoordelijkheden heeft gegeven aan de mens.

Prof. dr. Carlo Beenakker, hoogleraar natuurkunde aan de Universiteit Leiden, probeert in zijn beroep de geheimen van de schepping te doorgronden. „Het enige wat mij interesseert, is of iets waar is of niet. Men vraag mij wel eens: Komt u God tegen in uw vak? Nee, zeg ik dan. Maar ik zie wel de natuur als mijn godsbewijs, zo voeg ik eraan toe. Veel natuurkundigen merken dat alles in de natuur heel erg ordelijk is en bijzonder goed in elkaar steekt.”

Hel
Dr. Peter Roelofsma, docent sociale wetenschappen en psychologie aan de VU, gaf een getuigenis van zijn zoektocht naar God. „Mijn hele leven is een zoektocht naar zo’n ontmoeting geweest. Ook in de wetenschap kon ik niet vinden wat ik zocht.” Voorafgaand aan het in ontvangst nemen van een belangrijke onderscheiding in Israël kreeg Roelofsma een visioen. „Ik droomde dat ik in de hel zat. Voor het eerst gevoelde ik het bestaan van de hel. De twee jaren daarna heb ik in een depressie geleefd. Toen ben ik tot geloof gekomen, tijdens een congres. In een kerkje werd ik geraakt door de aanbidding en er viel een gigantisch licht over mij heen, zo licht en mooi dat ik voor het eerst mijn zonden beleed.”

Zijn conclusie: „Je kunt God ontmoeten. In die ontmoeting kun je Hem kennen. Dat is een ander vorm van kennen dan de kennis van intellect en rede. Het is de kennis van een ontmoeting, zoals je een geliefde aankijkt.”

Grenzen
„Is geloof een levenshouding of een inhoudelijke overtuiging?” vroeg debatleider drs. Jan Greven. Beenakker: „Ik ken geen christelijke wetenschap, daarom is geloof voor mij een overtuiging. In mijn tak is het verboden om visioenen te gebruiken voor dingen die je alleen kunt meten en rekenen.”

Kennedy constateerde dat een christenwetenschapper voortdurend moet laveren tussen geloof en wetenschap. „Maar het is wel een vruchtbare spanning.”

Is er dan ruimte, vroeg Greven, voor het geloof in de beoefening van de eigen wetenschap? Kennedy: „Er worden impliciet grenzen gesteld en je wordt geacht je grenzen te kennen. Harde uitspraken doen kan in ieder geval niet. Je bent als christen door de buitenwereld ingedeeld en men kijkt nauwlettend of je niet over de grens heen stapt.”

Roelofsma: „Je kunt niet alles zeggen. Ik heb misschien iets meer bekeringsdrift, namelijk door te vragen naar de visie op het leven. Ik constateer de laatste tien jaar wel een verandering. De grenzen van wat wel of niet kan, worden meer of minder subtiel kenbaar gemaakt.”

Beenakker: „God is regelmatig onderwerp van gesprek in onze koffiepauze, niet op college. In de natuurkunde mag je geen dingen gebruiken die je niet kunt meten.” Roelofsma: „Die openheid verschilt per faculteit. Psychologie staat notoir onder aan de lijst.”

Prof. dr. A. van de Beek noemde als basis van de wetenschap de Bijbelse lijn „Wat heb ge, dat ge niet hebt ontvangen.” „Als God bestaat, dan is het misschien ook redelijk in Hem geloven, maar Hij is er, dat staat voorop. Juist ons geloof geeft ruimte voor besef van onze begrensdheid. Ook de theologie is een heel bescheiden wetenschap. Laat de Bijbel het boek van God; wat we weten, is bescheiden.”


Lees ook:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Meer uit deze rubriek