God geeft een duidelijke regel: seksuele gemeenschap is alleen toegestaan binnen het huwelijk. Mits gekoppeld aan liefde en trouw kan seksualiteit echte vreugde en vrede schenken.
Helaas zien we in de wereld om ons heen dat seksualiteit los verkrijgbaar is, zonder liefde en zonder trouw. Deze wereldse moraal dringt onze gezinnen binnen en vindt een aanknopingspunt in ons zondige hart.
Kinderen zullen later ervaren dat seksualiteit een drift is. Is dit krachtige verlangen eenmaal wakker gemaakt, dan moeten onze tieners weten wat de Bijbel hierover zegt. Ze moeten weten waarom ze die seksuele drift moeten beheersen.
Bij veel jongeren is dit niet het geval. Hun geweten spreekt niet als ze foute wegen opgaan. Het is toch lekker, dus waarom zou je er niet van genieten? Dit laat zien dat het gesprek over seksualiteit heel erg nodig is. Het liefst zo jong mogelijk. Want hoe eerder kinderen op de hoogte zijn van de technische details, hoe meer tijd ouders hebben om de Bijbelse waarde van seksualiteit door te geven. Het geweten wordt namelijk vooral in de kinderjaren gevormd.
Doorgaand gesprek
Het gebeurt nogal eens dat ouders ertegen aanhikken om ’het’ te vertellen. Ze stellen het gesprek uit, omdat seksualiteit voor henzelf taboe is.
Ouders zouden er echter niet zo’n grote hobbel van moeten maken. Ik noem het ook liever seksuele opvoeding in plaats van voorlichting geven, want seksuele opvoeding wijst op een doorgaand gesprek. Dat gesprek kan al beginnen als de kinderen nog klein en onbevangen zijn.
Als ouders zelf normaal met dit gesprek omgaan, zal seksualiteit voor kinderen geen beladen onderwerp worden. Een paar voorbeelden.
- In elk gezin is maandverband. Peuters zijn nieuwsgierig en vragen wat het is. Leg het eenvoudig uit. „God heeft een vrouw zo gemaakt dat er een kindje in haar buik kan groeien. Maar een vrouw is niet altijd in verwachting. Toch wordt er in haar buik een kamertje klaargemaakt voor het geval er een kindje gaat groeien. Als er geen kindje komt, moet het kamertje worden schoongemaakt. Eens per maand gebeurt dat. Om te zorgen dat de onderbroek schoon blijft, leggen vrouwen er een verbandje in.”
- Een peuter gaat zijn eigen lichaam verkennen. Hij ontdekt dat het aanraken van zijn geslachtsorganen plezierig is. Ouders zullen hieraan grenzen stellen. Sommige lichaamsdelen zijn privé. Ook anderen hebben privéplaatsen die je niet mag aanraken. Ouders maken hiermee duidelijk dat intieme plaatsen niet publiek zijn.
- Een kleuter wordt zich ervan bewust dat meisjes en jongens verschillend zijn. Ze spelen doktertje, waarbij de broek naar beneden gaat. Hun ontdekkingsspel is begrijpelijk, want ze zijn nieuwsgierig. Vaak voelen ze zelf behoorlijk aan dat dit niet goed is; ze doen het niet voor niets stiekem. Haak aan bij dat schaamtegevoel. „Jij weet best dat een ander jou niet zomaar mag bekijken, hé? Dat klopt ook. God wil niet dat anderen jou bloot zien. Dat is echt voor jou zelf. Het is jouw eigen geheim.”
- Er is iemand zwanger. Leg eenvoudig uit hoe het kindje in de buik komt. God geeft een kindje omdat vader en moeder veel van elkaar houden. Die liefde laten ze merken door elkaar te knuffelen. Ze willen zo dicht bij elkaar zijn dat ze ook de kleren uitdoen en zich niet meer schamen. Je weet dat een vrouw een kamertje in haar buik heeft. Om een kindje te laten groeien, moet er een zaadje van de man in komen. Noem de geslachtsdelen zoals je dat normaal ook doet. Laat merken hoe wonderlijk God alles heeft gemaakt. Hij wil dat een kindje een vader en een moeder heeft!
- Licht kinderen in over kinderlokkers zodra ze zonder toezicht op straat spelen. Maak het concreet. „Die vriendelijke man of vrouw is helemaal niet meer aardig als er niemand meer kijkt. Die doet je broek naar beneden en raakt je overal aan. Dat is heel erg, want God wil dat helemaal niet. Daarom mag je nooit met iemand meegaan zonder het aan mij te vragen.” Wees niet te vaag, want kinderen zijn echt heel naïef. Herhaal regelmatig je waarschuwing.
Schuttingtaal
Onwetend nemen kinderen schuttingtaal in de mond of steken de middelvinger op. Leg uit wat daarmee wordt bedoeld en vertel dat God iets veel mooiers met ons lichaam voorheeft.
Lees voorlichtingsboekjes samen met je kind. Lees ze zelf ook regelmatig, zodat je zelf een voorbeeld hebt.
Als je van jongs af aan open spreekt over de voortplanting, hoef je geen moment te zoeken waarop het hoge woord eruit moet. Als kinderen een jaar of zeven, acht zijn, neemt de kans op informatie van buitenaf behoorlijk toe. Voor die tijd zou je op een natuurlijke manier al informatie moeten geven. En zo moeilijk hoeft dat niet te zijn als je de gelegenheden te baat neemt.
Vanaf de tijd dat kinderen zijn voorgelicht, heb je de mogelijkheid om het geweten in te kleuren. Kijk daarvoor om je heen. De billboards van Sloggi bijvoorbeeld: „Zou God willen dat je zo op de foto staat?” Geef door wat God wel en niet goed vindt.
Ook tijdens het Bijbellezen kom je gedeelten tegen die met seksualiteit te maken hebben: over de reinheid rond de menstruatie en na een natte droom (Lev. 15), over het huwelijksleven, over seksuele wantoestanden. Leg eenvoudig uit wat wordt bedoeld.
Wacht niet op vragen van je kind, maar begin zelf het gesprek. Kijk daarbij altijd of een kind ervoor openstaat en of je aandacht hebt. Spreek met jonge kinderen niet over allerlei emoties, maar houd het feitelijk. In de tienerleeftijd kunnen de emotionele en sociale kanten aan bod komen.
Sarina Brons-van der Wekken is psychologe en moeder van drie kinderen.
Literatuurtips
- ”Mam, waar was ik toen?” door Ineke van Herk-van Rijssel (binnenkort herdrukt) (4-7 jaar)
- ”Alleen voor jongens”/”Alleen voor meisjes” door Judith Janssen-van den Barg (9-12 jaar)
- ”Kijk, dat ben ik!” door A. Teerds-Gertenbach (voor jongens en meisjes van 10-13 jaar)
- ”Kijk eens naar jezelf” door Sarina Brons-van der Wekken (12-16 jaar)
- ”Niet los verkrijgbaar” door Sarina Brons-van der Wekken: (+16 jaar)