Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep
  Algemeen

Eetbare natuur om de hoek

 Van vlierbessen (Sambucus nigra) kun je sap persen of jam maken.
 1 van 2  

Van vlierbessen (Sambucus nigra) kun je sap persen of jam maken.

Walnoten, bosbessen en appels kunnen op afnemers genoeg rekenen. Uit het vuistje, of als onderdeel van een smakelijk gerecht. Dat ook de gele kornoelje, de hartnoot en de worcesterbes de maag prima kunnen vullen, is minder algemeen bekend. De Nederlandse Eetbare Planten Database, sinds eind vorig jaar via internet te raadplegen, wil deze kennis aan de man brengen.
Veel mensen vinden het leuk en nuttig om te weten wat ze eten, ook uit milieuoogpunt, meent Douwe Beerda, student energie- en milieuwetenschappen aan de Rijksuniversiteit Groningen. „Ik ken mensen die hun jonge kinderen graag willen meegeven hoe de natuur werkt en waar voedsel vandaan komt.” Zij kunnen op de database niet alleen terecht voor informatie over bomen en planten, maar ook over de manier waarop ze al dit eetbaars dicht bij huis op een slimme manier kunnen telen en verzamelen.

Beerda richt zich in zijn database vooral op meerjarige planten. „Op het gebied van bomen, struiken en klimplanten is de database vrij volledig. Op eenjarige wilde planten en groenten heb ik me minder gericht. Deze groep is heel groot, daarom heb ik ervoor gekozen door te linken naar websites van leveranciers die enorme assortimenten hebben en ook nog eens veel informatie aanbieden.”

Verrassend genoeg krijgt ook de brandnetel een plaats in Beerda’s lijst. De plant onbewerkt opeten is niet aan te raden, maar gekookt als groente of in de soep kan prima. Daarnaast kunnen de planten prima dienen als omheining en op een zonnige dag zijn ze een lust voor het oog. Vlinders als de kleine vos, de dagpauwoog en de atalanta landen er graag op.

De bessen van de gele kornoelje (propvol vitamine C) komen goed tot hun recht in jam, sap en gelei. In Nederland is de vrucht vrij onbekend, maar Oost-Europeanen koken er graag mee. De gele kornoelje levert niet alleen lekkere vruchten, maar ziet er ook prachtig uit. In de winter vallen de rode takken op en al in februari staat de plant prachtig geel in bloei.

De Oost-Indische kers kennen de meesten alleen als decoratieve plant, maar de bladeren, bloemen en jonge vruchten misstaan niet in de sla. De lichte pepersmaak komt daarin goed tot zijn recht. De plant houdt slakken op afstand en trekt bladluizen juist aan, eigenschappen waarvan een tuinliefhebber slim gebruik kan maken.

Australië
De interesse voor eetbare planten en wat je er in je leefomgeving allemaal mee kunt, draagt de student met zich mee sinds hij tijdens een reis door Australië in contact kwam met permacultuur. „Dat is een systeem om de natuur om de mens heen te ontwerpen, zodat die op een praktische manier beter in balans komt met zijn directe omgeving. Een permacultuursysteem is uitstekend geschikt voor voedselproductie, maar je moet dan wel weten welke hoge bomen, lage bomen en struiken je in Nederland bij elkaar kunt zetten als je een eetbare tuin wilt maken.”

Het idee achter permacultuur -samengesteld uit de woorden permanente agricultuur en permanente cultuur- is in de jaren zeventig ontwikkeld door Bill Mollison en David Holmgren van de universiteit van Tasmanië. De techniek biedt onder andere oplossingen voor verwoestijning en bodemerosie, zaken waar Australië in ernstige mate mee te kampen heeft. Aan de hand van de permacultuurprincipes is het mogelijk een functioneel systeem te ontwikkelen met de veerkracht van een natuurlijk ecosysteem.

Gefascineerd door de „eetbare jungle” besluit de student een website te starten die mensen in staat stelt ook in Nederland met deze kennis aan de slag te gaan. De ontwerper van een permacultuursysteem moet bijvoorbeeld van tevoren goed bepalen hoe hij de meeste zon in zijn tuin krijgt en welke bomen als windkering kunnen dienen. Wie het slim aanpakt, kan zelfs van de omheining zijn vruchten plukken. De hazelaar vormt na een aantal jaar een dichte struik die prima als windkering kan dienen en levert ieder jaar een voorraad hazelnoten.

Goed voedsel leveren is niet het hele verhaal, Beerda kijkt ook naar schoonheid. „Hoge notenbomen, zoals de hickorynoot en de zwarte noot, vind ik persoonlijk het mooist. Ze kunnen heel oud en hoog worden en hebben stevige, volle kronen met bladeren. In de herfst geven ze genoeg noten om je de koude winter door te helpen.”

www.permacultuurnederland.org/planten.php

Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels