„Koop nooit iets voor de volle prijs”, adviseert de Amerikaanse christenjournalist Alissa Clark. „Deze regel heb ik van mijn moeder geleerd toen ik nog heel jong was. Zij is een van die bijzondere mensen die een winkel uit kunnen lopen met tassen vol met spullen waarvoor de manager van de winkel hun heeft betaald om ze mee te nemen.”
Op internet is allerlei wijze raad voor besparingen op kledinggebied te vinden. Het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) verschaft praktische tips voor geldbesteding op allerlei terreinen; zo ook rondom kleding. Onder het kopje ”Omgaan met geld” op de website staan adviezen voor ouders om hun kinderen te leren verantwoord geld uit te geven.
Verleiding
Persoonlijker tips duiken op via discovery.nl. „Koop nooit iets voor de volle prijs”, adviseert de Amerikaanse christenjournalist Alissa Clark. „Deze regel heb ik van mijn moeder geleerd toen ik nog heel jong was. Zij is een van die bijzondere mensen die een winkel uit kunnen lopen met tassen vol met spullen waarvoor de manager van de winkel hen heeft betaald om ze mee te nemen.” En: „Bepaal wat je nodig hebt. Toen ik laatst mijn kast doorkeek, realiseerde ik me dat ik zes -ja zes!- zwarte shirtjes heb. Ik blijf maar zwarte shirtjes kopen. Ik heb geen zwarte shirtjes meer nodig. Dus die heb ik van mijn lijstje afgestreept en ik zal een lange tijd geen zwarte shirts meer kopen.”
Hier en daar laat een christen op het wereldwijde web zijn twijfels merken over de bedragen die hij of zij uitgeeft aan kleding. Zoals Victor Dupon van gebedsbroeders.nl. „Misschien heb jij het ook wel. Wanneer je mooie kleding ziet, wil je die graag hebben. De prijs wordt dan telkens minder belangrijk. Het is een soort van verleiding, waar ik iedere keer weer intrap. Als ik in mijn klerenkast kijk wat ik niet meer draag, dan kan ik zeggen dat ik een dief van mijn eigen portemonnee ben. Ik voel me wel eens de verloren zoon die erop los leeft van zijn erfenis (Lucas 6). Ik ben geen goede rentmeester van mijn geld.” En: „Wij kijken vaak hoe iemand er uit ziet. Maar God kijkt naar het hart. Waarom is het voor ons zo lastig om dit beeld voor ogen te houden?”
De vraag rond rentmeesterschap stelt ook Time to turn uit Utrecht, een christelijk jongerenproject dat mensen stimuleert om verantwoord om te gaan met het milieu, en materialisme te vermijden. De organisatoren: „Jezus Christus heeft ons niet opgeroepen om vaker naar de kerk te gaan, met twee woorden te spreken en christelijke armbandjes te dragen, maar om voor de armen te zorgen, vrede te stichten en ons niet te laten verleiden door rijkdom. Zo simpel ligt het.”
Rode stipjes
Jenny van de Berg (24) is sinds januari lid van het kernteam van Time to turn. „Tot voor kort moest mijn kleding leuk zijn en goedkoop”, vertelt ze. „Inmiddels zijn er een paar criteria bij gekomen. Het prijskaartje vind ik niet het belangrijkste meer. Als een kledingstuk 4 euro kost, kan het haast niet anders of er hebben kinderen meegewerkt aan de productie. Ik zeg ook eerder: Nu is het genoeg.”
Als je duurzame kleding zomaar wilt tegengekomen op straat, moet je wel heel erg je best doen, vertelt Jenny. „Ik zoek er via internet naar. De afgelopen tijd heb ik ook vaak tweedehands spullen gekocht bij een kringloopwinkel in Zwolle. Ik kocht er bijvoorbeeld twee leuke bloesjes, een rood-wit geblokt en een wit met rode stipjes, van 7,50 en 10 euro.” Normaal geeft Jenny maandelijks tussen de 50 en de 60 euro uit aan kleding.
Sasja de Ruiter, die in werkelijkheid anders heet, komt van reformatorischen huize. Zij stelt geen budget vast voor kleding voor haar gezin. „Ik houd dat gewoon niet bij. Ik heb geen idee hoeveel wij gemiddeld besteden. Kinderen hebben zo vaak iets nodig. Dan zijn het colletjes, dan weer sokjes, dan maillots.” Wel zit ze op dit moment in een zuinige fase: zij en haar man kochten eind vorig jaar een nieuw huis, en ze moeten nog even wennen aan de hypotheek. Ze hebben vier kinderen, twee meisjes van acht en vier jaar en twee jongens, van zes en drie.
Lintjes
„Ik loop nu geen winkels binnen. Dat scheelt een stuk. Ik koop gerust bij Zeeman en bij Wibra. Voor mezelf vond ik daar pas een leuke spijkerrok voor 7 euro - en bij de kassa bleek hij zelfs 3,50 euro te kosten: hij was voor de helft. Dat is mooi. Ik ga graag in de uitverkoop winkelen.”
Naar de grotere, bekende refozaken gaat Sasja „beslist niet” heen. „Ik kocht er voor mijn oudste dochtertje eens een pakje. Het was een bloes met allemaal lintjes die ze nooit graag heeft gedragen, en een heel gewoon ruitrokje waar iedereen mee loopt. Het kostte rond de 300 euro. Je ziet de prijs er niet aan af. Met duurdere kleding doe je misschien langer, als je alles keurig volgens het voorschrift wast en zo, maar toch gaat dat lang niet altijd op.”
Of ze zich er ooit in heeft verdiept waar goedkope kleding vandaan komt, en wie die maakt? „Nooit. Wat ik ook koop, ik was het lekker met mijn eigen wasmiddel, waarmee het echt van jezelf wordt, en hang het daarna mooi in de kast.”