Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep
  Algemeen

Einsteins schaduw

 In de facultteitskamer van de wis- en natuurkundefaculteit werd in 1929 een portret van Einstein opgehangen. Het portret is in 1920 geschilderd door Harm Kamerlingh Onnes, een neef van de beroemde Leidse natuurkundige Heike Kamerlingh Onnes. Bron: Museum Boerhaave

In de facultteitskamer van de wis- en natuurkundefaculteit werd in 1929 een portret van Einstein opgehangen. Het portret is in 1920 geschilderd door Harm Kamerlingh Onnes, een neef van de beroemde Leidse natuurkundige Heike Kamerlingh Onnes. Bron: Museum Boerhaave

Albert Einstein en de veelzijdige Limburgse Nobelprijswinnaar Peter Debije (1884-1966) kruisen diverse malen elkaars pad. In 1914 vervangt hij Einstein in Zürich, als deze een benoeming in Berlijn heeft aangenomen. Twintig jaar later volgt Debije Einstein op als directeur van het Kaiser Wilhelm Instituut in Berlijn, dat hij omdoopt tot Max Planck Instituut. Overigens is deze laatste opvolging Einstein een doorn in het oog, omdat Debije volgens hem profiteert van zijn gedwongen vlucht.

Debije heeft een belangrijk aandeel gehad in de toepassing van de kwantumtheorie. Einstein presenteerde in 1911 op de eerste Solvay-conferentie in Brussel, waar de hele top van de fysica bijeenkwam, een methode om bepaalde warmte-eigenschappen van vaste stoffen met behulp van deze theorie te berekenen. Door de verbeteringen van Debije in 1912 kwam de kwantumtheorie meer in het traditioneel domein van de natuurkunde.

Door het nazi-regime wordt Debije in 1939 verplicht de Duitse nationaliteit aan te nemen, maar hij weigert en gaat via Nederland naar de Verenigde Staten. Hij is daar van 1940 tot 1950 hoogleraar scheikunde aan de Cornell University te Ithaca. In 1952 gaat hij met emeritaat, maar hij blijft actief in onderzoek en onderwijs, zowel in Amerika als in Europa.

Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels