Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

Calvijn wilde geen Franse synode

 De eerste Franse synode in 1559 werd gehouden in een herberg in de Parijse wijk Saint-Germain.

De eerste Franse synode in 1559 werd gehouden in een herberg in de Parijse wijk Saint-Germain.

Een groep van zo’n twintig, dertig mannen kwam op donderdag 25 mei 1559 in Parijs in vergadering bijeen. De locatie was de herberg van de vicomte, in de wijk Saint-Germain. Deze voorstad op de linkeroever van de Seine, waar ook de Sorbonne-universiteit te vinden was (en nog steeds is), werd in die dagen wel eens „klein Genève” genoemd, omdat er zo veel protestanten woonden.
Wie waren de mannen die daar samenkwamen? Het waren predikanten en ouderlingen, die uit heel Frankrijk naar de hoofdstad gereisd waren voor een belangrijke vergadering die als eerste nationale synode van de Franse protestantse kerken zou gelden. Vijf dagen lang zouden ze beraad houden over zaken die de eenheid van de kerken in Frankrijk zouden kunnen bevorderen.

De mannen waren afgevaardigden van elf kerken in Frankrijk, maar vertegenwoordigden volgens de informatie van het contemporaine verslag uit de Histoire Ecclesiastique een veel groter aantal gemeenten. Het getal van 72 kerken wordt genoemd.

De voorzitter van de synode was de Parijse predikant François de Morel, terwijl een andere plaatselijke collega, Antoine de Chandieu, zorgde voor de redactie van de twee belangrijkste stukken die tijdens de synode werden vastgesteld: het reglement van de kerkelijke tucht en de artikelen van de Franse Geloofsbelijdenis.

Brandstapels

Het was in een sfeer van grote dreiging dat deze eerste Franse synode samenkwam. In Parijs rookten de brandstapels. In april 1559 had de koning van Frankrijk eindelijk vrede gesloten met Spanje, zodat hij de handen vrij kreeg om zijn land voorgoed van alle „ketterij” te reinigen. De explosieve toename van de nieuwe evangelische beweging baarde hem grote zorgen.

Er waren steeds openlijker manifestaties van het nieuwe protestantse geloof. Nog niet zo lang geleden hadden duizenden inwoners van Parijs, onder wie ook hoge edelen, een aantal avonden achtereen demonstratief in de openlucht psalmzangbijeenkomsten gehouden in de Pré des Clercs, een populair wandelgebied vlak onder de muren van de stad. Overal in Frankrijk ontstonden er kerken, die zich onder invloed van de reformatie van Genève vrijmaakten van de invloed van Rome.

De predikant De Morel had nog niet zo lang geleden vol hoop aan Calvijn geschreven dat er in Frankrijk een vuur ontstoken was dat nooit meer zou kunnen worden gedoofd. De reactie was echter navenant. De felheid van de vervolging nam toe, naarmate de protestanten openlijker voor de dag kwamen.

Zo werd in 1559 de repressie alleen maar groter. Het was dan ook met groot gevaar voor eigen leven dat de synodeleden vergaderden. Het getuigde van moed dat deze vaak nog jonge ambtsdragers niet schuwden om elkaar in het hol van de leeuw op te zoeken. Het mag een wonder van Gods voorzienigheid heten dat hun beraad gedurende vijf dagen ongestoord kon verlopen. Enkele weken later was er een razzia in dezelfde herberg vanwege het gerucht dat men er vlees at op vastendagen en werden er geloofsgenoten gearresteerd.

Voorbarig

Behalve het 500e geboortejaar van Calvijn en het 450e gedenkjaar van de Academie van Genève, Calvijns geesteskind, is het jaar 2009 dus ook het 450e geboortejaar van de Franse Gereformeerd Kerk. Daar moet Calvijn in Genève toch wel bijzonder dankbaar voor geweest, zou men denken. Hij had er immers zijn hart en ziel aan gewijd, om het rijk van Christus in zijn geliefde geboorteland vanuit zijn ballingsoord Genève te bevorderen?

Toch was hij opmerkelijk genoeg helemaal niet zo enthousiast. Je zou zelfs kunnen zeggen dat de eerste Franse synode er een was die Calvijn eigenlijk liever niet had gewild. Dat was niet omdat hij inhoudelijk van mening verschilde met zijn geloofsgenoten over de geestelijke motieven. Maar hij vreesde dat deze actie voorbarig zou zijn. Immers, de organisatie van een eigen nationale Gereformeerde Kerk in Frankrijk had iets revolutionairs. Het zou betekenen dat er voortaan in het koninkrijk Frankrijk sprake zou zijn van „twee godsdiensten” naast elkaar: de Gallicaanse Kerk, die met het gezag en de leer van Rome verbonden was, en daarnaast de Gereformeerde Kerk.

Voor Calvijns besef was dat een onmogelijke situatie. Er kon toch maar één kerk van Christus zijn? En moest men niet het geduld hebben totdat het Gode behagen zou om in heel Frankrijk Zijn kerk te reformeren?

Ook de rol van de koning –hoe vijandig hij ook zijn mocht– was voor Calvijn niet onbelangrijk. Hij leefde nog steeds in de hoop dat het burgerlijk gezag zich zou buigen onder Christus’ Woord, en de kerk in Frankrijk zich zou laten bevrijden door het Evangelie van genade. Was men niet te snel met het vormen van een eigen kerkelijke organisatie? Dat was Calvijns bedenking bij de plannen voor een eerste nationale synode.

Moeizame communicatie

Het kan goed mogelijk zijn geweest dat Calvijn moeite had met de snelheid van de ontwikkelingen, mede vanwege de vaak moeizame communicatie tussen Genève en Frankrijk. Ook moet niet vergeten worden dat het een wonder is dat hij het jaar 1559 nog heeft meegemaakt. Zijn toch al wankele gezondheid was eind 1558 zo veel slechter geworden dat hij maanden lang zijn werk niet meer had kunnen doen. In het voorjaar van 1559 begon hij net weer een beetje te herstellen en kon hij zijn werk weer oppakken. En dat terwijl er in dat cruciale jaar zo ontzettend veel speelde.

Het moet moeilijk zijn geweest voor deze bijna opgeteerde dienaar van Gods Woord om te ervaren dat de beweging die onder zijn invloed in Frankrijk was gaan groeien en bloeien een eigen dynamiek had gekregen. De geestelijke zonen (en dochters uiteraard) in zijn vaderland waren hem nog steeds diep dankbaar, en bleven wat het geloof betreft zeker in zijn spoor. Ze konden echter niet meer het geduld opbrengen om te blijven wachten tot heel Frankrijk van hogerhand gereformeerd werd.

Het is mogelijk dat Calvijn een parallellie heeft gezien tussen de toenemende politieke verzetshouding van de hugenoten en de zelfstandige organisatie van de kerken. Wat hem betreft had het nog moeten blijven bij de verspreiding van het Woord op alle plaatsen waar het maar mogelijk was. Kerken die geplant werden, werden ook steeds meer gevestigd. Dat gaf hoop voor de toekomst. Maar een eigen landelijke organisatie, los van en in verzet tegen de politieke autoriteit, dat was Calvijn net een brug te ver.

Geloofsbelijdenis

Toch heeft Calvijn zich ook weer niet willen onttrekken aan het verzoek van zijn broeders om een goede geloofsbelijdenis te leveren. Hij zag ook wel in dat het belangrijk was dat de vele kerken in Frankrijk voor intern gebruik goede onderlinge regels hadden ten aanzien van de tucht en de leer. Zo zou de eenheid van het geloof worden bevorderd en bewaakt. En daarbij wilde hij zeker zijn onmisbare inbreng hebben.

Daarom arriveerden er op de laatste dag van de synode toch nog drie afgevaardigden uit Genève op de vergadering. Ze hadden zich ijlings naar Parijs begeven, toen in Genève duidelijk was geworden dat de synode definitief door zou gaan. Een van hen was een persoonlijke secretaris van Calvijn, Nicolas des Gallars.

De Geneefse afgevaardigden hadden een ontwerp van de geloofsbelijdenis bij zich, die van de hand van Calvijn was, maar die aangeboden werd namens de kerk –alle predikanten dus– van Genève. De synode maakte er dankbaar gebruik van, maar ging er ook weer niet slaafs mee om. Het eerste van de 35 artikelen van het concept werd uitgebreid tot een zestal, zodat de Franse Confessie veertig artikelen telt.

Deze belijdenis is van grote betekenis geweest voor de confessies in de gereformeerde kerken van bijvoorbeeld Nederland en Schotland, en nog meer landen waar Calvijns invloed zijn uitwerking kreeg.

Tolerantie

Al had Calvijn zijn bedenkingen bij de eerste Franse synode van 1559, toch is deze belangrijke gereformeerde kerkvergadering na 450 jaar het waard herdacht te worden. Het gevolg van de kerkelijke verzelfstandiging was een situatie waarbij de Gereformeerde Kerk in een sfeer van „tolerantie” een bescheiden tweede plaats zou innemen in het rooms-katholieke Frankrijk. Het was op termijn en voor een beperkte tijd het hoogst haalbare. Voor Calvijn was deze optie echter veel te weinig in het licht van zijn vurige hoop op de bevordering van het rijk van Christus in heel Frankrijk.


Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Meer uit deze rubriek