De uitgever heeft er een heel mooi boek van gemaakt. De woorden van de mensen die geïnterviewd zijn, zijn afgedrukt op mooi, helder papier en in een prettig leesbaar lettertype. Sprekende foto’s verluchtigen de tekst. Echt een fraaie uitgave. Wie komen erin aan het woord?
Marusja Aangeenbrug heeft de volgende personen geïnterviewd: Ad Simonis, Nel Luuring-Bernard, Willem Aantjes, Riet Grabijn-van Putten, Jan en Jannie Seeleman-Verhoef, Willem Hendrik Velema, Elizabeth Schneider, Anne van der Bijl, Carl Diederich Israël en Inge Lievaart. Sommigen van hen genieten bekendheid in de gereformeerde gezindte, anderen zullen onbekenden zijn.
Allen doen ze hun verhaal over hun omgang met het Woord van God en over die van het Woord met hen. Boeiend is het om te lezen wat het Woord van de Heere in het leven van deze mensen heeft gedaan en betekent. Het is Marusja gelukt om deze mensen echt aan het woord te krijgen over de zeggingskracht van Gods Woord in hun leven. En zo komen ze eigenlijk allemaal tot een openhartige getuigenis over de invloed van de Bijbel.
Al lezende zijn er veel dingen in de interviews die herkenning oproepen. Zo vertelt kardinaal Simonis bijvoorbeeld dat hij een keer Mattheüs 11:25 las. Hij zegt ervan: „Een prachtige tekst, die ik allang kende, maar nu las ik hem ineens alsof hij nieuw was”. Veel Bijbellezers zullen dit herkennen. Herkenbaar is het ook als Simonis zegt dat hij in een heel moeilijke periode van zijn leven veel aan een Bijbeltekst gehad heeft. Heel jammer vind ik dan dat ik in het interview met hem op pagina 16 een zin tegenkom als „Wat in het scheppingsverhaal staat, is niet precies zo gebeurd, maar het is wél echt waar.” Het spijt mij zeer dat de Schriftkritiek dus blijkbaar ook bij Simonis ingang gevonden heeft.
Vrouwenlidmaatschap SGP
Ook in de andere interviews komen aansprekende gedeelten voor. Heel mooi vind ik het verslag van het gesprek met mijn oud-leermeester prof. W. H. Velema. Ik herken hem helemaal in wat hij zegt en stem ook van harte in met zijn woorden. Zomaar een zin die blijft hangen: „Ik heb veel van God ontvangen. Hij heeft mij heel veel laten zien in de Bijbel.” De foto’s van prof. Velema die bij zijn verhaal staan, zijn karakteristiek. Heel mooi! Het raakt je als prof. Velema ook heel open vertelt over het verlies van zijn vrouw en wat dat nog steeds voor hem betekent. Velen zullen zich erin herkennen.
Bij het verhaal van Anne van der Bijl denk je soms: Wat heeft deze broeder ontzettend veel mogen doen. Er staan zelfs passages in het interview met hem waarvan ik denk: Zou het écht zo gegaan zijn? Zo sprong Van der Bijl op een zondag een keer uit de bus die door Praag reed om naar de kerk te gaan (pagina 149). Volgens zijn zeggen heeft hij die zondag in vijf (!) kerken van Praag gesproken. Hoe krijg je dat voor elkaar, denk ik dan. Maar goed, het staat er en het zal wel zo zijn.
Ontroerend is het verhaal van Riet Grabijn-van Putten. We kennen haar in verband met haar optreden binnen de SGP en hebben daar misschien zo onze gedachten bij, maar in dit boek treffen we haar levensverhaal aan. Wat heeft deze zuster veel meegemaakt in haar leven, en wat is haar weg nog zwaar! Zelf zegt ze ervan dat ze het gevoel heeft dat ze voor het verlies geboren is. Ik heb me wel afgevraagd of haar verhaal over haar optreden inzake het vrouwenlidmaatschap van de SGP in dit boek thuishoort. Het heeft in elk geval weinig met de titel en het onderwerp te maken. Aan de andere kant is het wel weer interessant om te lezen waarom deze zuster tot dit optreden kwam. Het maakt indruk als Grabijn aan het einde van haar verhaal belijdt dat de psalmregel ”Want beter dan dit tijdelijk leven is Uwe goedertierenheid” al jaren tot haar spreekt.
Brood
Nel Luuring-Bernard was een weduwe van bijna negentig toen ze werd geïnterviewd. Inmiddels is ze overleden. Een lieve vrouw die getuigt van de zorg van de Heere voor haar, ook na het overlijden van haar man en van haar beide volwassen dochters, en van de steun die ze heeft aan Zijn Woord. Haar lievelingspsalm was Psalm 23 en een tekst uit dat lied stond dan ook op haar rouwkaart. Op haar grafsteen staat ”Psalm 23”.
Willem Aantjes is een oude broeder van 86 uit Haastrecht die heel wat in zijn leven heeft meegemaakt. Op een ontroerende en tere wijze vertelt hij daarover en over de kracht van het Woord van God die hij ervoer als er stormen door zijn leven joegen. Een uitspraak van hem is: „Hoe langer je leeft, hoe meer de Bijbel tot je gaat spreken.”
Het echtpaar Seeleman is een fris en vriendelijk echtpaar op leeftijd uit Baambrugge. Ze laten in hun woorden iets doorschemeren van het gedachtegoed van de gereformeerden van het oude stempel.
Elizabeth Schneider is een bescheiden zendingsdiacones. Ze heeft in haar leven veel voor anderen mogen betekenen. In het interview met haar lezen we welke rol het Woord van heeft gespeeld bij de roeping tot haar werk en tijdens de uitvoering van haar werk.
Ook Carl Diederich Israël is al op leeftijd (89). Ook in zijn gang door het leven heeft het Woord van de Heere telkens invloed gehad. Het laatste hoofdstuk bevat het interview met de dichteres Inge Lievaart. Zo teer als ze in haar gedichten is, zo teer is ze ook in dit interview. Heel mooi. Ze zegt dat ze het als haar taak ziet om in haar gedichten met weinig woorden te laten voelen wie God is. In het interview laat ze voelen wie God voor haar persoonlijk is. Zijn Woord is haar brood, belijdt ze.
Voegt dit boek wat toe aan de duizenden boeken die al over de Bijbel geschreven zijn? Ik denk het wel. In dit boek geven elf mensen heel openhartig aan wat het Woord van de Heere voor hen heel persoonlijk heeft betekend. In dat opzicht voegt het wat toe aan alle andere boeken over de Bijbel. In dit boek zien we levensecht getekend wat God door Zijn Woord in het leven van mensen doet. En dat is leerzaam om te lezen. Zeker voor onze jongeren!