Grote groepen knaagdieren liggen echter in diepe rust in hun holen, glazen potten van zo’n 25 centimeter doorsnee. Soortgenoten lopen over hen heen, trappen hen in de maag zonder dat de slaapkoppen het merken. „Ze liggen in een soort coma.”
Eigenlijk heeft Even geen bijzondere relatie met de 83 naakte molratten die hij verzorgt. „Het zijn geen persoonlijkheden, zoals gibbons. Apen zeggen me meer dan molratten. Die kun je niet individueel herkennen. We hebben ze daarom geen naam gegeven, zelfs de koningin niet.”
Toch praat de verzorger enthousiast over deze diersoort, die voorkomt in Somalië, Ethiopië en Kenia. „Het zijn heel interessante beestjes. Ik vind ze grappig om hoe ze eruitzien en om wat ze doen. Ze lopen heel druk, vooruit en achteruit, ravotten met elkaar en zijn heel sociaal.”
Negen jaar geleden kwam een kleine kolonie onder leiding van een naaktemolratkoningin uit Zuid-Afrika naar het dierenpark. „Professor Jennifer Jarvis bestudeert de naakte molratten daar al jaren. Wij hebben een kolonie van haar gekocht. Emmen is een van de vijf Europese dierentuinen die naakte molratten heeft. De dieren zijn moeilijk te verzorgen.”
Groot was de gekochte kolonie niet: een koningin en een paar dekmannetjes. „De koningin heeft, net als bij insecten, het alleenrecht op voortplanting. De andere, de werksters en de soldaten, zijn zo sociaal dat ze hun eigen behoefte aan voortplantingsdrift opgeven ten bate van de kolonie. Dat noemen we eusociaal.”
Ingenieus is het systeem waarmee de koningin haar alleenrecht op de vrouwelijke voortplanting bevestigt. „Dat doet ze niet alleen door haar autoritaire gedrag, waarbij ze vrouwelijke soortgenoten duwt en trapt. In haar urine zit een stof die de andere vrouwtjes onvruchtbaar maakt. Omdat ze allemaal gebruikmaken van hetzelfde toilet, nemen die de stof via de huid in het lichaam op. Ik noem die stof de anticonceptiepil van de naakte molrat.”
Het alleenrecht op voortplanting kan een probleem worden als de koningin doodgaat. „Dan vechten de vrouwtjes elkaar de tent uit. Ik denk dat we dan een nieuwe kolonie in Zuid-Afrika kopen. Maar onze koningin is 16 jaar. En ze kan in gevangenschap zeker 35 worden.”
Ook voor Even is de Emmense koningin lastig te herkennen. „Een koningin heeft als enige ontwikkelde tepels. Onze koningin is heel slank en heeft een klein koppie. Er zijn wel eens bezoekers die van een grote molrat zeggen: Kijk daar gaat de koningin, maar zelfs ik weet haar niet altijd te vinden.”
Even geeft de beestjes van zo’n 5 à 15 centimeter dagelijks te eten. „In de kilometers lange gangen in Afrika eten ze altijd knollen en wortels. Wij geven ze zoete of gewone aardappel, maar ook paprika, appel of guave. Dat eten ontsmetten we in zwak chloorwater. Molratten zijn erg gevoelig voor infecties.”
Na het voeren vervangt Even een paar stukken van de glazen kooiconstructie. „Meestal één pot en één gang. Soms komt er een mol aanrennen die uit het systeem floept. Dan raakt hij in paniek en rent-ie even hard weer terug, omdat hij bang is buiten de groep te raken. In Afrika zijn molratten namelijk een gewilde prooi voor roofdieren zodra ze boven de grond komen.”
Bezoekers van de dierentuin vinden de naakte molratten met hun grote knaagtanden soms eng of lelijk. „Lelijk kun je ze vinden, maar eng zijn ze zeker niet. Naakte molratten zijn heel verrassend.”
Dit is het tiende en laatste deel in een serie over een bijzondere verhouding tussen mens en dier.