Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep
  Algemeen

Bidden voor de beloning

 De bezoekers van de as-Soennah-moskee in Den Haag sluiten zich aaneen tot strakke rijen.

De bezoekers van de as-Soennah-moskee in Den Haag sluiten zich aaneen tot strakke rijen.

Zijn leven wordt gedomineerd door het ritme van vijf keer bidden per dag. Hij luistert naar een preek in het Arabisch, maar spreekt de taal zelf nauwelijks. Hij is jong en neemt zijn geloof uiterst serieus. Met een Marokkaanse jongere mee naar de moskee.
Twee uur is het tijdstip voor het vrij­ daggebed. Dé gelegenheid voor iedere moslim om de moskee te bezoeken, zeker als je daar door de week niet of nauwelijks aan toegekomen bent. „Kom langs bij mij thuis”, nodigt Mo­hammed Belarbi me uit na een ge­sprek in de Haagse Spoorwijk. „Dan
gaan we samen.”

Als ik bij de 27‑jarige moslim aan­ kom, ben ik wat te vroeg. Na de twee­ de keer bellen, gaat boven een raam­pje open. Het is Mohammed, in bad­jas en met natte haren. „Even wach­ten!” roept hij. Om er meteen veront­schuldigend aan toe te voegen: „Mijn vrouw.”

Wanneer hij even later gekleed en wel de deur opendoet, heeft hij twee blikjes energiedrank in zijn hand – al­coholvrij natuurlijk. Terwijl we naar de moskee lopen, verklaart hij zich nader over zijn vrouw. „Wij geloven dat de vrouw alleen voor haar man bedoeld is. Dus als ik onder de douche sta, zit zij alleen in de kamer. Dan is het voor haar niet geoorloofd met een vreemde man te spreken.”

De vrouw van Mohammed gaat ge­sluierd over straat. Haar zomaar aan­ spreken is er niet bij. „Om dat te doen, moet je wel een heel goede re­den hebben.” Alleen nabije familiele­ den die niet met haar kunnen trou­wen, zoals broers en ooms, en natuur­lijk kleine jongetjes, mogen samen met Mohammeds vrouw zijn. „Allah heeft gezegd dat de heerlijkheid van de vrouw alléén voor haar man is. Daarom moet zij ook gesluierd over straat gaan.”

Het horloge van Mohammed begint plots te piepen. „Zie je? Het is tijd”, lacht hij, terwijl hij de piep afzet. Op het schermpje staat de tijd waarop een moslim behoort te bidden. Dezelfde tijden die de profeet Mohammed han­teerde; slechts de behulpzame tech­niek is nieuw. „Deze horloges zijn wel duur”, licht Mohammed me in, „maar de tijden kloppen altijd. Zo weet je in ieder geval zeker dat je het gebed niet vergeet.”

Plat op de grond

Bij de as‑Soennah‑moskee aan de Fruitweg in de Schilderswijk, juist buiten de Spoorwijk, is het druk. En­kele honderden –mannelijke– mos­lims hebben zich al verzameld en zit­ten tegen de muur of midden in de le­ge ruimte op de grond, de benen ge­kruist. Vrouwen zijn in geen velden of wegen te bekennen. Ook Mohammed zet zich neer, nadat hij zich heeft ge­reinigd in de toiletruimte en zijn ge­bed heeft gedaan. Het gebed behelst een hele ceremonie. Eerst staand, de
armen gekruist. Dan voorovergebo­gen, de gestrekte armen rustend op de knieën. Ten slotte met het gezicht plat op de grond. En dan begint het weer pnieuw.

De moskee heeft nauwelijks versie­ringen. Het gebouw lijkt wel wat op een grote, lege gymzaal. Hier en daar staan rekken met koranuitgaven en andere Arabischtalige stichtelijke wer­ken. Dan begint de dienst, die, zoals gebruikelijk, volledig in het Arabisch plaatsheeft. „Ik begrijp er ongeveer 70 procent van”, zegt Mohammed als ik hem ernaar vraag. Voor veel jongeren is dat nog een stuk minder.

De as‑Soennah‑moskee wordt vooral door Marokkaanse immigranten be­zocht, in de meeste gevallen zijn dat Berbers uit het noordelijke Rifgeberg­te. Voor deze groep allochtonen is Arabisch niet hun moedertaal, maar de taal van de moskee. In de ortho­doxe gebedshuizen is het verplicht de koranverzen en de citaten uit de over­ levering in het Arabisch ten gehore te brengen. Ook de preek zelf is vrijwel altijd in het Arabisch, al wordt regel­matig voor een Nederlandstalige sa­menvatting gezorgd.

Oncomfortabel

Ik begrijp er dan ook niets van als de imam met zijn preek begint. Een half­ uur, drie kwartier duurt de preek, die, zo blijkt achteraf, over gedrag ging. Hoe moet een moslim omgaan met ongelovigen? In ieder geval gastvrij. Sommige bezoekers kijken me welis­waar wat vreemd aan, maar niemand vraagt wat ik hier te zoeken heb. Ik krijg bewondering voor de volharden­ de houding van de meeste moskee­ gangers, die onafgebroken in dezelfde houding blijven zitten, met de benen gekruist. Ik krijg kramp in mijn kui­ten en waag het mijn benen voorzich­tig op te trekken. Ook mijn rug pro­testeert tegen het ontbreken van iede­re vorm van een leuning.

Gezongen wordt er niet gedurendede samenkomst, of het moet de imam zelf zijn, die tijdens de preek regelma­tig koranteksten reciteert op een zan­gerige, klaaglijke toon. Het is dezelfde stijl als de bekende oproep tot het ge­bed, die ook ditmaal voor de preek heeft geklonken.

Op tijd komen is in de as‑Soennah‑moskee niet van het grootste belang. Gedurende de preek druppelen voort­durend mensen binnen, die eerst een persoonlijk gebed doen en dan gaan zitten op een leeg plekje van het tapijt. Dan is het tijd voor het gebed. Het vrijdagmiddaggebed is belangrijker dan de andere gebeden. „Het is een religieuze plicht aanwezig te zijn”, legt sjeik Fawaz uit. „Door erbij te zijn, heb je in principe je plicht al gedaan.”

De bezoekers schuifelen wat en slui­ten zich aaneen tot strakke rijen. De imam daalt van zijn verhoging af en gaat de moskeegangers voor. Als de mannen op hun gezichten ter aarde liggen, is het stil. Geleund tegen de achterwand zie ik een zee van gekniel­de mannen in strakke rijen, allemaal onbeweeglijk en plat op de grond als omgevallen dominostenen. De grote ruimte lijkt leeg. Het is een indruk­ wekkend gezicht.

Sandalen

De meeste bezoekers houden het na afloop weer snel voor gezien en zwer­men uit over de wijk. Ook Moham­med maakt aanstalten om te vertrek­ken. In de hal trekken we onze schoe­nen aan – of sandalen, zoals de meeste moslims. Zou dat ook met het mos­keebezoek te maken hebben? Ze zijn in ieder geval stukken sneller klaar dan ik met mijn geveterde dichte schoenen.

Peinzend loop ik terug naar de Spoorwijk. As‑Soennah weet jongeren te trekken, dat is duidelijk. „Iedere week komen hier wel nieuwe jongeren in de moskee”, zegt sjeik Fawaz. „On­der hen zijn ook veel Nederlanders.” Waardoor voelen ze zich aangetrok­ken?

Op het Haagse Ledeganckplein, bij de bushalte, neem ik afscheid van Mo­hammed. Hij staat erop, hartelijk als altijd, te wachten totdat mijn bus komt. Dat duurt niet lang. Als ik even later wegrijd, zie ik hem richting de moskee sloffen. Tijd voor zijn avond­gebed.

Tien hasanaat per letter

Op de website van moskee as‑Soen­nah, www.al‑yaqeen.com, beant­woordt sjeik Fawaz Jneid allerlei vra­gen, ook die over geloofszaken.

Vraag: Mijn moeder kent slechts drie verzen uit de Koran en gebruikt dus alleen deze tijdens het gebed. Is dit erg, of moet zij er meer bijleren? Antwoord: Alle lof zij Allah en vrede en zegeningen zij met Mohammed. Haar gebed is correct, zelfs als zij slechts Soerat al‑Faatihah zou recite­ren (soera al‑Faatihah is de ”Opener”, de eerste soera van de koran, die slechts uit zeven verzen bestaat, JH). Het is echter beter dat zij, voorzover zij daartoe in staat is, meer verzen bij­leert, omdat dit tot het verrichten van goede daden behoort. En Allah weet het beter.

Vraag: Ik kan niet goed Arabisch le­zen en begrijpen, vandaar dat ik het boek ”De Edele Koran” heb gekocht. Mijn vraag luidt: Als ik uit dit boek lees, krijg ik dan evenveel hasanaat als wanneer ik de Koran in het Arabisch lees?
Antwoord: Alle lof zij Allah en vrede en zegeningen zij met Zijn Bood­schapper. Als je niet in staat bent de Koran te lezen, dan kun je het beste hiernaar luisteren. Wat betreft het le­zen van de vertaling van de Koran, dit valt onder het opdoen van kennis waarvoor men ook beloond zal wor­den maar weliswaar niet met de be­
loofde beloning van tien hasanaat per letter. En Allah weet het beter.

„Orthodoxe variant”

De moskee as‑Soennah aan de Fruit­weg in Den Haag staat bekend als de radicaalste moskee van Den Haag en trekt veel jonge moslims. Veel bezoe­kers van de moskee noemen zich sala­fisten, ofwel: moslims die willen te­rugkeren naar de zuivere vorm van de islam. Daarbij horen ook aanspraken op politieke, wereldlijke macht. Het is bekend dat extremistische moslims als Mohammed B. regelmatig de as‑Soen­nah‑moskee bezochten. Toch moet daarbij gezegd worden dat ze in de moskee nooit vonden wat ze zochten: de officiële leer van as‑Soennah be­helst onder meer een verwerping van gewelddadige activiteiten in Neder­land.

Tegelijkertijd is de moskee een van de meest radicale in Nederland. Sjeik Fawaz kwam in 2002 in opspraak toen hij Allah in een gebed vroeg af te reke­nen met zijn vijanden. „Reken af met Bush en de zijnen. Reken af met Sha­ron en zijn soldaten.” Mede vanwege die uitspraken houdt de AIVD de moskee in de gaten, blijkt uit een rap­portage.

De inrichting van de as‑Soennah‑moskee is sober. „Het gaat er om de verkondiging”, zegt de Nederlandse ex‑priester Hisham, die zich enkele ja­ren geleden tot de islam bekeerde en als imam regelmatig voorgaat. His­ham woont zelf in Spijkenisse, maar bezoekt as‑Soennah regelmatig. „Je zou de moskee kunnen aanduiden als de reformatorische variant in de isla­mitische wereld”, denkt hij. „Het gaat om wat je persoonlijk doet voor het geloof. Allerlei versieringen zijn daar niet voor nodig.”

Volgens sjeik Fawaz trekt de moskee veel bekeerlingen. „Zij horen hier een boodschap die hen aanspreekt. Als Amerika Irak aanvalt, ga ik dat niet goedpraten in mijn preken. Als het gaat over het islamitische geloof, wil­len wij geen water bij de wijn doen. Maar de bezoekers horen ook dat ze het recht niet in eigen hand mogen nemen.”


Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels