Hartstocht
Ook Calvijn zelf kende de hartstocht dit te doen, aldus de hoogleraar. „Ik beluister hierin de eenheid van de Vader en de Zoon. Want als de Zoon de eer van Zijn Vader heeft in- en uitgeademd, dan is er sprake van een heel diepe eenheid. Dit beeld over het ademen is warmer en stijgt uit boven het rationele spreken van de dogmatische christologische formules van de oude concilies. Het typeert de eenheid van deze Jezus met de God van Zijn volk: inniger, warmer en toegankelijker. Ook voor moderne gelovigen is de eenheid van deze Jood met de Vader van Zijn volk onverminderd fascinerend.”
Een echo en uitbreiding van dit Calvijncitaat ziet prof. Balke in de spreuk „door ons moet de eer van God oplichten.” „Dit is rechtstreekse navolging van Christus. Nadat wij door Hem zijn vervuld van Zijn heiligheid, volgen wij Hem waar Hij ons roept. De christelijke levensstijl is onze band met God, Die in hoge mate Zijn eer dient.”
Testament
Prof. dr. W. van ’t Spijker belichtte de actualiteit van Calvijns theologie aan de hand van diens testament. Dat stelde de reformator in april 1564 op met het oog op zijn naderend overlijden. „Dit stuk”, stelde de Apeldoornse emeritus hoogleraar kerkgeschiedenis vast, „was uitermate kort over have en goed. Het belang ervan zit in het getuigenis over zijn geloof. Calvijn was dankbaar dat God hem als middel in Zijn hand had willen gebruiken. Maar ondanks de overtuiging dat hij steeds eerlijk te werk was gegaan in de strijd voor Gods zaak, voelde hij zichzelf schuldig, omdat hij zo lauw en laf was geweest in zijn ijver voor God.”
Volgens prof. Van ’t Spijker ademt het diep ootmoedige stuk heel sterk de geest van Calvijn. „Deze persoonlijke geloofsbelijdenis lijkt sterk op de inleiding op de verklaring van de Psalmen, waarin hij schrijft over zijn bekering. Calvijn vertrouwt zich in zijn testament toe aan Gods barmhartigheid. Hij concentreert zich op de verdiensten van Christus, in Wie –zoals hij zegt– zijn zonden zijn begraven, en hij getuigt blijmoedig van de zekerheid van zijn behoud. De ervaring heeft bij Calvijn een heel warme plaats”, aldus de hoogleraar.
Prof. Van ’t Spijker liet zien dat dit alles volledig overeenkomt met centrale elementen uit Calvijns theologie. „De Heilige Geest legt daarin de band van het geloof met Christus. Zo blijft Christus niet buiten ons. Calvijn heeft nog meer dan Luther de gemeenschap met Christus tot een centraal gegeven in de theologie gemaakt, niet alleen in de rechtvaardiging, maar ook in de heiliging. Vrijspraak en genezing gaan samen bij de Geneefse reformator. Beide zijn vrucht van het werk van de Heilige Geest. Deze ervaring moet Calvijn gedurende de vele moeilijke jaren in Genève de moed en de kracht hebben gegeven om door te gaan met zijn werk. Deze wezenlijke dingen zijn van blijvende actualiteit”, aldus prof. Van ’t Spijker.
Belijden
In zijn openingswoord zette voorzitter ds. L. J. Geluk uiteen dat de vereniging Protestants Nederland „de onvergankelijke waarheid en waarden van de Reformatie” levend wil houden in kerk en maatschappij en tot opnieuw belijden van de waarheid wil brengen. „Hoe kan onze vereniging zich aan deze taak wijden? Nooit in onszelf. Onze verwachting is van Christus, in Wiens hand ook deze tijden zijn.”
Volgens de voorzitter taant het afdelingsleven, maar mag er landelijk gezien van bloei worden gesproken. Zo telt het maandblad inmiddels rond de duizend abonnees.
In de ochtendvergadering werd afscheid genomen van T. Verboom uit Rotterdam, die na een 43-jarig bestuurslidmaatschap tot erelid werd benoemd.