Ds. C. Rentier vroeg als kerk aandacht voor respect voor etnische verschillen en mondiale gerechtigheid in het conflict tussen de islam en het Westen. Volgens hem biedt de situatie in Europa kansen voor moslims. „We moeten moslims niet langer zien als een bezienswaardig cultureel object”, zei hij. Dat er een conflict zou bestaan tussen de kerk en de moskee wees hij van de hand. In het gesprek met moslims stelt de predikant wel spelregels. Zo moet er ruimte zijn voor inhoudelijke kritiek, maar niet voor laster. Verder moeten christenen de wens respecteren dat Mohammed niet bespot wordt. Anderzijds is de manier waarop christenen verweten wordt de Bijbel vervalst te hebben en alternatieve evangeliën aan te dragen even contraproductief voor een serieus gesprek. Ten slotte erkennen we als christenen onze passie voor God zonder verborgen agenda, geven we elkaar de ruimte om met argumenten te overtuigen en zetten wegeen afvalligen onder druk. „Opkomen voor de eer van God hoeft geen theocratische dictatuur te betekenen”, aldus ds. Rentier.
Hij erkende dat de kerk in de geschiedenis vaak misbruik gemaakt heeft van macht en noemde dat in strijd met het Evangelie. „Het Evangelie wijst ons een vreedzamer weg dan de sharia van de islam”, zei hij.
Prof. dr. R. Kuiper, bijzonder hoogleraar wijsbegeerte aan de Erasmus Universiteit Rotterdam (EUR) en lector samenlevingsvraagstukken aan de Gereformeerde Hogeschool in Zwolle, ging vanuit politiek-filosofisch perspectief in op de gepresenteerde stellingen. De vraag of christenen en moslims elkaars bondgenoten zijn, beantwoordde hij bevestigend, voor zover het om het innemen van maatschappelijke posities gaat. „Maar ze zijn geen bondgenoten van elkaar als het om de waarheidsvraag gaat”, zei hij. „Christenen moeten met twee woorden spreken”, aldus Kuiper. „Ze moeten de relatie met moslims vorm geven door op te komen voor het recht van moslims. Dat biedt een opening om te spreken over gerechtigheid. In de tweede plaats moeten christenen moslims Jezus Christus verkondigen”, zei hij.
Verder voerde hij een pleidooi om als christenen rituelen, zoals de christelijke feestdagen, niet binnenshuis te houden, maar deze publiekelijk uit te dragen. Volgens hem nodigt dat anderen uit.
Volgens Yusuf Altuntas, sprekend namens het Contactorgaan Moslims en Overheid, is de islam het sluitstuk van alle religies. „Als een moslim Jezus erkent, is hij geen moslim”, zei hij.
Wel hadden moslims zich volgens Altuntas moeten aansluiten bij de actie van SGP-jongeren tegen het optreden van de popster Madonna. „We hadden gezamenlijk actie moeten ondernemen”, aldus Altuntas.
Verder zei hij dat minister Verdonk anders had moeten optreden toen een imam haar weigerde een hand te geven. „Alle imams geven vrouwen wel een hand, alleen die ene niet. En juist dat werd wereldnieuws. Had minister Verdonk gezegd dat alle imams het wel doen en de vraag gesteld waarom hij dat als eenling weigerde, dan was er niet zo veel ophef over gemaakt”, aldus Altuntas.
Als christenmigrant en zelfstandig ondernemer die betrokken is bij integratievraagstukken wees Faouzi Chihabi op de gelijkenis van de barmhartige Samaritaan uit Lukas 10. „De vraag staat centraal wie mijn naaste is”, zei hij. Volgens hem is Gods liefde boven alle etnische spanningen verheven. „Gods onvoorwaardelijke liefde verbindt mensen. We hebben de opdracht onvoorwaardelijk onze naaste lief te hebben. Daar moeten we geen voorwaarden aan verbinden. Zegt Jezus in de Bergrede niet dat we onze vijanden lief moeten hebben?” aldus Chihabi.