Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

Vertrouwen op Vaderlijke leiding

 Foto Sjaak Verboom
 1 van 7  

Foto Sjaak Verboom

Populaire romans van Amerikaanse schrijvers domineren de laatste jaren de toptienen van de christelijke boekhandel. In die verhalen staat niet zozeer de zorg om het eeuwige zielenheil als wel de zorg om het dagelijks bestaan centraal. Hoe leidt God ons leven en onze liefdes, en hoe kunnen we aan Zijn hand vol vertrouwen de aardse toekomst tegemoet gaan?
De afgelopen maanden verscheen er, zoals gebruikelijk in de maanden voor Kerst, een flink stapeltje Amerikaanse romans op de markt. En het hoeft niemand te verbazen: de nieuwe titels van Lynn Austin, Linda Nichols, Linda Chaikin en consorten -allemaal vrouwelijke auteurs- prijkten meteen in de toptienen van de christelijke boekhandel. Zes van die boeken krijgen hier nadere beschouwing, zes romans die deze winter stuk voor stuk hun duizenden onder het christelijk lezerspubliek verslaan.

Levensleiding
De verhalen zijn op het eerste gezicht heel verschillend, de hoofdpersonen ook. Linda Nichols schrijft over een ongehuwde moeder die op zoek gaat naar haar verloren kind, Linda Chaikin over een Joods meisje dat aan de vooravond van de Russische Revolutie allerlei moeilijkheden het hoofd moet bieden. Het verhaal van Lynn Austin gaat over een meisje uit het victoriaanse tijdperk dat langzamerhand ontdekt wat ze met het leven en de liefde aanmoet, het boek van Rene Gutteridge over een agent van de geheime dienst die de mysterieuze gebeurtenissen uit zijn eigen verleden ontraadselen wil. Amy Wallace heeft het over een vrouw die haar gezin is kwijtgeraakt door een auto-ongeluk en de veroorzaker daarvan niet vergeven kan. En Wanda Brunstetter beschrijft een amishmeisje dat, na de dood van haar verloofde en problemen in haar familie, moet leren zich opnieuw open te stellen voor het leven en de liefde.

Maar hoe divers deze romans qua thema ook zijn, qua strekking vertonen ze verrassend veel overeenkomsten. Stuk voor stuk gaan ze over Gods zorg in de dagelijkse dingen, over levensleiding, over vergeving en uitredding in de noden van het bestaan. De hoofdpersonen ontdekken de zin van hun leven, ze leren hun zonden zien en belijden, vergeving vragen, hun medemensen vergeven. Ze leren vertrouwen en liefhebben.

Heel praktisch en concreet zien ze Gods genade aan het werk in hun eigen leven en vooral in hun eigen liefdesperikelen. En als aan het eind van het boek de hoofdpersonen elkaar in de armen vallen, is dat slechts het begin van een nieuw bestaan waarin ze aan Gods hand de toekomst tegemoet gaan, luisterend naar Zijn stem, hun persoonlijke roeping volgend, onbekommerd om alle zorgen en moeiten die de toekomst nog voor hen in petto heeft. Zoals de laatste pagina van Chaikins ”De vroedvrouw van Sint-Petersburg” treffend laat zien:

„„Er is hoop”, fluisterde ze. „Bij God is er altijd hoop.”

„Ja, wat zo duister en troosteloos lijkt, kan het begin zijn van de zonsopgang, zo niet voor Rusland, dan misschien voor ons. (…) Ergens en hoe dan ook zullen we door Gods genade onze belofte houden, Karina.”

„Tot dan”, fluisterde ze. (…)

Wat de revolutie en de oorlog hun ook zouden brengen, ze zou blijven denken aan zijn woorden van hoop op de zorg van God.”

Praktisch geloof
Die gedachtegang heeft iets heel moois. Dat praktische, dagelijkse leven met God, het besef dat Hij in Zijn voorzienigheid zelfs voor de kleinste dingen zorgt - dat is iets waaraan je je als lezer kunt spiegelen. Mocht je geneigd zijn het tijdelijke en het eeuwige van elkaar los te koppelen, dan zet deze lectuur je onvermijdelijk aan het denken. Hier geen ruimte voor gespletenheid: het geloof gaat niet alleen over het eeuwige behoud van de ziel, maar ook over de verheerlijking van God in het lichaam. Het is niet alleen iets voor in de kerk of op het sterfbed, het doordringt alle kleine, concrete dingen van het leven, alle beslissingen, alle keuzes. De hoofdpersonen ontdekken hun taak en roeping in het leven, ze verzoenen zich met hun vijanden, ze leren zichzelf verloochenen, ze oefenen zich -met vallen en opstaan- in liefde en overgave. Zo krijgt iedere aardse relatie een hemelse dimensie, zo wordt iedere aardse liefde een symbool van Gods liefde.

Maar hoe waar en leerzaam dat allemaal ook is, tegelijkertijd zit daar ook het zwakke punt van deze romans. Uiteindelijk zijn ze allemaal even optimistisch van toon, even hoopvol, even praktisch-daadkrachtig - en soms is dat erg vermoeiend. De romanpersonages kiezen ervoor om hun leven in Gods hand te geven, en vervolgens weten ze bijna vanzelf welke kant ze op moeten. Alsof het zo simpel is. Alsof geloven een kwestie is van ”kiezen en ervoor gaan”, alsof je zomaar Gods stem kunt verstaan en Zijn bedoelingen begrijpen.

Het Gods- en mensbeeld dat in deze verhalen naar voren komt, doet dan ook vrij ongecompliceerd en eenzijdig aan. Kort samengevat: Mensen zijn van nature zondig. Hoe verder ze van God vandaan leven, hoe meer fouten ze maken en hoe erger het misgaat. Maar God is genadig, een vriendelijke Vader Die als het ware op de uitkijk staat: Komt dit kind eindelijk naar huis? En als de beslissende keuze dan gevallen is, blijft Gods zorgende en beschermende hand ook verder over het leven van zo’n mens uitgestrekt.

Gebrokenheid
Dat alles is natuurlijk waar, en Bijbels, en troostvol. Maar toch is het geen volledig beeld. Het doet geen recht aan Gods onbegrijpelijkheid, heiligheid en soevereiniteit, het doet ook geen recht aan de menselijke onmacht en onwil, aan het bedrieglijke hart dat zelfs gelovige christenen met zich meedragen, aan de strijd tussen de oude en de nieuwe mens. Vanuit een wat doenerig ”kiezen voor God”, ”de deur van je hart openzetten” en ”de genade accepteren” vloeit een bijna vanzelfsprekend geloof voort, een geloof waarvan niemand ooit de echtheid in twijfel trekt. En dat geloof stelt dan in staat om te leven vanuit de liefde tot God en de naaste, in het vertrouwen dat alles uiteindelijk goed komt, het tijdelijke én het eeuwige.

Dat al te simpele en eenzijdige Gods- en mensbeeld leidt ook tot praktische problemen. Je kunt je namelijk afvragen hoe realistisch deze verhalen eigenlijk zijn, en wat het betekent voor het hier beschreven geloofsleven als er géén uitkomst komt voor de tijdelijke problemen. Als een aardse liefde ondergaat in pijn en wanhoop, betekent dat dan dat Gods beloften tekortschieten? Het is een vraag waar de schrijfsters van deze romans meestal niet goed uitkomen. Ze wijzen hun lezers op Gods voorzienigheid in menselijke relaties, en dat is een verdienste. Maar ze gaan te oppervlakkig om met het grote vraagstuk van de gebrokenheid, met het probleem van het lijden.

Niet dat er niet de verschrikkelijkste dingen gebeuren in het leven van de hoofdpersonen, maar hun uiteindelijke Godsvertrouwen is altijd gelinkt aan een gunstige wending van de gebeurtenissen. Terwijl de werkelijkheid toch is dat de dingen hier beneden niet altijd goed aflopen, zelfs niet voor gelovige christenen. Niet voor niets schrijven de Statenvertalers in hun inleiding op het boek Job „dat God hier de vromen voor het merendeel met zware straffen bezoekt, daarentegen de goddelozen hier dikwijls uiterlijk zegent.” Hoe dát kan, dat is de vraag waar veel christelijke romanschrijvers meer mee zouden kunnen worstelen. Het is niet hun taak om romantiek-volgens-vast-recept te leveren, ze moeten zich bezighouden met de realiteit - dat zijn ze verplicht aan hun levensovertuiging.


Ware liefde

Langzaam liepen de tranen over mijn wangen. God hield van me! Het was zo bijzonder. God was net zo bezorgd en vastbesloten mij te vinden als ik was geweest om mijn arme, verdwaalde tante Birdie. (…) Ik wist nog steeds niet hoe mijn toekomst zou zijn, maar ik was er zeker van dat als ik Thuiskwam bij mijn Hemelse Vader, ik alles in het leven aankon. Ik zou even goed mijn best doen om alles over Hem te leren als ik had gedaan om alle etiquetteregels van Madame Beauchamps te leren. Ik zou mijn 'roeping' ontdekken, zoals oma het noemde. Ik zou God dienen op de manier die Hij wilde.
Lynn Austin, "Ware liefde" (uitg. Voorhoeve)

Een nieuw begin
Al deze maanden was ze er zeker van geweest dat God haar vader niet langer kon gebruiken omdat hij zijn geheugen had verloren (…), maar nu besefte ze dat dat niet het geval was. (…) Zelfs nu haar vader dacht en handelde als een kind, had God hem gebruikt om haar te waarschuwen, wat haar leven had gered.

Op dat moment besefte Leona ook dat God, ondanks dat Hij toegestaan had dat er verschrikkelijke dingen in haar leven gebeurd waren, er altijd was geweest en Zijn liefde en vriendelijke genade had aangeboden. God wil niet dat ik bang ben om te leven en lief te hebben. Hij wil dat ik mijn vertrouwen op Hem stel.
Wanda E. Brunstetter, "Een nieuw begin" (uitg. De Groot Goudriaan)

De vroedvrouw van Sint-Petersburg

"En Karina", hij legde een arm om haar schouders, "het doet me verdriet als ik je nieuwe zorgen heb gegeven. Ik wil mijn nicht gelukkig zien, terwijl ze het werk doet waarvoor ze van God een gave heeft gekregen. Maar God verwacht ook van ons dat we behoedzaam handelen. We zijn in gevaar - als volk en als personen. Onze vijand is groter dan wij. Maar dat is geen reden voor wanhoop, want in de Messias zijn we door God aanvaard in de Geliefde. Toch moeten we voorzichtig zijn en niet ons oordeel laten overschaduwen door onze hoop."

Ze knikte en probeerde te glimlachen. Pas bij de slaapkamerdeur stond ze stil om oom Matveis woorden te overwegen. In de Messias zijn we door God aanvaard in de Geliefde!
Linda Chaikin, "De vroedvrouw van Sint-Petersburg" (uitg. Kok)

Stormvloed

"Het kan gewoon niet. Ons hele leven horen we over beloning en straf, over consequenties. Dus hoe kan dat dan allemaal opeens veranderd zijn? Het is gewoon een sprookje. Dat is wat mensen willen, dus hebben ze een godsdienst uitgedacht."

De predikant staarde Sammy in de ogen. "Nee, Sammy. Je zit ernaast."

"Hoezo?"

"Dat is niet wat de mens wil. De mens heeft altijd zijn eigen leven volledig in de hand willen houden, in staat willen zijn om zichzelf te redden… om macht te hebben en sterk genoeg te zijn om volmaakt te leven. Dus heeft God de mens de keuze gegeven - om onafhankelijk te worden en op eigen kracht te proberen van zijn zonden af te komen, of om zwak en nederig te worden en het ongelofelijke offer van Gods Zoon te accepteren als betaling voor zijn eigen zonden."
Rene Gutteridge, "Stormvloed" (uitg. Merweboek)

Zoeken naar Eden

"God neemt je zoals je bent. Het is niet zo dat jij jezelf klaar moet maken voor Hem. Alles wat je hoeft te doen is jezelf aan Hem geven. Als er iets gerepareerd moet worden, zal Hij dat doen. (…) Gewoon de deur van je hart openzetten en zeggen: "Jezus, kom binnen." Hij zal je vertellen wat je daarna moet doen."

Dorries ogen vulden zich met tranen. De dominee wachtte rustig. "Je hoeft niet alles te begrijpen", zei hij. "Ik heb jarenlang niet alles begrepen. Ik heb een paar dingen gedaan waar ik helemaal niet trots op ben, zelfs nadat ik Hem heb leren kennen. (…) Hij is een vergevende God. Een God van tweede en derde en honderdste kansen."
Linda Nichols, "Zoeken naar Eden" (uitg. Kok)

Kwetsbaar geluk

De zorgzame liefde van een moeder voor haar pasgeboren kind -Gods liefde voor haar- verdreef de angst die plaats moest maken voor een aarzelende verwachting voor de toekomst.

Er was echter nog één ding wat ze eerst moest doen, voordat ze die toekomst binnen stapte. Een deel van haar hart zat nog steeds stevig op slot. Ze wist niet goed hoe ze het slot moest openen om de deur weer helemaal open te zetten.

Maar ze had nu de sleutel. En Gods liefdevolle armen die haar vasthielden, haar troostten, voor haar zorgden en haar aanspoorden om verder te gaan en de consequenties daarvan aan Hem over te laten.
Amy Wallace, "Kwetsbaar geluk" (uitg. Den Hertog)

Dit is de tweede aflevering in de serie ”Christen en roman”. Volgende week deel 3: Nederlandse populaire fictie.


Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Serie
    Meer uit deze rubriek