Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

„Gebrek aan kennis doet verschillen toenemen”

NOORDHORN - Als de kennis in de gemeente ontbreekt, nemen de verschillen toe. Kennis - van de Bijbel, van de gereformeerde belijdenis, van de hervormd-gereformeerde traditie.
Dat zei de algemeen secretaris van de Gereformeerde Bond (GB) in de Protestantse Kerk, drs. P. J. Vergunst, dinsdagavond op een regionale ambtsdragersvergadering in Noordhorn.

Elk jaar organiseert de GB een aantal regionale ambtsdragersvergaderingen rond een bepaald thema. Dit jaar is dat ”Omgaan met verschillen in de gemeente”, naar aanleiding van een boekje van de hervormde predikant ds. P. J. Teeuw. Dinsdagavond hadden de eerste van in totaal twaalf ambtsdragersvergaderingen plaats. Volgende week dinsdag is er de tweede serie bijeenkomsten.

Binnen de GB wordt, aldus Vergunst, al geruime tijd nagedacht over verschillen in de gemeente. Het gaat dan om verschillen in geloofsbeleving, maar ook om verschillen in eredienst en liturgie en over verscheidenheid binnen de gemeente.

In zijn toespraak ging hij vooral op het laatste aspect in. Het maakt volgens hem nogal een verschil of een hervormde gemeente uit meerdere wijkgemeenten bestaat of dat er maar één gemeente is. In het eerste geval kan de specifieke inkleuring van de diverse wijkgemeenten een oplossing voor spanningen betekenen. „Maar de praktijk is wel dat wijkgemeenten binnen dezelfde centrale hervormde gemeente meer uit elkaar groeien. Zien we hierbij wat er gebeurt binnen de volgende generatie, juist als we elkaar in het geloofsgesprek niet meer vasthouden en elkaars eenzijdigheden corrigeren?” Het loslaten van de samenwerking tussen de verschillende wijken noemde Vergunst „een teken van verwereldlijking.”

Als er geen wijkgemeenten zijn, zei de algemeen secretaris, is het in de praktijk nog moeilijker om om te gaan met onderlinge verscheidenheid. „De opgave elkaar in deze gemeenten vast te houden, kan groot zijn, als een spanning ervaren gaat worden. Wanneer? Als wij als gemeenteleden een gemeente willen waar wij ons fijn in voelen, bijvoorbeeld mensen die naar conferenties van de EO gaan en die wat ze daar zingen, ook in de eredienst willen zingen.”

Volgens Vergunst speelt in het thema verscheidenheid ook de situatie na 1 mei 2004 mee. „Aan de ene kant is in de gemeente op hernieuwde wijze saamhorigheid ervaren. Een scheuring bewerkt dus de gemeenschapsband. Tegelijk zijn er ook andere waarnemingen. Enerzijds zijn er mensen die vinden dat nu meer behoudende leden vertrokken zijn, er eindelijk ruimte is voor vernieuwingen. Anderzijds zijn er mensen die de situatie na de scheuring en onze positie in de Protestantse Kerk zo kwetsbaar vinden dat er vooralsnog behoefte is aan rust. Als iets elders gebeurt, is er echter altijd wel een gemeentelid dat vindt dat het in de eigen gemeente ook moet, zodat er weer discussie volgt.”

Vergunst somde een aantal ontwikkelingen op die waar te nemen zijn in GB-gemeenten. Volgens hem doet de Gereformeerde Bond er alles aan om het reformatorische erfgoed in de taal van vandaag toegankelijk te maken. „Daarom zijn de klassieke liturgische formulieren hertaald; sommigen noemden dat vernieuwing, maar ik noem dat bewaren, conserveren, de houdbaarheid ervan verlengen.” Hij wees in dit verband ook op de herziening van de Statenvertaling.

In gemeenten kan, als reactie op de bedreigingen van het gereformeerde karakter, sprake zijn van verstarring, van vervlakking of van evangelicalisering, signaleerde Vergunst. „Niemand ziet goede kanten aan vervlakking en verstarring, maar evangelicale invloeden hebben ook positieve elementen, zoals de openheid waarmee over het geloof gesproken wordt, de blijdschap waarmee de betekenis van de Heere Jezus benoemd wordt.”

Volgens de algemeen secretaris liggen hier echter ook bedreigingen. „In de Reformatie is er niet voor niets een andere kant gegaan dan de dopersen wilden. De vraag is of God als de belovende God die ons zoekt nog centraal staat, of dat de gelovende mens in het centrum gekomen is.”

Vergunst concludeerde dat het gereformeerde karakter van een gemeente nooit automatisch wordt bewaard. Een gebrek aan kennis is volgens hem een oorzaak van het toenemen van verschillen in de gemeente, terwijl kennis verbindt. „Samen als ambtsdragers lezen, noem het gerust studeren op een bepaald thema; samen toegerust worden.”

Opbouw van de gemeente mag, zo stelde Vergunst, alleen verwacht worden als vrucht op de prediking. „Verschillen in de gemeente komen we te boven als we samen onder de verkondiging van Gods Woord zitten. Onderweg door dit leven en vooral onderweg naar de ontmoeting met God hebben we allen hetzelfde nodig: een afhankelijk leven, dat God werkt waar de Schriften opengaan. Die spits van ons leven relativeert onderlinge verscheidenheid.”

Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Meer uit deze rubriek