Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep
  Algemeen

„Homodiscussie CU niet klaar na Cnossen”

 ROTTERDAM – Minister Plasterk van Onderwijs neemt op 30 juni op het Wartburg College in Rotterdam een visienota over homoseksualiteit in ontvangst. De nota is opgesteld door de stuurgroep homoseksualiteit van de Vereniging voor Gereformeerd Schoolonderwijs (VGS). Plasterk gaat vervolgens met leerlingen in gesprek over homoseksualiteit. Foto ANP

ROTTERDAM – Minister Plasterk van Onderwijs neemt op 30 juni op het Wartburg College in Rotterdam een visienota over homoseksualiteit in ontvangst. De nota is opgesteld door de stuurgroep homoseksualiteit van de Vereniging voor Gereformeerd Schoolonderwijs (VGS). Plasterk gaat vervolgens met leerlingen in gesprek over homoseksualiteit. Foto ANP

Maandenlang woedde in de ChristenUnie een debat over de vraag: Mag een praktiserend homoseksueel de partij vertegenwoordigen of besturen? De uitkomst, volgens het homoseksuele ChristenUnielid Sander Chan: „De deur voor christenhomo’s in de CU zit dicht.”
ChristenUniedeelraadslid Lont uit Amsterdam opende de discussie over homoseksuelen in de ChristenUnie anderhalf jaar geleden met een artikel in het Nederlands Dagblad waarin ze stelde dat homoseks de „geestelijke dood” verdient. Chan (29) zat destijds samen met Lont in het bestuur van de ChristenUnie in Amsterdam. „Een moeilijke tijd brak aan. Het debat dat ze losmaakte, raakte me persoonlijk.”

Lont stelde daarna een conceptmotie voor die de partij ertoe opriep geen praktiserende homoseksuelen te accepteren als volksvertegenwoordiger. Het partijbestuur wist indiening van de motie op het partijcongres te voorkomen door een commissie in te stellen onder leiding van de Zwolse wethouder Cnossen. Die moest de partij adviseren hoe en binnen welke kaders CU-bestuurders en -politici aanspreekbaar zijn op hun leefwijze.

Hun rapport verscheen op 19 mei. Uit het stuk viel af te leiden dat de commissie-Cnossen kandidaat-politici die een homoseksuele relatie onderhouden, niet bij voorbaat wilde uitsluiten van een plaats op de kandidatenlijst of van een bestuursfunctie. Als iemand praktiserend homo is, is dat een „relevant” gegeven, maar niet bij voorbaat een blokkade. In een interview gaf Cnossen toe de deur voor praktiserende homo’s niet dicht te doen: „Als we het categorisch wilden uitsluiten, hadden we het in de gedragscode voor CU-politici en -bestuurders moeten opnemen. En dat wilden we niet.”

Commissielid Leerling nam een minderheidsstandpunt in. Hij stelde voor een lijst met verboden gedragingen op te nemen in de code, waaronder de homoseksuele praxis.

Chan spitte het rapport „regel voor regel” door. „De uiteenlopende interpretaties -de deur staat op een kier, de deur zit dicht- geven aan dat het rapport vaag en onduidelijk was.”

Het ChristenUniepartijcongres nam op 14 juni de aanbevelingen uit het rapport over de gedragscode voor CU-vertegenwoordigers over. Wel werd de code gewijzigd. Kiesvereniging Nunspeet scherpte hem aan met een verwijzing naar de Uniefundering en het kernprogramma. Dat laatste werd op verzoek van Barneveld uitgebreid met de passage dat „seksuele omgang onlosmakelijk is verbonden met het huwelijk.”

Chan volgde het congres vanuit het buitenland via de media. Hij concludeert dat door ingrijpen van Nunspeet en Barneveld „de ChristenUnie de deur voor homo’s heeft dichtgedaan.” De onderzoeker aan de Vrije Universiteit -die, sinds hij tien jaar geleden tot geloof kwam, geen relatie heeft gehad- vindt dat „heel ongelukkig.” Hij constateert dat de partij „naar de media toe heel bewust het beeld heeft geschetst dat de deur voor homo’s op een kier staat, maar dat het tegelijkertijd eigenlijk moeilijker is geworden voor homo’s in de CU. Hun positie is verslechterd.”

De politicoloog hoopt dat de partij in gesprek gaat met christelijke homo-organisaties en pal gaat staan voor christenhomo’s. „Ook als dat stemmen kost in een bepaald deel van de aanhang.”

Wat Chan -die de CU trouw blijft- betreft, maken christenhomo’s in de toekomst „zeker kans” op een functie als ChristenUniepoliticus of -bestuurder. Hij vermoedt dat het rapport van Cnossen niet het laatste woord heeft over homo’s in de partij. „De discussie wordt op zeker moment voortgezet.”


Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels