Drie jaar na zijn diplomering trouwt hij, op 24 november 1883 met Martha Flasche. Uit dit huwelijk worden in München twee zonen geboren, Rudolf junior en Eugen.
De colleges thermodynamica van professor Linde zetten Rudolf aan het denken. Die hoogleraar maakt duidelijk dat het rendement van de bestaande stoommachines amper 10 procent is; 90 procent van de energie gaat door de schoorsteen verloren.
Diesel vat daarom het plan op om een motor met een hoger rendement dan de stoommachine te ontwikkelen. Zijn idee is dat samengeperste lucht met ingespoten brandstof onder zeer hoge druk tot ontbranding kan komen. Hiervoor is geen vonk nodig, zoals bij een benzinemotor. Diesel vraagt in 1885 patent aan op zijn motor. Dat krijgt hij op 28 februari 1892. Het ontwerp van zijn motor publiceert hij in het boek ”Theorie en constructie van een rationeelen warmte-motor”.
Ongevaarlijk is zijn nieuwe motor niet. De eerste ontploft direct na het starten. Diesel overleeft dit ternauwernood.
Een belangrijke mijlpaal bereikt hij in 1894: Het eerste prototype van Diesels motor loopt één minuut op pindaolie. Een verbeterd prototype wordt gebouwd in de Maschinenfabrik Augsburg Nürnberg (MAN) in 1897.
Ook anderen willen van de uitvinding profiteren, ten koste van Diesel. Ene Herbert Akroyd Stuart beweert dat Diesel het idee van hem heeft gekopieerd. Na een aantal rechtszaken is Diesel in het gelijk gesteld en wordt zijn uitvinding bekend als de ”dieselmotor”.
Intussen verbetert Diesel de techniek. Een Amerikaanse bierbrouwer is de eerste commerciële gebruiker van zijn dieselmotor. De Gentse firma Carels verwerft in 1894 als eerste ter wereld een licentie voor de bouw van de motoren van Diesel.
De meest geschikte brandstof is dan nog niet bekend. Verschillende experimenten volgen met poederkool, pindaolie en dierlijk vet. Het best draait de motor op petroleum. Later wordt dat vervangen door een speciaal ontwikkeld aardolieraffinaat, dat dieselolie zou gaan heten.
Diesel geeft aan: „Mijn motor kan ook lopen op plantaardige olie. Het gebruik daarvan is nu misschien onbelangrijk, maar zal dat wel worden als petroleum en aardolie opraken.” Dat is een bruikbaar idee voor de 21e eeuw.
Met zijn uitvinding wil Diesel het werk van arbeiders verlichten. De eerste motoren worden vanaf 1897 ingezet als industriemotor, om machines in een fabriek aan te drijven. Vanaf 1912 worden dieselmotoren toegepast in treinen. De eerste motor voor het wegverkeer wordt pas in 1915 ingebouwd in een vrachtwagen van MAN. Mercedes-Benz presenteert in 1936 de eerste personenauto met een dieseltje.
Op reis van Antwerpen naar Harwich verdwijnt Diesel in de ochtend van 30 september 1913 onder verdachte omstandigheden van het stoomschip de Dresden. Hij is op weg om een nieuwe fabriek van Carels -de eerste licentiehouder- te openen. Mogelijk heeft Rudolf zelfmoord gepleegd; zijn financiële situatie was verre van rooskleurig. Er gaan echter ook andere geruchten: de Duitse geheime dienst wil verhinderen dat hij contact legt met de Britse regering.
De dieselmotor is lange tijd vrijwel alleen in gebruik als krachtbron voor vrachtauto’s. Dit komt omdat hij lawaaierig en traag is, maar hij levert wel veel trekkracht en een hoger rendement dan een benzinemotor.
Vergeleken met een benzinemotor heeft een dieselmotor meer schadelijke uitstoot van roetdeeltjes en stikstofoxiden. Hij wordt daarom uitgerust met een roetfilter. De uitstoot van koolstofdioxide door een dieselmotor is daarentegen lager dan die van een vergelijkbare benzinemotor.
Moderne ontwikkelingen rond de dieselmotor, zoals pompverstuivers en common rail, hebben het rijcomfort van een dieselauto aanzienlijk vergroot. Door de huidige brandstofprijzen staat de populariteit van de dieselauto wel onder druk.
Naam: Rudolf Christian Karl Diesel
Geboortedatum: 18 maart 1858
Sterfdatum: 30 september 1913
Nationaliteit: Duits
Religie: onbekend
Vernoeming: dieselmotor