Deputaten kregen daarnaast de opdracht om samen met de delegatie van de Hersteld Hervormde Kerk te onderzoeken „op welke wijze samenwerking met eventueel kanselruil mogelijk is.”
Ook het overleg met de Gereformeerde Bond binnen de Protestantse Kerk wordt voortgezet. De synode droeg deputaten op om daarin te bespreken „hoe we elkaar tot steun kunnen zijn in het bewaren en doorgeven van het gereformeerde erfgoed.” Verder dienen zij „in overleg met het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond” lokale christelijke gereformeerde kerken duidelijk te maken „welke mogelijkheden er zijn om plaatselijk samen te werken of kerkelijk samen te leven met gemeenten van gereformeerdebondssignatuur en welke kansen samenwerking en kerkelijk samenleven bieden, bijvoorbeeld in missionair en diaconaal opzicht.”
Synodepreses ds. D. Quant (Huizen) sprak de hoop uit dat het genomen besluit „mag leiden tot versteviging van de banden” met de Gereformeerde Bond. „Want de contacten komen toch nog niet zo goed van de grond. Dat is jammer.”