Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep
  Algemeen

De ”schuddende verlamming”

 Parkinson

Parkinson

Ondanks grote verschillen bestaat er één overeenkomst tussen de Italiaanse dictator Mussolini, paus Johannes Paulus II en prins Claus: alle drie leden ze aan de ziekte van Parkinson. De hersenaandoening, die onder andere trillende ledematen en spierstijfheid tot gevolg heeft, werd door James Parkinson voor het eerst omschreven.
De wieg van deze Britse arts staat in Londen, waar hij in 1755 ter wereld komt. Hij volgt de voetsporen van zijn vader John Parkinson, die apotheker en chirurg is in de Britse hoofdstad. Tijdens zijn studie geneeskunde sterft zijn vader en neemt James de praktijk over. In 1783 trouwt hij met Mary Dale. Samen krijgen zij zes kinderen.

Een vriend van Parkinson, dr. Mantell omschrijft hem als volgt: „Parkinson was tamelijk klein van stuk, had een vriendelijk gezicht en aangename, hoffelijke manieren. Hij stond altijd klaar om iets mee te delen over zijn favoriete wetenschappelijke onderzoek of over andere zaken waar hij verstand van had.”

In 1817 geeft de Londense arts zijn ”Essay on the shaking palsy” uit, waarin hij, vrij vertaald, de ”schuddende verlamming” beschrijft. „Zo stil en bijna onmerkbaar doet deze ziekte zijn intrede, en zo extreem langzaam ontwikkelt de aandoening zich, dat het een zeldzaamheid is wanneer de patiënt zich het moment kan herinneren waarop de ziekte is begonnen.”

Parkinson observeert diverse patiënten die gemeenschappelijke symptomen hebben. De eerste is een hovenier van tussen de vijftig en de zestig jaar. De man krijgt extreme tremoren, trillingen in zijn linkerhand, die volgens hem veroorzaakt worden door overmatige inspanning bij zijn werk.

Een andere patiënt ziet hij slechts op straat voorbijkomen. De man wordt begeleid door een bediende, die hem zachtjes heen en weer wiegt. Als de bediende hem loslaat, loopt de man enkele stappen in een drafje, waarna de bediende hem weer opvangt, voordat hij voorover kan vallen.

Parkinson beschrijft vrij uitvoerig het verloop van de ziekte. Een eerste symptoom is een neiging tot licht beven aan een van de ledematen. De trillingen verergeren en breiden zich uit naar andere delen van het lichaam. Ze kunnen zo hevig worden dat de patiënt ’s nachts wakker schrikt.

Naar de oorzaken van de aandoening kan Parkinson slechts raden. Hij suggereert dat een onregelmatige leefwijze invloed kan hebben op het ontstaan ervan. Het bovenste gedeelte van het ruggenmerg raakt ontstoken of de zenuwen worden afgeklemd, zo vermoedt de arts. Lichamelijke zwakheid kan volgens hem geen reden zijn.

Versterkende medicijnen zijn dan ook geen goede medicatie, meent Parkinson. Hij past traditionele geneeswijzen toe, zoals aderlatingen en het plaatsen van bloedzuigers in de nek.

Een neuroloog in Parijs, Jean-Martin Charcot, vervolgt het onderzoek naar het ziekteverloop zoals Parkinson dat beschreven heeft. De aanduiding ”trillende verlamming” is volgens Charcot geen goede definitie van de ziekte, omdat het trillen niet altijd voorkomt. Hij stelt daarom in 1876 voor de aandoening ”de ziekte van Parkinson” te noemen. Pas in 1912 krijgt de ontdekker van de ziekte aandacht, als de Amerikaan J. G. Rowntree een artikel over hem schrijft in een medisch tijdschrift.

Een halve eeuw later, in 1953, ontdekken artsen de oorzaak van parkinson. Door het afsterven van zenuwcellen in de hersenen ontstaat er een tekort aan de stof dopamine. Dit bemoeilijkt de aansturing van de spieren.

Als gevolg hiervan ontstaan er motorische stoornissen, zoals trillingen, pijnlijke spierstijfheid en bewegingstraagheid. Ook krijgt de patiënt een starre gezichtsuitdrukking en loopt met schuifelende pasjes in voorovergebogen houding. De klachten verdwijnen niet meer en herstel is niet mogelijk, maar de ziekte verkort de levensverwachting niet.

Parkinson krijgt bekendheid door zijn beschrijving van deze aandoening. Ook om andere redenen maakt hij faam. Zo is hij lid van enkele geheime politieke sociëteiten. Onder invloed van de Franse Revolutie zet hij zich in voor gelijke rechten en sociale hervormingen. Onder de naam ”Old Hubert” schrijft hij politieke pamfletten voor een vreedzame revolutie. Hierdoor komt hij geregeld in conflict met de overheid. Een van de sociëteiten waarbij Parkinson bij betrokken is, zou een complot zijn om de Britse koning George III te vermoorden.

Samen met een aantal vrienden richt Parkinson de Geological Society of London op. Met zijn kinderen en vrienden trekt hij vaak de natuur in om fossielen te zoeken. Een van zijn vondsten krijgt de naam Parkinsonia parkinsoni. Ook publiceert hij het werk ”Organische overblijfselen van de vroegere wereld”.

Daarnaast is Parkinson medeoprichter van wetenschappelijke genootschappen voor geneeskunde en schrijft hij handboeken over scheikunde en paleontologie.

In 1824 krijgt Parkinson een beroerte, waardoor de gehele rechterkant van zijn lichaam verlamd raakt. Ook kan hij niet meer praten. Zijn zoon John William, die in Londen arts is, verpleegt hem met de grootste zorg. Parkinson overlijdt op 69-jarige leeftijd in zijn geboortestad.

Naam spectrum(u158(Susanne Rebel

Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Serie
    Vernoemd