Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep
  Algemeen

Homofiel en toch getrouwd

Jeroen van de Boogaard is een "refo-homo." De afgelopen weken ergerde hij zich aan de "dictatuur van D66 en anderen." Die suggereerden dat reformatorische scholen niets doen aan het bespreekbaar maken van homofilie en homoseksualiteit, omdat ze het aanstootgevende homojongerenblad Expreszo weigerden. Jeroen, die sinds een jaar een eigen pagina op internet heeft, gaf daarom begin deze week alle reformatorische scholengemeenschappen het adres van zijn site door.
"Deze website zou deel uit kunnen maken van de lessen maatschappijleer en/of godsdienst op uw school", schrijft Jeroen in zijn begeleidende mail. Een godsdienstdocent van het Driestar College in Gouda heeft de site inmiddels aan de orde gesteld in zijn lessen.

Jeroens internetsite bestaat uit elf hoofdstukken. Eerst introduceert hij zichzelf: "Ik ben grotendeels homofiel, maar ook degelijk gereformeerd. Voor de helderheid: Ik zit iedere zondag twee keer in een "zware kerk" (langzaam zingen en dames een hoedje op)." Dan beschrijft hij zijn leven, zijn bekering, wat de Bijbel schrijft over homofilie, de oorzaken van deze geaardheid en hoe hij over vriendschappen denkt. Hij wijst op het gevaar van open internet, terwijl hij dezer dagen de scholierenpagina uitbouwt.

De belangstelling voor de site is sinds zijn oproep richting de scholen sterk gegroeid. Lag het aantal bezoekers sinds de start, vorig jaar november, tot voor kort op zo'n vijftien per dag, momenteel zijn er tussen de vijftig en de tachtig mensen die dagelijks zijn pagina's lezen.

Jeroen houdt er een drukke bijbaan aan over. "Ik hoor heel schrijnende verhalen. Er is een onvoorstelbare eenzaamheid onder reformatorische mensen met homofiele gevoelens. Ze zijn wanhopig en denken dat ze nooit meer bekeerd kunnen worden. Ik heb vaak mailcontact met mensen die via de site reageren. Sommigen zitten zo erg in de problemen dat ik mijn telefoonnummer geef, zodat ze kunnen bellen, en met enkelen heb ik persoonlijk contact. Maar soms wordt het te veel - ik heb ook een baan en andere nevenactiviteiten. Daarom verwijs ik vooral door naar hulpverleningsinstanties zoals Eleos en Different Nederland, vroeger de EHAH."

Gespletenheid

Voor het geven van aandacht stelt Jeroen wel een voorwaarde. "Als mensen hun homofilie praktiseren, moeten ze daar wel mee willen stoppen. Ik merk namelijk een geweldige gespletenheid op in de gereformeerde gezindte. Mensen uit de rechterflank zitten 's zondags in de kerk, houden er soms heel wettische opvattingen op na, terwijl ze doordeweeks homoseksuele zonden in sauna's of bij parkeerplaatsen doen."

Jeroen weet waarover hij praat. Als jongen van 11 ontdekte hij meer belangstelling voor jongens dan voor meisjes te hebben. "Toch werd ik op mijn twaalfde erg verliefd op een meisje. Dat ging weer over en gaandeweg merkte ik steeds meer dat ik op jongens viel. Ondertussen was ik erg bang dat het zou worden ontdekt. Om dat te voorkomen, lachte ik mee als klasgenoten het over "nichten" of "flikkers" hadden."

Toen hij een jaar of 16 was, stelde een docent maatschappijleer "heel ongenuanceerd" dat iemand met homofiele gevoelens maar het beste met iemand van het andere geslacht kan trouwen. "Dat wilde ik ook. Ik heb veel aan God gevraagd: Wilt U geven dat ik verliefd word op een meisje? Tijdens mijn adolescentie gebeurde dat ook. Ik heb dat als gebedsverhoring ervaren. Ondanks dat was ik erg onzeker over mijn mannelijkheid."

Een paar jaar later trouwde Jeroen en kwam er een kind. Rond die tijd heeft hij zijn vrouw ook verteld van zijn homofiele gevoelens. Ze schrok h eel erg, maar vroeg niet verder. "Ik was blij dat ik het had verteld. Ons huwelijk leek goed, maar we hadden niet echt goed contact met elkaar. Ik leefde mijn eigen leven."

Ook het seksuele contact verliep niet makkelijk. "We hadden wel gemeenschap -we kregen tenslotte kinderen- maar het gebeurde niet veel." Ondertussen fantaseerde Jeroen over mannen, vooral tijdens dromen. "Ik voelde me daar wel schuldig over. Een stroom van ongerechtigheden had de overhand op mij."

Open internet

Ondertussen voelde Jeroen zich wel "onwijs eenzaam" met zijn geheim. De behoefte aan contact met mannen ging hij uiten door het bellen met 06-lijnen voor homo's. De gespletenheid tussen leer en leven nam toe toen open internet zijn intrede deed in huize Van de Boogaard. "Onze computer stond in de slaapkamer, mijn vrouw vertrouwde mij."

Dat vertrouwen was misplaatst. Jeroen babbelde met andere homo's in chatboxen, schafte een webcam aan en bevredigde zich in de digitale nabijheid van zijn homovrienden.

De bevrijding van deze levenswijze kwam ook via internet op gang. "Een kennis chatte via MSN een keer met mij over de vraag waarom ik niet bekeerd was. Hij bleef aanhouden. Ik heb hem toen bekend in welke zonde ik leefde. Jesaja 59 vertelde mij dat mijn ongerechtigheden scheiding maakten tussen mij en God. Ik mocht niet langer zo doorgaan." De computer ging naar de huiskamer, de webcam belandde in de grijze container.

Kort daarna kwam Jeroen tot bekering. "Ik had wel een wettische verandering meegemaakt, maar ik was nog steeds God kwijt. Samen met de vriend die van mijn zonde afwist, heb ik gebeden en God werd mij een toevlucht en een hoog vertrek. Hij maakte mij vol van vrede. Maar het oude bestaan komt terug. Dan bid ik: Twist met mijn twisters, Hemelheer."

In aanwezigheid van de vriend biechtte hij zijn vrouw op in welke zonde hij leefde. Opnieuw luchtte deze bekentenis Jeroen op. "Ik was voor die tijd schizofreen, nu werd ik van twee personen langzamerhand één persoon. Ik accepteerde mijn homofiele geaardheid, erkende dat ik zo ben. Met mij ging het sindsdien steeds beter, maar met mijn vrouw ging het steeds slechter. Ik had haar vertrouwen beschaamd."

Huwelijkscrisis

Het huwelijk kwam in een diepe crisis terecht. Het echtpaar schakelde een predikant in. Het was voor hem de eerste keer dat hij werd geconfronteerd met een gemeentelid dat vertelde homofiel te zijn. Hij onderhield pastoraal contact, maar verwees voor de psychische problemen door naar een particulier psychologenbureau uit de gereformeerde gezindte.

Jeroens vrouw luchtte daar haar hart, maar de aanpak "was niet zo professioneel", vindt Jeroen. Vervolgens ging het echtpaar samen naar een andere therapeute. Die stuurde uiteindelijk echter aan op een echtscheiding, maar dat wilden beide echtelieden niet.

Jeroen kwam erachter dat hij zijn homofiele geaardheid als alleen zíjn probleem zag, wat zijn vrouw niet zou aangaan. In deze tijd richtte hij zich sterk op contact met een (heteroseksuele) vriend en niet zozeer op herstel van de relatie met zijn vrouw.

Jeroen moest daarom ook zijn levenshouding veranderen. "Ik ben zorgzamer geworden, heb geleerd veel meer met mijn vrouw te praten. Het contact is weer teruggekomen, in alle opzichten." Na deze periode werd ook weer een kind geboren, waar het echtpaar God erg dankbaar voor is.

Aantrekkelijker

De homofiele gevoelens blijven echter, hoewel ze minder worden. De verslaving is weg. Op een wel eens gehanteerde schaal van 1 (hetero) tot 8 (homo) schat Jeroen zichzelf in op 5 à 6. "Mijn vrouw wordt tegenwoordig wel lichamelijk aantrekkelijker voor mij. Ik heb nooit geleerd gevoelens voor een vrouw te hebben. Misschien ga ik daar toch hulpverlening voor zoeken. Niet bij Different Nederland, dat vind ik te evangelisch. De gespreksgroepen van Eleos voor homofielen zijn misschien zinvol, maar daar ga ik om mijn anonimiteit te waarborgen niet naartoe."

Want Jeroen wil zijn homofiele geaardheid niet aan de grote klok hangen. "Zeker niet voor mijn ouders, die zouden een grote schok krijgen. Bovendien denk ik dat ik het dan wel kan schudden met mijn baan en nevenactiviteiten. Misschien dat over twintig jaar de gereformeerde gezindte voldoende openheid heeft om dit probleem aan te kunnen. Ik vind het kwalijk dat een gezaghebbend iemand als L. M. P. Scholten vorig jaar in een interview in Terdege zei dat homofilie maar in de taboesfeer moet blijven. Laten jongeren hun seksuele gerichtheid, of twijfels daarover, aan een vertrouwenspersoon vertellen. In ieder geval aan hun ouders -ik heb nog nooit gehoord dat ouders hun kind daarom op straat zetten- maar ook aan een goede vriend, vriendin of een deskundig kerkenraadslid."

De amateurhulpcontacten die u via de website biedt, groeien u bijna boven het hoofd. Moet u hierbij geen hulp zoeken?

"Dat zou ik best willen, maar dan komt mijn anonimiteit in gevaar. Zo zou ik op mijn site mogelijkheden willen bieden voor discussiefora, maar ik heb geen tijd, kennis en geld om zo'n site te bouwen. Ik moet dan iemand hebben die ik absoluut kan vertrouwen en die zo'n site bouwt."

En wat vindt u van een eventuele reformatorische club voor homofielen, naar het voorbeeld van de evangelische stichting Onze Weg of de vrijgemaakte werkgroep Contrario?

"Ik heb daarbij aarzelingen, want er zit ook een gevaarlijke kant aan: dat leden van zo'n club verliefd op elkaar raken. Misschien dat gereformeerde hulpverleningsinstanties -hoewel de deskundigheid daar niet altijd even groot lijkt te zijn- zo'n club kunnen beginnen. Praktiseren van homoseksualiteit blijft in strijd met Gods gebod. Een homofiele geaardheid blijft een handicap, een doorn in het vlees. Die maakt mij afhankelijk en doet me dicht bij God leven."

Jeroen van de Boogaard heet in werkelijkheid anders. De site is te vinden op www.refohomo.8k.com.


Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels