Bezoek ook andere websites van de Erdee Media Groep

Motor achterin zorgt voor achtergrond­muziek

 Marco Verheij bij zijn Kever.
 1 van 11  

Marco Verheij bij zijn Kever.

Wie: Marco Verheij (28) uit Boskoop, werkzaam als administratief medewerker bij Stabiplan.
Wat: „Een Volkswagen 1200 uit 1965. Alle Keverbouwjaren kennen hun eigen model, die elk op details van elkaar verschillen. Binnen de Luchtgekoelde Volkswagen Club Nederland duiden we een Kever aan met een jaartal. We weten dan in grote lijnen over welke versie we praten. Verwarrend genoeg gebruikte Volkswagen soms restpartijen onderdelen van eerdere versies. De aanduiding Kever is overigens een bijnaam. De auto’s werden officieel vernoemd naar hun motorinhoud, bijvoorbeeld 1200 en 1300. Mijn klassieker is een zogeheten exportmodel. Dergelijke auto’s waren bestemd voor Amerika, waar de eisen voor bijvoorbeeld koplampen en richtingaanwijzers strenger waren dan in Europa. Kenmerkend voor mijn Kever is de forse chromen bumper met opstaande rand.”

Verliefd omdat: „Iedereen in onze familie rijdt Volkswagen. Een Kever is opvallend qua model, maar eenvoudig wat de uitvoering betreft, een echte no-nonsense-auto. Toen ik in 1999 mijn roze papiertje kreeg, ben ik samen met mijn broer Ewout op zoek gegaan naar een klassieker. Mijn broer vond toen een Volkswagen 1300 uit 1969. Ik was destijds student en vond een goede Kever nog te duur. Kort na mijn trouwen heb ik de 1200 gekocht. Gelukkig is mijn vrouw enthousiast over oude auto’s. Ook onze kinderen Jelle (4) en Anne-Roos (2) zijn met het klassiekervirus besmet. Als ze mogen kiezen of we de moderne auto of de Kever pakken, kiezen ze altijd voor de laatste. Ik kan Jelle geen groter plezier doen dan een stukje met de Kever te rijden of hem er even in te laten zitten. Hij is altijd verontwaardigd als ik de klassieker ’s avonds zonder zijn medeweten naar de stalling heb gebracht.”

Dagelijks gebruik, toertocht of garage? „We gebruiken de Kever vrijwel dagelijks voor woon-werkverkeer en voor toertochten. Als ik boodschappen doe, krijgt het onderstel van de kinderwagen een plekje op het bagagerek op de achterklep. Ik vind de auto comfortabel en stap er ook na een lange rit niet gebroken uit. Binnenin is het knus. Je zit dicht bij elkaar en praten gaat gemakkelijk omdat de stoelen geen hoofdsteunen hebben. De motor achterin zorgt voor achtergrond­muziek. Met een snelheid net onder de 100 kilometer per uur rijdt de Kever het lekkerst. Afgelopen zomer trokken we bijna twee weken door de Alpen, overdag passen rijden en ’s nachts kamperen. Zo’n tocht is relaxed; een berg met haarspeldbochten neem je met een snelheid van 30 kilometer per uur, harder lukt niet. Afremmen in de bochten is daardoor niet nodig. Hoogtepunt van deze reis vormde de rit over de Grossglockner Alpenstrasse, de plek waar de eerste Kevers in de jaren dertig uitvoerig zijn getest.”

Nagekeken op straat? „Bijna iedereen heeft wel iets met een Kever. De leukste reactie was die op de Autobahn in Duitsland. Een man in een dikke Mercedes remde af, kwam naast ons rijden, stak zijn duim op en ging er daarna in volle vaart vandoor.”


Dossier:
Verstuur dit artikel naar:
 *
 *
 *
 *
 
Knipsels
    Meer uit deze rubriek