Mevrouw Schilder (90), woonzorgcentrum Nebo, Zwijndrecht
„Wat ziet Annette er leuk uit. Dat rokje is wel erg kort natuurlijk, maar als geheel is het erg aardig. Mij zou het niet meer staan. Haha. Maar zeker met die dikke kousen staat het haar goed.
Ik hou erg van mooie kleren. Altijd gedaan. Toen mijn kinderen klein waren, kreeg ik vaak complimentjes dat ze er zo leuk uitzagen. Ik liet voor de meisjes vaak jurkjes maken. Van boven gesmokt.

Toen ik jong was, was er weinig geld voor kleren. We waren met z’n negenen, ik had drie zussen boven me. Alles wat ik aanhad, waren afdankertjes. Bij ons golden strakke regels wat kleding betreft. Een lange rok, dat was het. Ja, ook in mijn tijd waren er korte rokjes in de mode. Maar ik heb toch nooit behoefte gehad me tegen de regels van mijn ouders af te zetten. Dat deed je gewoon niet.
Nu draag ik nog steeds lange rokken, vaak effen, donkerblauw of bruin. Erboven draag ik veel blauw. Dat heeft altijd m’n voorkeur gehad. Blauw staat me goed.
Ik koop nu zelden meer wat. Ik ben de laatste jaren niet zo veel aangekomen of afgevallen, dus het past me allemaal nog wel. Er is hier in Nebo weleens een verkoping. Ik geloof dat Warring dan komt en dan kun je kiezen wat je wilt hebben. Ik ga niet zo vaak meer het huis uit, daarom draag ik eigenlijk altijd pantoffels. Die lijken wel een beetje op de laarzen van Annette. En ze zitten zo te zien net zo lekker.”
Annette Levering (16), Zwijndrecht
„Een oma in zo’n kort rokje als ik aan heb? Ik zie het al voor me. Nee, dat zou niet passen. Een oma hoort omakleren te dragen. Een lange rok. Of een jurk. Dat past gewoon beter. Misschien doe ik dat als ik zo oud ben ook wel hoor. Zie ik er hetzelfde uit als mevrouw Schilder. Zij zegt zelf nooit korte rokken te hebben gedragen, maar ik weet dat veel oudere mensen van nu, ook bij ons uit de kerk, dat vroeger wel deden. Dat zie je wel op oude foto’s.

Ik vind het net als haar belangrijk om er leuk uit te zien. Een beetje kleurig, verzorgd. Ik vind de kleur die ze draagt fris. Blauw staat heel goed bij haar ogen. Voor mij zou die kleur niets zijn.
Ik hou van mooie kleren, maar het is niet zo dat ik ’s morgens uren voor de kast sta te dubben wat ik aan moet. Ik heb een vriendin die dat wel doet. Die belt me dan ’s avonds al op wat ze ’s morgens aan zal trekken. Ik pak gewoon wat, hoewel ik natuurlijk wel een beetje oplet of het leuk is. Het moet bij elkaar staan.
Ik draag eigenlijk nooit kleren van anderen af, zoals mevrouw Schilder vertelt. Ik ben ook het oudste meisje, dat scheelt denk ik. Ik winkel niet vaak, maar als ik ga, sla ik meteen goed in. Mijn ouders betalen m’n kleding. Maar soms koop ik ook iets zelf. Dan vindt m’n moeder bijvoorbeeld dat ik al zo’n soort rokje heb. Ook aan m’n laarzen heb ik meebetaald. Dat zijn echte Ugg’s. Veel vriendinnen hebben ze van een namaakmerk. Maar ik vond deze mooier. Ze zijn heel warm, want er zit bont in. En ze zitten heerlijk als ik in de winter naar school moet fietsen.”