Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep
  Algemeen

IJsberen tellen vanaf een cruiseschip

 Het cruiseschip ms Nordstjernen in het Krossfjord van Spitsbergen. Foto's RD
 1 van 5  

Het cruiseschip ms Nordstjernen in het Krossfjord van Spitsbergen. Foto's RD

Met donderend geraas stort een stuk gletsjer in het ijskoude water van het Krossfjord van Spitsbergen. Direct beginnen in een motorbootje dat op veilige afstand van het natuurgeweld stilligt zes toeristen te juichen. Ze hadden eigenlijk subiet in tranen moeten uitbarsten. Al Gore beweert in zijn film immers dat zo’n vallend brok blauw direct samenhangt met de opwarming van de aarde? Dramatische beelden, volgens hem. Tijdens een cruise rond de eilandengroep is zo’n spektakel echter alleen maar mooi en indrukwekkend.
Is het een arctische zwerfkei of toch een ijsbeer? De opvarenden van de ms Nordstjernen, een cruiseschip dat in de zomer langs de noordwestkust van Spitsbergen vaart, proberen de identiteit van het witte stipje op een eilandje in het Liefdefjord vast te stellen. Maar hoeveel telelenzen en verrekijkers ook op de verte worden gericht, uitsluitsel geven kunnen ze niet. De kapitein waagt zich daarom wat dichter bij het eiland. Uiterst rustig, want stel dat de ijsbeer op de loop gaat voor het zwarte monster. De natuur verstoren is uit den boze.

De brug van het schip staat vol met een tiental gidsen van Spitsbergen Travel, de grootste touroperator op Svalbard. Plotseling komt er beweging in het team. „Het is een ijsbeer”, roept een van de gidsen door de omroepinstallatie. Iedereen gluurt door een kijker. Inderdaad: een ijsbeer. Hij is zojuist gaan liggen. Beneden, op een grote kaart van Spitsbergen, zet een van de gidsen een streepje achter ”ijsbeer”. Het eerste exemplaar tijdens de ”Adventure Cruise”.

Aan het einde van de boottocht -vier dagen na de afvaart- staat de ijsberenteller op acht. Het zijn er overigens meer, maar blijkbaar zijn de gidsen de tel kwijtgeraakt. Het meest spectaculair is het zien van een moederijsbeer met jong achtervolgd door een mannetje dat het waarschijnlijk heeft voorzien op het jonge exemplaar, wat heel gebruikelijk is in de ijsberenwereld. Ademloos kijken toerist en gids toe hoe het tweetal aan hun belager ontkomt door in het water te springen. Weliswaar zijn de witgele dieren te ver bij het schip vandaan om duidelijk de ogen te kunnen onderscheiden, maar daarvoor kunnen de toeristen naar een dierentuin. IJsberen in het wild spotten, ook vanaf grote afstand, is een onvergetelijke ervaring.

Boerderij
De cruise begint op maandag in Longyearbyen, de hoofdstad van Spitsbergen met zo’n 2000 inwoners. Vroeg boeken is een must, want de extreme gebieden rond noord- en zuidpool zijn in trek bij toeristen. Zeker nu de jaren 2007 en 2008 uitgeroepen zijn tot Internationaal Pooljaar. Als deelnemers het programma volgen, zijn ze in de nacht van zaterdag op zondag aangekomen op het vliegveld van Longyearbyen. Dat is een bijzondere ervaring, want ze staan om halftwee ’s nachts in het zonnetje. Eerder afreizen via Oslo en Tromsø naar de eilandengroep is overigens geen probleem, zodat het reizen op zondag niet aan de orde is.

De eerste stop van de ms Nordstjernen is Barentszburg, een typisch Russische mijnbouwnederzetting met bijna 600 inwoners. Een gammele, spekgladde houten trap -263 treden- brengt de pakweg 130 opvarenden van de haven naar de hoofdstraat, de enige weg die de nederzetting rijk is. Recht tegenover de trap staat een borstbeeld van Lenin, links ligt de enige varkensboerderij van Spitsbergen, die regelmatig een bezoekje krijgt van een ijsbeer.

Rechts leidt de straat onder andere naar een groot schoolgebouw voor de zeventien kinderen van Barentszburg. „Binnen in dit gebouw is een ruimte waar de temperatuur even laag is als buiten”, weet de Russische gids. „Dan lijkt het net of de kinderen buiten spelen, terwijl ze niet het gevaar lopen overvallen te worden door een ijsbeer.” De regen versterkt de toch al mistroostige aanblik van de oosterse gebouwen. Des de opvallender is het enthousiasme waarmee de gids zijn stad laat zien en waarmee de lokale bevolking ’s avonds een folkloreshow geeft.

Dezelfde avond vertrekt het oudste schip van de Hurtigruten Group -de moedermaatschappij van Spitsbergen Travel- naar het noorden en passeert de westkust van Prins Karls Forland, een eiland ten westen van Svalbard. Walrusspotters moeten nog even wakker blijven, want volgens de gidsen wemelt het op dit eiland van de kolossale bruine dieren met hun opvallende slagtanden. Overigens zal opblijven voor sommigen wel te verkiezen zijn boven een verblijf in de hut. Met een beetje pech ligt deze namelijk pal naast de machinekamer en beweeg je -of je wilt of niet- mee op het ritme van de dieselmotor uit 1956.

De volgende ochtend staat de grote Monacogletsjer op het programma. Het weer belooft echter weinig goeds. De wolken hangen laag en hoe dichter het schip de traag glijdende ijsmassa nadert, hoe dikker de mist wordt. Vlak bij de gletsjer besluit de kapitein rechtsomkeert te maken. Van de tientallen meters hoge ijswand zien de toeristen alleen de brokstukken om het schip drijven.

Walvissen
Laaghangende bewolking is boven Spitsbergen eerder regel dan uitzondering. Dat deze soms zeer snel verdwijnt en opkomt, blijkt als het schip op weg gaat naar het eilandje Moffen, een walrussenreservaat net boven de tachtigste hoogtegraad. De zon schijnt volop als de bemanning tijdens het diner walvissencarpaccio en als hoofdgerecht rendiervlees opdient. Vooral het eerste smaakt net wat anders als je vanuit het raam zicht hebt op een strakblauwe lucht, een zee met brokken ijs en spuitende walvissen. De bron van het hoofdgerecht zien de toeristen een dag later van dichtbij, tijdens een wandeling op een stuk toendra.

Het missen van de Monacogletsjer wordt in de stralende nacht van dinsdag op woensdag ruimschoots vergoed als de ms Nordstjernen tussen de kleine eilandjes van de noordwestpunt van Svalbard vaart. Rondom zwarte, spitse bergtoppen, deels bedekt met sneeuw. Daartussen blauwe gletsjerfronten. Ongelooflijk dat Nederlandse pioniers als Willem Barentsz en de walvisvaarders hier in de 16e en 17e eeuw rondvoeren met een zeilschip, zonder een betrouwbare kaart, zonder mobieltje en zonder de wetenschap dat, als het mis mocht gaan, een helikopter hen uit dit onherbergzame oord zou kunnen redden.

Rond halfdrie ’s nachts zet de kraan op het schip een motorbootje met twee dames van pakweg 20 jaar van boord. Een paar maanden bivakkeren ze in een klein houten hutje in het Magdalenafjord en controleren ze namens de Sysselmannen på Svalbard, de overheidsinstantie op de archipel, de cruiseschepen die het fjord aandoen. Bang voor ijsberen? „Welnee”, lacht een van hen. „We zijn gewapend. Onze leeftijdsgenoten op Spitsbergen staan in de rij voor dit baantje.” Ze slingert een geweer over de schouder en stapt in de sloep. Op weg naar avontuur.

Meer informatie: zie www.spitsbergentravel.no/eng of neem contact op met IJsland Tours te Utrecht, 030-2308010.

Klauteren over keien
De hoofdstad van Spitsbergen, Longyearbyen, doet wat rommelig aan als een touringcar toeristen vanaf het vliegveld naar hun hotel transporteert. Geen enkele boom of struik die de honderden sneeuwscooters, de graafwerkzaamheden langs de weg en de rommel op het industrieterrein kan verhullen. Alles wat op de archipel groeit, is lager dan 30 centimeter.

Er is nog een reden waarom sommige plaatsen op Svalbard -de officiële naam voor de Noorse eilandengroep- er bijna uitzien als een vuilstortplaats. Alles van voor 1950 is op Spitsbergen cultureel erfgoed en moet daarom ongemoeid blijven. De overheidsdienaren handhaven deze regel tot in het extreme en de toeristenbranche kan niet anders dan hen hierin volgen. Ingezakte houten hutjes laten ze daarom gewoon instorten en een toerist die een voet zet op een splinter oud hout kan rekenen op een reprimande.

Pakweg 60 procent van de eilandengroep is bedekt met gletsjers. Van de overige 40 procent is meer dan de helft bedekt met keien, afgezet door gletsjers. Wat overblijft zijn de toendra’s en de dalen die uitmonden in de fjorden. Toch is een wandeling door de natuur zeker de moeite waard. Vanuit Longyearbyen zijn er twee routes die cruiseschiptoeristen vaak bewandelen. Eén ervan is de trip naar de ruim 500 meter hoge top van de Sarcofagen, een berg achter Longyearbyen en het barakkencomplex Nybyen.

Wie keurige wandelpaden verwacht, moet niet op Spitsbergen zijn. De Sarcofagentrip voert dwars door ijskoude stroompjes, over hellingen bezaaid met keien of sneeuw en over gletsjers. Niet echt iets waar liefhebbers van cruises van gecharmeerd zijn, zo lijkt het. „Voordat ze aan deze wandeling beginnen, hebben ze op het schip al een uitgebreide toelichting gehad en moeten ze soms een soort test doen”, zegt Francisca Vermeulen, een Nederlandse biologiestudente die met het gidswerk een centje bijverdient.

De weg naar de top -met een schitterend uitzicht over Nybyen, Longyearbyen en het Adventfjord- duurt ongeveer 2 uur. Voor de terugweg is een kwart van die tijd voldoende, verzekert Francisca. Geen wonder, want op d’r achterste zoeft ze sneeuwhellingen af en springt ze van steen naar steen. Dat de steile keienhellingen boven haar af en toe een onheilspellend, rommelend geluid laten horen, deert haar niet. Op de vraag of deze route wel veilig is, antwoordt de VU-studente: „Niet onveiliger dan het oversteken van een drukke straat in Amsterdam.”


Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels