”Van hart tot hart” is geen officiële hertaling van de Dordtse Leerregels, benadrukt dr. Verboom. „Zo zijn de verwerping van de dwalingen die volgen op elk hoofdstuk van de Dordtse Leerregels niet in dit boekje opgenomen. Ze lenen zich minder voor een persoonlijk gesprek en ze spreken alleen in afkeurende zin uit wat eerder al op een positieve manier in de Dordtse Leerregels zelf is gezegd.
Dus geen debat, geen hertaling, maar een poging om met mensen in deze tijd in gesprek te raken over de wezenlijke zaken waarover het in de Dordtse Leerregels gaat. Daarom ook zijn, na een persoonlijk getuigenis, een aantal gespreksvragen opgenomen waarover doorgepraat kan worden op bijvoorbeeld verenigingen.”
Volgens dr. Verboom zijn de Dordtse Leerregels niet heel erg toegankelijk. „Er wordt op een manier over verkiezing en verwerping geschreven die toen heel normaal was, maar waar wij tegenwoordig wat vreemd tegenaan kijken. Noem het scholastisch. Waar het mij om gaat is te laten zien dat de verkiezing tot troost van de gelovigen is. Juist de remonstranten leerden dat een mens nooit zeker kon zijn van zijn zaligheid. Daartegen neemt dit belijdenisgeschrift krachtig stelling.”
Het gaat in de Dordtse Leerregels over verkiezing én verwerping.
„Zeker. De Bijbel is er trouwens ook niet onduidelijk over dat God mensen verwerpt. Maar, zo schrijf ik in m’n boekje, dan moeten ze dat wel zelf willen. Dan moeten ze wel Gods Evan-gelie bewust afwijzen. Dan moeten ze wel in ongeloof volhar-den. Dan gaan ze die grens over die de Bijbel verwerping noemt. Buiten Christus is de toorn van God, die in Christus is weggenomen door Gods liefde, niet weggenomen.”
Spreken de Dordtse Leerregels hier toch niet iets anders over?
„Ja, die zijn rationeler en statischer in hun taalgebruik. Maar ik lees ze in het weefsel van de hele belijdenis. De verkiezing mag je namelijk nooit los zien van het geloof in Christus. Wie zich zonder Christus op het ijs van de verkiezing waagt, is een waaghals en komt gegarandeerd in een wak terecht. De verkiezing is geen steriele waarheid, maar een levende waarheid in Christus. Als je daarbij ziet hoe de Dordtse Leerregels spreken over de zaligheid van jong-gestorven kinderen, vooral ook in het nawoord, dan is de op-vatting dat ze leren dat God mensen verwerpt omdat ze van eeuwigheid af toch al verworpen waren niet vol te houden. Dat zou dan namelijk ook moe-ten gelden van sommige jong-gestorven kinderen en die gedachte wijst Dordt af. Verkiezing mag je nooit losmaken van Christus en verwerping mag je nooit los zien van ongeloof. Wie dat wel doet, verdonkert het goud van de Dordtse Leerregels en brengt mensen aan het twijfelen.”